Tram 8, op sa­fa­ri door het re­gen­woud

S Met een on­be­ken­de snel­heid van Het Zuid naar Wom­mel­gem

Gazet van Antwerpen Metropool Stad - - Nieuws Uit Uw Stad - DA­NIEL CAMPAERT

Het DNA van stad her­ken je aan de tram­lij­nen. Geen ge­heim is vei­lig voor de spo­ren van een tram. Ie­de­re lijn ver­telt een an­der ver­haal. De hal­tes zijn dan kom­ma’s, cliff­han­gers on­der­weg, en de ter­mi­nus is het punt. Wij na­men de tram en spoor­den naar het avon­tuur. Der­tien lij­nen lang, naar 26 eind­hal­tes.

De eind­hal­te van tram 8, Het Zuid, klinkt vaag. Een ter­mi­nus die de naam draagt van een gan­se buurt vraagt om ver­gis­sin­gen. Dat mer­ken we wan­neer we aan Het Zuid af­stap­pen, op de Bo­li­var­plaats naast het nieu­we jus­ti­tie­pa­leis, en on­ze tram ver­vol­gens ver­der­rijdt.

“Jul­lie ook?”, grijnst de man naast ons. En hij schudt me en­thou­si­ast de hand. “Mijn naam is Mor­gan en ik ben ook te vroeg van de tram ge­stapt.” Hij maakt een ge­baar naar het vlin­der­pa­leis ach­ter ons. “Maar wat een schit­te­rend ge­bouw en wat een prach­ti­ge lo­ca­tie. Ant­wer­pen mag best wat meer mo­der­ne ge­bou­wen heb­ben die ar­chi­tec­tu­raal iets na­la­ten voor het na­ge­slacht. In plaats van al die blok­ken­do­zen die over­al het­zelf­de zijn. De­ze buurt leeft ten­min­ste. Hier hoor en voel je de stad brui­sen.” Hij wijst naar de Bo­li­var­plaats. “Kijk maar. Dit plein kan even­goed in Pa­rijs lig­gen. Met al die ca­fé- en res­tau­rant-ter­ras­sen en het ver­keer dat er toe­te­rend zijn weg zoekt.”

En net ter­wijl we mee­kij­ken, knalt een ro­de Cit­ro­ën par­does te­gen een tram aan. De klei­ne au­to wordt mee­ge­sleurd, me­ters ver over het plein. Op de trap­pen van het jus­ti­tie­pa­leis kij­ken de ad­vo­ca­ten toe. Ge­luk­kig valt er en­kel blik­scha­de te no­te­ren. Een me­de­wer­ker van Le­van­to wat ver­der aan het Ve­lo­sta­ti­on schudt zijn hoofd. “Hier moet je al­tijd uit­kij­ken”, waar­schuwt hij. “De Bo­li­var­plaats is een druk en ge­vaar­lijk kruis­punt. Voor­al met de trams, die hoor je niet al­tijd aan­ko­men. Het is als een trein die op sok­ken rijdt. Ik ben een re­gu­la­tor van de fiets­sta­ti­ons.” De man haalt zijn schou­ders op. “Ik zorg dat er aan elk Ve­lo­sta­ti­on al­tijd vol­doen­de fiet­sen te vin­den zijn. En staat het vol, zo­als hier, dan laad ik een aan­tal fiet­sen op mijn vracht­wa­gen en breng ze naar een sta­ti­on waar te wei­nig Ve­lo’s zijn. Trou­wens, dankzij de dis­pat­ching op mijn ra­dio kan ik de si­tu­a­tie in gans de stad in re­al­ti­me op­vol­gen. Zo blijf ik de he­le dag be­zig, el­ke dag op­nieuw.”

Ter­mi­nus Zuid, bis

Plots mer­ken we hoe een tram 8 het plein haast ge­ruis­loos op­rijdt. We rep­pen ons naar de hal­te waar Mor­gan nog steeds op ons wacht.

