Ze­ven sa­ta-ssd's ge­test

Ze­ven sa­ta-ssd's on­der de loep

C’t Magazine - - Inhoud - Lutz Labs

PCIe-ssd's bie­den in de prak­tijk niet echt veel meer dan de good old sa­ta-ssd's. Een pri­ma re­den dus om een hand­vol re­cen­te sa­ta-ssd's aan de tand te voe­len.

Sa­ta-ssd's zijn nog lang niet af­ge­schre­ven. Ze zijn nog steeds de bes­te keus om een tra­ge pc vlot­ter te ma­ken. PCIe-ssd's met se­quen­ti­ë­le trans­fer­ra­tes die op­lo­pen tot meer­de­re gi­ga­by­tes per se­con­de en ex­treem ho­ge IOPS klin­ken in the­o­rie prach­tig. Maar de prak­tijk valt wat te­gen. De ho­ge­re prijs van PCIe-ssd's loont al­leen in spe­ci­fie­ke ge­val­len. Meer daar­over lees je op pa­gi­na 58.

Om die re­den heb­ben we weer een aan­tal re­cen­te sa­ta-ssd's op de test­bank ge­legd. Dit keer moch­ten de Ada­ta Ul­ti­ma­te SU900, Cor­sair For­ce LE200, Cru­ci­al BX300, Kings­ton A400 SSD, Mus­h­kin Re­ac­tor Ar­mor 3D en de re­de­lijk iden­tie­ke mo­del­len van WD en San­disk, de Blue en Ul­tra 3D, hun kun­nen aan­to­nen. Om­dat schij­ven te­gen­woor­dig al­leen maar snel­ler vol lij­ken te lo­pen, zijn we voor een op­slag­ca­pa­ci­teit van om en na­bij 500 GB ge­gaan. Een uit­zon­de­ring is de San­Disk Ul­tra 3D; San­Disk stuur­de ons daar­van het 1 TB-mo­del op. We had­den ook graag de nieu­we ver­sies van Sams­ungs po­pu­lai­re 850-se­rie [1] be­ke­ken, maar de­ze ssd's met 64laags-ge­heu­gen zijn nog niet te krij­gen. Flash­ge­heu­gen is bij le­zen snel, maar bij schrij­ven juist re­la­tief traag. Dat geldt met na­me voor het veel ge­bruik­te TLC-ge­heu­gen. De con­trol­ler moet hier geen drie ver­schil­len­de la­dings­ni­veaus pro­gram­me­ren en in­le­zen – zo­als bij MLC-ge­heu­gen (twee bit per cel) – maar acht (vier bit per cel). En dat duurt lan­ger. Daar­om zijn TLC-ssd's vol­gens on­ze er­va­rin­gen vaak tra­ger dan MLC-va­ri­an­ten. De ver­sies met cel­len met vier bit op­slag­ca­pa­ci­teit of­te­wel QLC (Qu­a­dru­ple Le­vel Cell) die er­aan zit­ten te ko­men zijn waar­schijn­lijk nóg tra­ger.

Om de schrijf­snel­heid toch nog op te schroe­ven ge­brui­ken de ssd-fa­bri­kan­ten al­ler­lei trucs. Voor klei­ne hoe­veel­he­den da­ta is een DRAM-ca­che vol­doen­de. Dit is

meest­al een paar me­ga­by­te per gi­ga­by­te aan ssd-op­slag. De ca­che kan klei­ne be­stan­den zon­der al te veel ver­tra­ging ver­wer­ken. De con­trol­ler schrijft ze zo­dra dat mo­ge­lijk is weg naar de flas­h­cel­len. Een an­de­re truc is het swit­chen van MLC- of TLC-cel­len in een pseu­do-SLC-mo­dus. Om­dat de con­trol­ler daar­bij maar twee 'sta­tus­sen' in de ga­ten hoeft te hou­den, le­vert dat snel­heids­winst op. Som­mi­ge fa­bri­kan­ten zet­ten stan­daard een deel van de op­slag in de pseu­do-SLC-mo­dus, an­de­re ge­brui­ken een wil­le­keu­rig deel van de be­schik­ba­re op­slag. In on­ze test is de pseu­do-SLC-ca­che van de schij­ven mi­ni­maal acht GB groot. Ada­ta ge­bruikt zelfs de helft van de on­ge­bruik­te op­slag. Pas als de­ze ca­che vol is, moet de con­trol­ler de tra­ge­re MLC- of TLC-cel­len di­rect vol­zet­ten. De SLC-ca­che bij de Ul­ti­ma­te SU9000 viel in ne­ga­tie­ve zin op. Na­dat de ca­che vol was, zak­te de trans­fer­snel­heid bij lang­du­rig schrij­ven in van zo'n 400 MB/s naar 100 MB/s.

