De Bel­gi­sche Revolutie

Hoe de va­ders van Bel­gië el­kaars po­li­tie­ke vij­an­den wer­den.

Alles over Geschiedenis - - Inhoud -

Hoe de va­ders van Bel­gië po­li­tie­ke vij­an­den wer­den.

Verraad tij­dens de Bel­gi­sche Revolutie

Toen de Vlaam­se jour­na­list Louis de Pot­ter op 28 sep­tem­ber 1830 Brus­sel in reed, bruis­te de stad van op­win­ding. Na bij­na twee jaar ge­van­ge­nis­straf en bal­ling­schap werd hij door de Brus­sel­se be­vol­king in tri­omf ont­haald. Op de Gro­te Markt ston­den meer dan twin­tig­dui­zend men­sen hem op te wach­ten. Door de uit­zin­nig jui­chen­de me­nig­te kon hij maar met moei­te het stad­huis be­rei­ken, waar hij warm werd ont­van­gen door de le­den van het re­vo­lu­ti­o­nai­re Voor­lo­pig Be­wind. Nog geen twee da­gen eer­der had­den de Brus­se­la­ren het Ne­der­land­se re­ge­rings­le­ger de stad uit ge­jaagd. On­danks zijn af­we­zig­heid was De Pot­ter de held van de revolutie ge­wor­den. Tij­dens zijn toe­spraak tril­de zijn stem van emo­tie. Zijn droom voor een on­af­han­ke­lij­ke Bel­gi­sche re­pu­bliek leek nu wel heel dicht­bij. Vol hoop zou hij zich bij het Voor­lo­pig Be­wind voe­gen, maar de re­pu­bliek zou er nooit ko­men. Want ach­ter de scher­men span­den zijn met­ge­zel­len al sa­men om de volks­held bui­ten­spel te zet­ten.

In 1830 was het Ver­e­nigd Ko­nink­rijk der Ne­der­lan­den nog maar vijf­tien jaar oud. Het nieu­we land was be­dacht tij­dens het Con­gres van We­nen, en be­stond uit Luxem­burg en de voor­heen ver­deel­de Ne­der­lan­den. On­der lei­ding van Wil­lem I, de eer­ste ko­ning van het huis Oran­je-Nas­sau, moest het een mach­ti­ge buf­fer­staat wor­den tus­sen de su­per­mach­ten Frank­rijk, En­ge­land en Prui­sen. Al snel zou blij­ken dat de­ze aarts­con­ser­va­tie­ve prak­tijk van land­ver­de­ling ho­pe­loos uit de tijd was. Er zou­den in Eu­ro­pa nog ve­le na­ti­o­na­lis­ti­sche re­vo­lu­ties vol­gen, zo­als in Ita­lië, Grie­ken­land en Po­len.

Toch was na­ti­o­na­lis­me niet wat de Bel­gen dreef tot een op­stand. Van een eens­ge­zind ‘Bel­gisch volk’ dat zich aan een bui­ten­land­se over­heer­ser ont­wor­stel­de was geen spra­ke. De zui­de­lij­ke Ne­der­lan­den wa­ren een smelt­kroes van ver­schil­len­de groe­pen die zich ie­der op hun ei­gen ma­nier be­na­deeld voel­den door de nieu­we, nog­al des­po­ti­sche en hals­star­ri­ge ko­ning. De Bel­gi­sche eli­te, die ook in Vlaan­de­ren Frans­ta­lig was, voel­de bij­voor­beeld niets voor het be­leid van Wil­lem I om het Ne­der­lands over­al de of­fi­ci­ë­le voer­taal te ma­ken. De ka­tho­lie­ke gees­te­lijk­heid moest ook niets heb­ben van de pro­tes­tant­se ko­ning, ze­ker toen Wil­lem I hen het mo­no­po­lie in het on­der­wijs af­nam ten gunste van se­cu­lie­re, Ne­der­lands­ta­li­ge scho­len. Hoe­wel er geen spra­ke was van be­wus­te dis­cri­mi­na­tie, zorg­de Wil­lems be­leid er bo­ven­dien voor dat de Bel­gen on­der­ver­te­gen­woor­digd wa­ren in de over­heid, de Sta­ten-Ge­ne­raal en de le­ger­lei­ding.

In­tus­sen was ook de ge­wo­ne be­vol­king on­te­vre­den, maar om heel an­de­re re­de­nen. In de ste­den heerste enor­me wer­ke­loos­heid, om­dat veel han­den­ar­bei­ders hun werk ver­lo­ren door het ge­bruik van ma­chi­nes. Bo­ven­dien in­de de re­ge­ring van Wil­lem I be­las­tin­gen die voor­al

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.