“De tram is er”, knikt hij over­bo­dig. “Hij is te vroeg, of mis­schien te laat. Af­han­ke­lijk van hoe je het uur­roos­ter be­kijkt. En daar kan je over kla­gen en za­gen, maar dat heeft geen zin, er ver­an­dert toch niets. Wach­ten op de tram is en blijft de-

sastreus in Ant­wer­pen. Ze­ker nu de zo­mer­re­ge­ling geldt.”

De ter­mi­nus van tram 8 op Het Zuid ligt een hal­te ver­der dan het nieu­we jus­ti­tie­pa­leis. Het is een nieu­we eind­hal­te die deel uit­maakt van het re­or­ga­ni­sa­tie­plan dat De Lijn voor­ziet voor het gan­se tram­net­werk. Dat plan ver­loopt in fa­ses, ge­spreid over een jaar tijd, en die fa­ses heb­ben al­le­maal ver­tra­ging. Ook de com­mu­ni­ca­tie over de werk­zaam­he­den loopt niet be­paald op wiel­tjes. Dat mer­ken we wan­neer on­ze tram stopt aan de nieu­we ter­mi­nus. Al­le pas­sa­giers aan boord blij­ven zit­ten.

“Dit is de eind­hal­te”, roept de be­stuur­der om. “Ie­der­een moet er hier af.” En dat blijkt mak­ke­lij­ker ge­zegd dan ge­daan. The­o­re­tisch moet de­ze ter­mi­nus, aan de over­kant van de Ko­nij­nen­wei en op een gras­vlak­te tus­sen de Mon­tig­ny- en de Bre­dero­de­straat, sinds ju­ni een keer­lus en over­stap­plaats zijn waar bus­rei­zi­gers uit de Ru­pel­streek vlot­jes op de tram naar de stad kun­nen stap­pen of om­ge­keerd. Maar in de prak­tijk valt dat wel te­gen. De eind­hal­te is een bouw­werf waar geen en­ke­le pas­sa­gier graag af­stapt. De rei­zi­gers doen het dan ook mor­rend. Het per­ron waar­op je be­landt, loopt bo­ven­dien ner­gens naar­toe en ein­digt in een zand­vlak­te vol grep­pels en put­ten. Ie­der­een helpt ge­luk­kig ie­der­een: een heer met een rol­la­tor wordt let­ter­lijk naar het voet­pad ge­dra­gen en een ou­de­re da­me hangt aan on­ze arm ter­wijl we over het gras lo­pen. “Als het af is, zal hier mooi zijn”, zegt ze. En daar heeft ze vol­ko­men ge­lijk in. Zo­wel de Bre­dero­de- als de Mon­tig­ny­s­traat zijn hip en tren­dy aan het wor­den. Je vindt er win­kels en krui­de­niers bij de vleet, en de ho­ge­school die in de ou­de koek­jes­fa­briek is ge­ves­tigd, zorgt voor een ge­zel­li­ge druk­te op de plein­tjes waar de ter­ras­sen al­le­maal vol zit­ten.

“On­ze troef en be­lang­rijk­ste re­cla­me is de vers­heid van on­ze pro­duc­ten. Men­sen proe­ven niet al­leen kwa­li­teit, het is ook het bind­mid­del dat klan­ten doet weer­ke­ren. Dus ja, het win­kel­aan­bod op de­ze lo­ca­tie is be­perkt, ons win­ke­liers­co­mi­té telt let­ter­lijk één han­de­laar, maar de klant die komt is al­tijd ko­ning. En we zijn het eni­ge pa­leis in de buurt.”

MOR­GAN Staat op tram 8 te wach­ten aan de ter­mi­nus op Het Zuid “Ant­wer­pen mag best wat meer mo­der­ne ge­bou­wen heb­ben die ar­chi­tec­tu­raal iets na­la­ten voor het na­ge­slacht. In plaats van al die blok­ken­do­zen die over­al het­zelf­de zijn. De­ze buurt leeft ten­min­ste. Hier voel je de stad brui­sen.”

