Kim Jong-il: De Ge­lief­de Lei­der

Alles over Geschiedenis - - Het Huis van Kim -

Het jaar 1994 was mis­schien wel het erg­ste voor Noord-Ko­rea sinds het ont­staan van de staat 45 jaar eer­der. Het land werd ge­teis­terd door een tragische hon­gers­nood (het re­sul­taat van een ramp­za­li­ge com­mu­nis­ti­sche plan­eco­no­mie), en voel­de de ef­fec­ten van het uit­een­val­len van de Sov­jet-Unie, waar­door de Rus­si­sche steun was weg­ge­val­len. En toen stierf ook nog Kim Il-sung, de va­der van de na­tie.

Voor het eerst zag het Wes­ten de mas­sa­le rouw die zo ken­mer­kend is ge­wor­den na de dood van de be­lang­rijk­ste Noord-Ko­re­aan­se lei­ders­fi­gu­ren. Het land – dat eco­no­misch aan de grond zat en waar een groot deel van de men­sen hon­ger leed – ging een of­fi­ci­ë­le con­fu­ci­aan­se pe­ri­o­de van drie jaar van na­ti­o­na­le rouw in.

In die tijd werd Kim Jong-il, zo­als ver­wacht, uit­ge­roe­pen tot ‘Ge­lief­de Lei­der’, be­last met het tre­den in zijn va­ders voet­spo­ren. De­ze taak was zo groot dat Jong-il de twee­de lei­der van het land werd ge­acht en de over­le­den Il-sung – die nu ge­bal­semd in een tom­be in een enorm mau­so­le­um in het cen­trum van Py­o­nyang lag – de ti­tel van ‘Eeu­wi­ge Pre­si­dent’ kreeg toe­be­deeld.

Toen Il-sung in de ja­ren 1980 zijn oud­ste zoon had aan­ge­we­zen als zijn op­vol­ger ging de per­soon­lijk­heids­cul­tus ma­chi­ne in­de hoog­ste ver­snel­ling. Al snel was er geen en­ke­le Noord-Ko­re­aan meer te vin­den die de ge­schie­de­nis van Jong-il niet ken­de. Hij zou naar men be­weer­de ge­bo­ren zijn op de Pae­ktus­an, de hoog­ste en hei­lig­ste berg van Noord-Ko­rea. Toen hij ter we­reld kwam, ver­scheen er een nieu­we ster aan de hemel, stond er een dub­be­le re­gen­boog, brak een ijs­berg op een na­bij meer, ver­licht­ten vreem­de lich­ten de lucht en vloog een zwa­luw over om het nieuws van de ge­boor­te te ver­sprei­den over de we­reld. De le­gen­de ging dat een jon­ge Jong-il aan zijn va­ders zij­de bleef tot de Ja­pan­ners wa­ren ver­sla­gen, uit Ko­rea ver­dre­ven en Py­on­gyang be­vrijd om een hel­de­re, nieu­we com­mu­nis­ti­sche toe­komst te­ge­moet te gaan.

In wer­ke­lijk­heid werd Jong-il ge­bo­ren in een gu­er­ril­la­k­amp en er wa­ren geen me­te­o­ro­lo­gi­sche of as­tro­no­mi­sche ver­schijn­se­len te mel­den. Zijn jon­ge­re broer ver­dronk in 1947 in een zwem­bad en veel men­sen heb­ben lang ge­loofd dat de ou­de­re jon­gen zijn broer­tje on­der wa­ter heeft ge­duwd en ge­hou­den, maar hier­voor is geen be­wijs.

Hoe­wel Jong-ils of­fi­ci­ë­le ge­boort­ever­haal grap­pig en bi­zar lijkt voor de bui­ten­we­reld, is het be­ter te be­grij­pen als je de Ko­re­aan­se tra­di­ties kent. Hie­rin wordt vaak ge­bruik ge­maakt van my­tho­lo­gie om tra­di­ties voort te zet­ten en de be­vol­king te in­spi­re­ren. Het ver­haal is al­le­go­risch en wordt door de mees­te Noor­dKo­re­a­nen waar­schijn­lijk ook zo op­ge­vat, ook al is het be­doeld om het aan­zien van Jong-il te ver­gro­ten en de per­soon­lijk­heids­cul­tus om hem en zijn fa­mi­lie voort te zet­ten.

On­danks de propaganda was er geen ga­ran­tie dat Jong-il daadwerkelijk de macht zou over­ne­men. De le­ger­lei­ding van Noord-Ko­rea vond hem zwak – geen sol­daat zo­als zijn va­der. Maar Jong-il be­wees al vroeg dat hij vol­doen­de bloed­dor­stig was. Men ver­moedt dat hij, als hoog­ge­plaatst fa­mi­lie­lid on­der zijn va­der, in 1983 op­dracht gaf voor de bom­aan­slag in Ran­goon waar­bij ze­ven­tien ZuidKo­re­aan­se over­heids­func­ti­o­na­ris­sen om het le­ven kwa­men. Bo­ven­dien be­weer­den en­ke­le pro­mi­nen­te over­lo­pers dat hij het be­vel gaf tot het neer­schie­ten van een Zuid-Ko­re­aans lijn­toe­stel waar­bij al­le 115 pas­sa­giers om­kwa­men.