Ook het aan­tal pa­ral­lel te be­schrij­ven flas­hchips heeft in­vloed op de snel­heid. Hoe meer 'flas­h­ka­na­len' de con­trol­ler heeft, des te be­ter. Het aan­tal flas­hchips zegt ech­ter niks over de snel­heid. Zo kan de Mar­vell 88S1074-con­trol­ler via chip se­lect acht flas­hchips per ka­naal be­he­ren, of­wel 32 ge­heu­gen­chips. Toch ge­bruikt hij er hoog­uit vier te­ge­lijk.

Een paar jaar ge­le­den was MLC-ge­heu­gen in 2D-vorm nog stan­daard. Te­gen­woor­dig bou­wen al­le fa­bri­kan­ten MLC- en TLC-ge­heu­gen in la­gen op, een soort 3D. Hier­bij wor­den maxi­maal 64 la­gen ge­heu­gen over el­kaar ge­legd. De ca­pa­ci­teit van de flas­hchips is daar­door ver­veel­vou­digd. De ssd-fa­bri­kan­ten hoe­ven voor de­zelf­de ca­pa­ci­teit dus min­der chips te ge­brui­ken. Bij­na al­le fa­bri­kan­ten ge­brui­ken in een ssd van 500 GB vier fy­sie­ke flas­hchips. Daar­in zit­ten dan wel meer­de­re dies.

IOPS-ra­ce

Het zijn niet de ho­ge­re se­quen­ti­ë­le over­drachts­snel­he­den van een ssd, waar­door een pc dui­de­lijk snel­ler aan­voelt – hoe­wel ko­pi­eer­ac­ties daar­mee na­tuur­lijk ook vlot­ter ver­lo­pen. De be­lang­rij­ke­re fac­tor voor de snel­heids­ver­ho­ging is de snel­le­re random ac­cess van ssd's. Har­de schij­ven moe­ten eerst hun kop­pen in de juis­te po­si­tie zet­ten en daar­na ge­mid­deld nog een hal­ve om­wen­te­ling wach­ten tot de juis­te da­ta langs­ko­men.

De term die wordt ge­bruikt om de toe­gangs­snel­heid tot random adres­sen te me­ten is IOPS: In­put / Out­put Ope­ra­ti­ons Per Se­cond. Dit wordt meest­al ge­me­ten met blok­ken van 4 kB. Zeer snel­le har­de schij­ven ha­len slechts een paar hon­derd IOPS. Maar zelfs de goed­koop­ste SSD's ha­len moei­te­loos tien­dui­zen­den IOPS.

Fa­bri­kan­ten strooi­en graag met ho­ge IOPS-ge­tal­len. In de prak­tijk maakt het ech­ter niet uit of er 80.000 of 90.000 IOPS wor­den ge­haald. Daar­naast wor­den de­ze waar­den meest­al be­paald met 32 pa­ral­lel­le ac­ties. Als dat er min­der zijn, zak­ken de IOPS-waar­den in. Dit komt on­der an­de­re door het feit dat er min­der flas­hchips pa­ral­lel kun­nen wer­ken. Maar juist de IOPS bij ge­rin­ge Qu­eue Depth zijn be­lang­rijk voor desktops en no­te­books. Bij een Qu­eue Depth van 1 ha­len de schij­ven waar­den van maxi­maal 10.000 IOPS. In de gra­fiek bo­ven­aan de­ze pa­gi­na zie je een over­zicht van de leesper­for­man­ce bij ver­schil­len­de Qu­eue Depth-waar­des.

In een nor­ma­le desktop-om­ge­ving ver­ve­len ssd's zich eer­der. De ge­mid­del­de Qu­eue Depth ligt on­der de tien. Veel Win-

dows-pro­gram­ma's zijn niet eens in staat om meer dan een ac­tie te­ge­lijk op te vra­gen. De ssd kan voor­al bij het op­star­ten van het be­stu­rings­sys­teem en pro­gram­ma's en bij het in­stal­le­ren van soft­wa­re een voor­deel le­ve­ren. Dat gaat al­le­maal bij­zon­der snel. De ei­gen tool van San­Disk meld­de bij de in­stal­la­tie van Li­breOf­fi­ce meer dan 2000 IOPS – dui­de­lijk vlot­ter dan met een har­de schijf.