Tram 8, ter­mi­nus Wom­mel­gem

Wij de­den er met tram 8, van Het Zuid naar Wom­mel­gem, 35 mi­nu­ten over. Cij­fers over de pre­cie­ze leng­te van het tra­ject, als­ook de ge­mid­del­de snel­heid, zijn voor­lo­pig ner­gens te vin­den. Wel wordt de tram over­al aan­ge­kon­digd als snel­tram tus­sen het zui­den van de stad en de park & ri­de in Wom­mel­gem. Al­leen het ver­trek van­uit hal­te Zuid ver­loopt nog aar­ze­lend en schok­kend. Maar eens voor­bij de Bo­li­var­plaats vindt tram 8 zijn twee­de adem. Als Froo­me spurt hij over de Lei­en en duikt voor­bij de Na­ti­o­na­le Bank ge­zwind de nieu­we me­tro­ko­ker in. Pas in Deur­ne komt hij weer bo­ven en rijdt zich vast op de He­ren­tal­se­baan. Heel even tem­pert het ge­juich en ge­ju­bel bij de rei­zi­gers. Pas op de Flo­rent Pau­wel­s­lei ont­bindt tram 8 op­nieuw al zijn dui­vels. Het lijkt of de nieu­we Al­ba­tros­tram zijn stal in Wom­mel­gem ruikt. Als een vlek aan de an­de­re kant van de ra­men, zoeft de stad voor­bij. En dan moet de kers op de taart nog ko­men. Voor­bij de tun­nel on­der de E313, aan het be­gin van de Rug­ge­veld­laan, remt de tram plots. Het is de laat­ste hal­te voor de ter­mi­nus en al­le me­de­rei­zi­gers stap­pen af. Links ligt het Ri­vie­ren­hof, rechts wacht een wil­de jun­gle vol bos en struik­ge­was. We wor­den even stil wan­neer de tram naar rechts draait. Un­heim­lich kiest de 8 zijn weg het oer­woud in. De spo­ren lei­den niet, maar ver­dwij­nen ge­woon in de na­tuur. On­ze tram is op sa­fa­ri door het Ant­werp­se re­gen­woud. Ner­gens zien we stra­ten en ner­gens lo­pen men­sen. En­kel twee ko­nij­nen tus­sen het ho­ge gras kij­ken even ver­baasd als wij. Hon­derd me­ter ver­der rijdt de tram voor­bij een ru­ï­ne. Een kas­teel met ven­sters zon­der ra­men, dak­pan­nen vol ga­ten en zwart­ge­bla­ker­de mu­ren. Hier heeft het dui­de­lijk ge­brand, zon­der dat de brand­weer het wist. Tram 8 ver­volgt zijn weg. Lang­zaam nu, en be­dacht­zaam. In het Wil­de Wes­ten weet je maar nooit. Is dat een ree daar tus­sen de bo­men? Of een pan­ter in de scha­duw? Maar aan het mooie ver­haal komt ab­rupt een ein­de. De strui­ken en het bos ma­ken plaats voor open ruim­te. Er doemt een keer­lus voor ons op in het mid­den van een stuk­je step­pe. Dit is de ter­mi­nus van de tram, de eind­hal­te waar we moe­ten af­stap­pen. En dat is wel even slik­ken. Zeld­zaam is de plek waar de grens tus­sen stad en land­schap zo hoor­baar is als hier. We staan aan het rond­punt van Wom­mel­gem, als naast een muur van ver­keer.

Shop­pen naast de fi­le

De tram stopt aan de ver­keer­de kant van de ro­ton­de. Al wat we kun­nen doen, is over­ste­ken op ei­gen ri­si­co. We kun­nen ook langs­zij naar de par­kings van de park & ri­de wan­de­len, of kie­zen voor de eni­ge win­kel in het la­ge ge­bouw­tje op­zij van het rond­punt. ‘Groen­ten en fruit Cools’ kleu­ren de woor­den bo­ven de ge­vel. En op bor­den naast de weg staan koop­jes aan­ge­prijsd: ‘nec­ta­ri­nes: 2 ki­lo voor 5 eu­ro’ en ‘pot­grond drie zak­ken: 6 eu­ro’. Wie het wil le­zen van­uit de wa­gen moet min­stens drie keer rond de ro­ton­de rij­den. Maar daar krijg je al­le tijd voor: ‘Open 7 op 7, en 24 uur non stop’, ver­telt een bord wat ver­der.