De Ko­re­a­nen heb­ben een ge­zeg­de: ‘Va­der tij­ger, zoon hond’. Dit zou door som­mi­ge le­ger­of­fi­ciers ge­fluis­terd zijn, even­als de ge­ruch­ten over Jong-ils le­gen­da­ri­sche lou­che le­ven van ho­ge con­sump­tie van Fran­se cog­nac, Hol­ly­wood­films en maî­tres­sen. De mees­te van de­ze of­fi­cie­ren wer­den ge­zui­verd. Jong-il liet ook meer show­pro­ces­sen en exe­cu­ties uit­voe­ren in de stijl van zijn va­der. De ti­tel Ge­lief­de Lei­der ver­ze­ker­de hem van de to­ta­le macht.

Door het land heen ver­sche­nen stand­beel­den en pos­ters met de twee lei­ders sa­men, en Noord-Ko­re­a­nen speld­den in­sig­nes op hun kle­ding met de beel­te­nis van de va­der en zoon – het kwijt­ra­ken of ver­ge­ten te dra­gen er­van werd een mis­drijf. De ko­ning en prins ston­den op el­ke school­muur, elk me­tro­stel, el­ke jas en bill­board.

Jong-il had nog een plan om zijn macht te ver­ste­vi­gen en zich er­van te ver­ze­ke­ren dat er nooit te­gen­stan­ders in het le­ger op­ston­den om een coup te ple­gen: nu­cle­ai­re wa­pens. Hij ver­scheur­de elk wa­pen­ver­drag dat zijn va­der ooit had ge­te­kend en blies het nu­cle­ai­re wa­pen­pro­gram­ma van het Noor­den nieuw le­ven in.

Mil­jar­den won (Noord-Ko­re­aan­se va­lu­ta) zijn be­steed aan het pro­ject ter­wijl wan­ho­pi­ge men­sen op het plat­te­land hon­ger le­den en stroom­uit­val meer re­gel dan uit­zon­de­ring werd, zelfs in het be­voor­rech­te Py­on­gyang. Maar atoom­wa­pens maak­ten Jong-ils macht com­pleet. Hij had de con­tro­le over mas­sa­ver­nie­ti­gings­wa­pens, waar­door de con­ven­ti­o­ne­le le­ger­macht on­der­wor­pen kon wor­den. De Ge­lief­de Lei­der, met zijn vin­ger aan de ro­de knop, was in po­ten­tie de meest do­de­lij­ke man op aar­de.

Veel de­tails van Kim Jong-ils le­ven wor­den over­dre­ven, maar zijn voor­lief­de voor maî­tres­sen ze­ker niet. Hij kreeg in 1971 een zoon, Kim Jong-nam, met Song Hye-rim, een be­ken­de Noord-Ko­re­aan­se film­ac­tri­ce en schoon­heid. Hij kreeg met Ko Yong-hui nog twee zoons: Kim Jong-chul in 1981 en

Kim Jong-un in 1984. An­de­re min­na­res­sen volg­den, voor­dat hij ui­t­ein­de­lijk trouw­de met Kim Young-sook, de doch­ter van een hoog­ge­plaatste en loy­a­le lei­der bin­nen de Ar­bei­ders­par­tij.

Net als in de ou­de Ko­re­aan­se kei­zer­lij­ke tra­di­tie groei­den de drie zoons en erf­ge­na­men apart van el­kaar op en ont­moet­ten ze el­kaar zel­den – of zelfs nooit – en al­leen kor­te mo­men­ten tij­dens staats­aan­ge­le­gen­he­den. Maar toen Kim Jong-il steeds zie­ker werd en zijn ein­de na­der­de, ver­nie­tig­de de strijd tus­sen de drie broers bij­na de mo­nar­chie die zijn va­der had ge­ves­tigd, en leid­de het tot bal­ling­schap, strijd en mo­ge­lijk zelfs broe­der­moord.

Kim Jong-il liet zijn ei­gen of­fi­ci­ë­le por­tret­ten ma­ken toen hij zijn va­der in 1994 op­volg­de.

Kim Il-sung en Kim Jong-il be­pa­len nog al­tijd het straat­beeld in Noord-Ko­rea.

Een fa­mi­lie­por­tret van Jong-il met zijn ou­ders.

Jong-il (links on­der) met zijn

fa­mi­lie.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.