Waar is het mis­ge­gaan?

De Telegraaf - - Cultuur - door Bart Wij­laars

Waar­om Ju­li­an Tho­mas nooit is door­ge­bro­ken? Een vraag met meer­de­re ant­woor­den, maar het meest op­val­len­de is wel om­dat dat zijn be­doe­ling nooit was. Een ont­moe­ting met een van de vreemd­ste ar­ties­ten van Ne­der­land.

Op z’n zachtst ge­zegd is het nog­al ver­ras­send wan­neer er een nieuw al­bum van Ju­li­an Tho­mas op de deur­mat ploft. Een zan­ger die in de ca­te­go­rie ’leeft die nog?’ is ver­zand. En dat is toch gek ge­tui­ge de fij­ne, goed ver­zorg­de soulpop op de­ze der­de plaat So­me­day. De vraag is: waar is het mis­ge­gaan?

Het ziet er be­gin de­ze eeuw na­me­lijk veel­be­lo­vend uit voor de als Sjef­ke Back­bier ge­bo­ren zan­ger. Hoe­wel hij van­af zijn ge­boor­te al zijn lin­ker­hand moet mis­sen valt hij op ach­ter zijn pi­a­no en mag al snel Mar­co Bor­sa­to, Vo­lu­mia! en Eds­i­lia Rom­bley tot zijn be­won­de­raars re­ke­nen. Te­gen de tijd dat zijn de­buut­plaat Ju­li­an Tho­mas in ver­schijnt is vriend en vij­and het er­over eens dat Ne­der­land een mooi ta­lent rij­ker is. Maar even snel wordt het stil en dat blijft het.

In een kof­fie­ten­tje in Den Bosch blikt hij zon­der schroom of spijt te­rug op die tijd. ,,Er moest iets ge­beu­ren, was de vi­be toen. Ter­wijl mijn doel al be­reikt was op het mo­ment dat die plaat uit­kwam. Dat had ik be­dacht op de dag dat ik met mijn Ha­vo-di­plo­ma de mid­del­ba­re school uit wan­del­de en niets an­ders wist om te gaan doen dan een cd ma­ken.” Grijn­zend: ,,Heb ik maar twaalf jaar over ge­daan. En daar­na kon ik in prin­ci­pe dood, mijn klus was ge­klaard. Bij ie­de­re an­de­re ar­tiest be­gint het dan pas en zo dacht de pla­ten­maat­schap­pij er net zo over.”

Bij­na ach­te­loos meldt hij een ton te heb­ben ge­kre­gen voor zijn de­buut­plaat en nog eens 50.000 eu­ro voor op­vol­ger 35 so­me

months, die in 2009 ver­scheen. ,,Ik zat bij BMG dat fu­seer­de met So­ny, waar­na al­le Ne­der­land­se ar­ties­ten er­uit ge­don­derd wer­den, net toen ik mijn ar­ties­ten­con­tract kreeg. Ik gaf me over, deed wat zij en het gro­te ma­na­ge­ment­kan­toor waar ik bij zat zei­den. Ze dach­ten dat ik goed ge­noeg was om het ver­der van­zelf wel te red­den, maar he­laas. En daar­in ben ik zelf de groot­ste fac­tor ben ge­weest.”

Zo eer­lijk als maar zijn kan: ,,Ik ben nog­al een com­plexe per­soon, met nog­al een gro­te rug­zak. Een lo­gisch ge­volg van mijn le­ven”, al­dus de man die in zijn jeugd uit huis werd ge­plaatst en di­ver­se in­ter­na­ten door­liep. ,,Het groot2005 ste pro­bleem was dat ik nee zei te­gen aan­bie­din­gen. Wat moe­ten ze van me? Ik wil geen fou­ten ma­ken! Ik pro­beer de lief­de om me heen en in dat soort ver­zoe­ken wel te voe­len, maar zo ben ik nu een­maal niet ge­con­di­ti­o­neerd. Pas dit jaar is het me een keer ge­lukt om bin­nen een paar se­con­den ’ja’ te­rug te mai­len op een aan­vraag. Ik heb nog ki­lo­me­ters te gaan wat dat be­treft.”

Het vak ar­tiest is twee­le­dig, eerst is er de schrij­ven­de en op­ne­men­de ar­tiest, ver­vol­gens de uit­voe­ren­de. Als het aan Tho­mas ligt komt die twee­de in zijn ge­val te ver­val­len. ,,In een ide­a­le we­reld zou schrij­ven ge­noeg zijn. Er­gens weet ik wel dat op­tre­den te gek kan zijn, dat ik me­zelf en an­de­ren on­ge­loof­lijk kan ra­ken. Maar de scha­duw­kant is veel gro­ter. Bang zijn om de tekst te ver­ge­ten, to­taal niet we­ten waar je mee be­zig bent; dát is op­tre­den voor mij. Ik zou best wil­len hoor, maar al­leen zon­der al die span­ning en faal­angst. Of dat ooit lukt is de vraag.”

Of een psy­cho­loog hem zou kun­nen hel­pen? ,,Heb ik ge­had, mooie tij­den. Wat mij be­treft wordt het ver­plicht om zo rond je twin­tig­ste per­spec­tief aan te la­ten bren­gen in de zooi die ou­ders en op­voe­ders je heb­ben mee­ge­ge­ven. Dat is niet al­le­maal slecht, maar het zijn niet dé ant­woor­den, heb ik ge­leerd van mijn the­ra­pie. Ik zie me­zelf als een plant­je op een veld vol an­de­re plant­jes met in de hoek een gro­te steen en daar zit ik dan on­der. Ik wil wel groei­en en kan ook niks an­ders. En ja, ik be­gin met een ach­ter­stand, maar uit­ein­de­lijk zal het ook mij luk­ken m’n kop bo­ven het zand te ste­ken.”

Nieuw al­bum So­me­day ziet hij als be­wijs van zijn voor­uit­gang als mens. ,,Ook hier zit ze­ven, acht jaar van m’n le­ven in. Ook om­dat ik be­dacht had al­les zelf te doen. Ook op­ne­men, pro­des­tijds du­ce­ren en mixen dus. Din­gen die ik eerst nog moest le­ren. En be­lang­rijk om te we­ten is dat ik geen dead­line had. Niet de snel­heid was het doel, maar het re­sul­taat. Dat is er nu.”

De slot­vraag hoe­ven we niet eens te stel­len, hij voelt ’m al aan ko­men. ,,Wat nu? Ja, da’s een goeie. Want ik zou maar ge­zien en ge­hoord wor­den, op­ge­merkt, ge­vraagd voor op­tre­dens. Ik zeg heel eer­lijk dat ik daar best bang voor ben. Ik heb het al druk ge­noeg met vech­ten te­gen me­zelf, snap je? Mu­ziek is tot nu toe de ma­nier ge­weest om mijn rug­zak beet­je bij beet­je te le­gen. Maar we heb­ben vier kin­de­ren, de hy­po­theek moet ook be­taald wor­den. Ik sluit niet uit dat nu So­me­day uit mijn han­den is ik iets to­taal an­ders moet gaan doen.”

’Liefst had ik nooit op­ge­tre­den’ ’Ik ben nog­al een com­plexe per­soon’

Ju­li­an Tho­mas maak­te ruim tien jaar ge­le­den al gro­te in­druk, maar daar bleef het bij. Hij­zelf blijkt de voor­naams­te re­den voor het uit­blij­ven van suc­ces.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.