Op de deur bij het bin­nen­gaan klinkt dat en­thou­si­as­me mil­der: open van 9 tot 18u. Aan de lan­ge toog vol rij­pe vi­ta­mi­nen is het aan­schui­ven ge­bla­zen. “Het is hier al­tijd druk”, ver­telt Sa­bri­na, die er werkt. “Men­sen die hier nog nooit ge­weest zijn, vra­gen zich vaak af wie zich de moei­te ge­troost om groen­ten en fruit te gaan ko­pen in een win­kel pal naast het rond­punt in Wom­mel­gem, aan de op- en af­rit­ten van de au­to­stra­de dan nog wel. Maar je ziet dat schijn be­driegt. Blijk­baar is de­ze lo­ca­tie de Meir voor el­ke rij­den­de shop­per on­der­weg. En je zou er­van ver­steld staan hoe­veel men­sen de pro­mo­ties heb­ben ge­le­zen die op de bor­den ver­meld staan. Als­of men ze uit het hoofd leert of er een foto met de smartpho­ne van neemt. We heb­ben klan­ten die wer­ke­lijk van over­al ko­men. Som­mi­ge zijn eerst in de stad gaan win­ke­len en ha­len hier nog pro­vi­and al­vo­rens ze met de au­to weer naar huis rij­den. An­de­re klan­ten ko­men met de tram of met de wa­gen tot hier, om­dat ze de kwa­li­teit van on­ze pro­duc­ten bo­ven die van hun lo­ka­le su­per­markt ver­kie­zen. En de laat­ste groep be­zoe­kers zijn Ant­wer­pe­naars die op reis ver­trek­ken of men­sen die net Ant­wer­pen be­zocht heb­ben en nog nood heb­ben aan een ge­zon­de hap voor on­der­weg. On­ze troef en be­lang­rijk­ste re­cla­me is de vers­heid van on­ze pro­duc­ten. Men­sen proe­ven niet al­leen kwa­li­teit, het is ook het bind­mid­del dat klan­ten doet weer­ke­ren. Dus ja, het win­kel­aan­bod op de­ze lo­ca­tie is be­perkt, ons win­ke­liers­co­mi­té telt let­ter­lijk één han­de­laar, maar de klant die komt is al­tijd ko­ning. En we zijn het eni­ge pa­leis in de buurt.”

FOTO'S JORIS HERREGODS

De ba­na­nen kos­ten slecht 0,99 eu­ro­cent per ki­lo de­ze week. Fruit­markt Cools, aan de ter­mi­nus in Wom­mel­gem, ont­vangt er klan­ten van al­ler­lei plui­ma­ge.

Een me­de­wer­ker is be­zig met het bij­vul­len van de fiet­sen van het Ve­lo­sta­ti­on. “Een tram is als een trein die op sok­ken rijdt”, zegt hij.

Mor­gan is te vroeg af­ge­stapt en staat te wach­ten op tram 8. “De Bo­li­var­plaats zou even­goed in Pa­rijs kun­nen lig­gen”, vindt hij.

Een ro­de Cit­ro­ën is aan­ge­re­den door een tram op de Bo­li­var­plaats op Het Zuid. “Hier moet je al­tijd uit­kij­ken”, waar­schuwt ie­mand ons.

Sa­bri­na werkt in Fruit­markt Cools, waar de klant al­tijd ko­ning is. “On­ze be­lang­rijk­ste troef is de vers­heid van de pro­duc­ten.”

Newspapers in Dutch

Newspapers from Belgium

© PressReader. All rights reserved.