Wel­lens toont bla­ken­de con­di­tie met ze­ge in GP van Wal­lo­nië

Met zijn over­win­ning in de GP van Wal­lo­nië snoer­de Tim Wel­lens de mo­ge­lij­ke kri­tiek op zijn WK­se­lec­tie de mond.

De Standaard - - Sport - BRAM VANDECAPELLE

NA­MEN I Lang na zijn ploeg­maats te­ken­de Tim Wel­lens het start­blad in Chaudfon­tai­ne, ver voor die­zelf­de ploeg­maats en de rest van het deel­ne­mers­veld be­reik­te hij de aan­komst op de Cita­del van Na­men. Door de pers­bab­bel en de do­ping­con­tro­le mist­te hij zijn vlucht naar Ni­ce, maar dat was ook de eni­ge smet op de per­fec­te dag voor Tim Wel­lens, die zijn vijf­de ze­ge van het sei­zoen pak­te.

‘Dit is geen WorldTour­koers, maar je moet nog al­tijd sterk zijn om hier te kun­nen win­nen. Ik weet al een tijd­je dat ik zeer goed ben. In Mon­tré­al was ik bij de bes­te drie van de koers. Niet dat ik zeg dat ik be­ter was dan Sa­gan en Van Aver­maet, maar ik was echt su­per. In de laat­ste ron­de viel ik eens aan en nie­mand kon vol­gen’, zegt Wel­lens.

Ge­slaag­de test

Ook zijn ploeg, Lot­to­Soud­al, ken­de een aar­dig dag­je. Met Tony Gal­lo­p­in op plaats twee en Tiesj Be­noot als vier­de had­den ze bij­na het per­fec­te po­di­um­plaat­je te pak­ken om hun twin­tig­ste ze­ge in een UCI­koers van 2017 ex­tra kleur te ge­ven. ‘Ik maak­te een fout­je in de laat­ste twee­hon­derd me­ter. Ik liet mij wat in­slui­ten in de bin­nen­bocht, waar­door Si­mon en niet ik der­de werd’, zucht­te Be­noot.

Na knap werk van sta­gi­airs Ma­thi­as Van Gom­pel en Emiel Plan­ckaert en ver­vol­gens schift­werk van Ni­ko­las Maes, deed Be­noot de koers ont­plof­fen op de Cô­te de Lus­tin, op 27 ki­lo­me­ter van de meet. Dy­lan Teuns moest diep gaan om hem te kun­nen vol­gen, even la­ter maak­ten ook Lo­ïc Vlie­gen, Dy­lan Teuns en Tim Wel­lens de over­stap. Toen ook Gal­lo­p­in aan­sloot, had Lot­to­Soud­al een over­tal, waar Wel­lens van pro­fi­teer­de door op 17 ki­lo­me­ter van de meet weg te snel­len. Teuns en voor­al Ba­ke­lants pro­beer­den nog de kloof te dich­ten, maar de vo­gel was gaan vlie­gen.

Met Wel­lens op één, Be­noot op vier en Teuns op zes leg­den de drie aan­we­zi­ge WK­Bel­gen een ge­slaag­de test af. ‘Tim zei al snel dat hij een su­per­dag had. Het was mijn taak om de koers open te bre­ken. Ik deed dat goed en fors. Pri­ma. Op het WK wacht mij de­zelf­de taak. De koers hard ma­ken. Net als ik ook in Richmond deed’, zegt Be­noot.

De Dron­ge­naar en ook Teuns schik­ken zich zon­der mor­ren in hun rol on­der de kop­man­nen Van Aver­maet en Gil­bert. Maar wat met Wel­lens, die dui­de­lijk over zijn bes­te be­nen van het sei­zoen be­schikt. ‘Tim is zeer sterk. Zo­als hij nu rijdt, zie ik hem op het WK ver ge­ra­ken’, zegt Jan Ba­ke­lants. ‘Wat zijn rol moet zijn? Dat ze het on­der el­kaar uit­vech­ten.’ Ook Be­noot moest la­chen op de vraag of de­ze Wel­lens zich wel moet schik­ken naar een die­nen­de rol op het WK? ‘Dat moet je hem zelf vra­gen.’