Mee­ge­le­ver­de soft­wa­re

Als je nieu­we ssd je nieu­we op­start­schijf gaat wor­den, kun je hem op twee ma­nie­ren in ge­bruik ne­men: com­pleet nieuw in­stal­le­ren of de be­staan­de in­stal­la­tie klo­nen. De twee­de op­tie is han­dig (scheelt veel tijd) om­dat je niet al je pro­gram­ma's op­nieuw hoeft te in­stal­le­ren. Je kunt daar on­ze c't-WIMa­ge-tool (zie on­der an­de­re c't 6/2016, p.134) voor ge­brui­ken. Ada­ta biedt voor zijn ssd's Acro­nis Tru­eI­ma­ge 2013 aan, Cru­ci­al biedt de 2015-ver­sie. Ook de ssd-tool­box van Cor­sair be­vat een kloon­tool. Met die tool luk­te het ech­ter niet om ons Win­dows-test­sys­teem met een ex­tra uit een VHD op­star­ten­de Win­dows te klo­nen. Zelfs het klo­nen van een sim­pe­le Win­dows 10-in­stal­la­tie liep spaak. Met de af­ge­slank­te Acro­nis 2015-ver­sie ging dat al­le­bei wel.

Af­ge­zien van de kloon­soft­wa­re is er voor vrij­wel el­ke ssd ook een Win­dows-tool te down­lo­a­den. Mus­h­kin biedt de­ze op­tie als eni­ge niet. De per­for­man­ce van de tools va­ri­eert, maar er zit bij­na al­tijd een tool voor het up­da­ten van de firm­wa­re in. Dat is waar­schijn­lijk ook de be­lang­rijk­ste re­den om de tool te in­stal­le­ren. Als je meer­de­re schij­ven in je pc hebt (al dan niet van een an­de­re fa­bri­kant), heb je voor het uit­le­zen van de SMARTwaar­den meer aan een uni­ver­se­le tool als CrystalDis­kIn­fo.

De tools van de fa­bri­kan­ten wor­den wel weer in­te­res­sant als je de ssd bij­voor­beeld ver­koopt. Je wilt dan ze­ker we­ten dat jouw da­ta goed en gron­dig zijn ge­wist. Ook hier­voor zijn gra­tis tools te vin­den, zo­als de Li­nux-dis­tri­bu­tie PartEd, maar de tools van de fa­bri­kan­ten zijn meest­al mak­ke­lij­ker in ge­bruik. Het luk­te ons ech­ter niet om de ssd van Mus­h­kin (bij ge­brek aan een ei­gen tool) met PartEd vei­lig en gron­dig te wis­sen.

De ex­tra func­ties van de tools zijn al­leen in­te­res­sant in spe­ci­a­le ge­val­len. Over­pro­vi­si­o­ning of ca­che le­nen van het werk­ge­heu­gen ver­be­te­ren de per­for­man­ce iets, maar zijn niet echt no­dig. Het kan voor je da­ta zelfs ris­kant zijn om RAM als ca­che in te zet­ten. Mocht de stroom on­ver­hoopt uit­val­len, dan ben je je da­ta kwijt.

Con­clu­sie

Al­le ssd's zijn pri­ma om een sys­teem met har­de schijf vlot­ter te ma­ken of de com­pu­ter te up­gra­den. Als je het liefst zo wei­nig mo­ge­lijk geld wilt uit­ge­ven, moet je voor de Re­ac­tor Ar­mor 3D gaan. De schrijf­snel­heid van de­ze ssd is al­leen niet be­paald su­bliem. Aan de an­de­re kant heb je de BX300: erg snel, niet veel duur­der maar wel las­ti­ger te krij­gen (via de oos­ter­bu­ren lukt het wat be­ter). Mocht je al we­ten dat je ssd vrij vlot vol gaat ra­ken, kies dan niet voor de Ul­ti­ma­te SU900 – of koop dan di­rect de 1 TB-ver­sie. Zo­dra de­ze ssd's na­me­lijk vrij vol ra­ken, zakt de schrijf­snel­heid te­rug tot min­der dan die van een har­de schijf.

De Re­ac­tor Ar­mor 3D on­der­steunt geen se­cu­re era­se. Als je dus bang bent dat je ge­ge­vens in ver­keer­de han­den val­len, kun je de­ze ssd het best la­ten voor wat het is. In no­te­books zor­gen de ssd's van Ada­ta en Mus­h­kin door hun ho­ge id­le-ver­bruik voor een iets kor­te­re ac­cu­duur. Stop je ze in een desktop-pc, dan maakt dat niets uit.

(avs)

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.