‘Ui­ter­aard zal ik zal ik mij schik­ken naar de or­ders van de bonds­coach’, zegt Wel­lens. Ik ken mijn taak trou­wens al. De he­le ploeg rijdt in dienst van Greg en

Phil. Ik dus ook. Ik zal niet van­af ki­lo­me­ter nul moe­ten wer­ken. Ik ga an­ti­ci­pe­ren. Zo­veel is ze­ker.’

Na zijn vijf­de plaats in Qué­bec en de twaalf­de plaats in Mon­tré­al be­wees de Lim­burg­se Mo­ne­ga­sk gis­te­ren in ie­der ge­val dat hij op het WK niet uit de toon zal val­len. ‘Het WK is nog wel 60 ki­lo­me­ter lan­ger dan hier, maar ook die af­stand heb ik on­der de knie. Ik heb de voor­bije we­ken ex­tra lan­ge trai­nin­gen in­ge­last, vaak zelfs lan­ger dan de 276 ki­lo­me­ter van in Ber­gen’, zegt Wel­lens die wel nog nooit een koers won die lan­ger was dan 225 ki­lo­me­ter.

Of het dan niet jam­mer is dat hij die goe­de be­nen op het WK niet zelf zal kun­nen ver­zil­ve­ren? ‘Nog­maals. Ik schik mij in de hi­ë­rar­chie’, re­a­geert Wel­lens. ‘Het pal­ma­res van Gil­bert en Van Aver­maet is nog steeds van een an­de­re or­de dan dat van mij. Maar als je mij vraagt of er een kans is dat ik we­reld­kam­pi­oen word, dan moet ik toch ja zeg­gen. Als ik aan­val en de fa­vo­rie­ten kij­ken naar el­kaar, dan weet je nooit.’

● Zwa­re val Baug­nies ­ Al na 50 ki­lo­me­ter werd de GP van Wal­lo­nië ste­vig op­ge­schrikt. Jé­rô­me Baug­nies was in een af­da­ling te­gen een paal­tje ge­botst en kwam daar­bij zwaar ten val. De 30­ja­ri­ge Oost­Vla­ming van Wan­ty­Grou­pe Go­bert werd af­ge­voerd met een trau­ma­he­li­kop­ter naar het zie­ken­huis van Luik. ‘Jé­rô­me was nooit bui­ten be­wust­zijn, maar zijn oog zag er niet goed uit en hij ant­woord­de niet. Voor­lo­pig lijkt de scha­de nog mee te val­len. Hij liep een ge­bro­ken rug­gen­wer­vel op en werd met­een ge­o­pe­reerd”, meld­de ploeg­lei­der Hi­lai­re Van Der Schu­e­ren.

‘De kans dat ik we­reld­kam­pi­oen word? Die be­staat, ja’

Uit­slag: 1. Tim WEL­LENS (Lot­to Soud­al) 212.1 km in 5u26’00” (gem.: 39.037 km/u); 2. Tony Gal­lo­p­in (Fra) 1’22”; 3. Ju­lien Si­mon (Fra) 1’23”; 4. Tiesj Be­noot; 5. Jan Ba­ke­lants 1’25”; 6. Dy­lan Teuns 1’28”; 7. Jel­le Va­nen­dert 1’37”; 8. Gi­an­lu­ca Bram­bil­la (Ita); 9. Bjorg Lam­brecht; 10. Lo­ïc Vlie­gen

Tim Wel­lens wint so­lo op de Cita­del van Na­men: ‘Ik weet al een tijd­je dat ik zeer goed ben.’ © photo news

Newspapers in Dutch

Newspapers from Belgium

© PressReader. All rights reserved.