Taal­eis

De Telegraaf - - Nieuws Van De Dag - MAR­CEL PEE­RE­BOOM VOL­LER

Za­lig zijn de on­we­ten­den. De taa­l­on­ge­voe­li­gen, bij wie de nek­ha­ren niet over­eind gaan staan bij het ho­ren van woor­den als ’gen­der­neu­traal’ en ’pa­padag’, ver­ko­zen tot de ir­ri­tant­ste woor­den van het jaar 2017. De woor­den, die in de oren van taal­sen­si­tie­ven klin­ken als na­gels die over een krijt­bord kras­sen, gaan bij een gro­te groep bij­stands­ge­rech­tig­den in de gro­te ste­den het ene oor in en het an­de­re oor uit. De­ze men­sen spre­ken en schrij­ven niet vol­doen­de Ne­der­lands om een baan te kun­nen krij­gen en vol­doen daar­mee niet aan de taal­eis die de wet van ze ver­langt, lees ik.

Het is een raar ding, die wet­te­lij­ke taal­eis. Het be­gint al bij het woord eis, dat im­pli­ceert dat een ver­plich­ting moet wor­den na­ge­ko­men, in dit ge­val de taal le­ren. Zo niet, dan wordt er ge­kort op de uit­ke­ring. Daar sprin­gen de ver­schil­len­de gro­te ste­den ech­ter cre­a­tief mee om. In Rot­ter­dam wordt het wel na­ge­leefd, maar in Amsterdam, Utrecht en Den Haag niet.

Toch geef ik het je te doen. Stel: je pakt als wel­wil­len­de maar taal­on­vaar­di­ge uit­ke­rings­ge­rech­tig­de de hand­schoen op en je wilt we­ten wat die taal­eis in­houdt. Dan kun je te­recht op de web­si­te van de Rijks­over­heid, on­der het kop­je Par­ti­ci­pa­tie­wet: „Het col­le­ge ver­laagt de bij­stand, over­een­kom­stig het ne­gen­de, tien­de en elf­de lid, in­dien naar zijn oor­deel een re­de­lijk ver­moe­den be­staat dat be­lang­heb­ben­de niet of niet in vol­doen­de ma­te de Ne­der­land­se taal be­heerst, nood­za­ke­lijk voor het naar ver­mo­gen ver­krij­gen, het aan­vaar­den en het be­hou­den van al­ge­meen ge­ac­cep­teer­de ar­beid.”

Tja. Dan sta je met je twee woord­jes Ne­der­lands met­een al met de mond vol tan­den.

Er is nog iets geks: het uit­ein­de­lij­ke doel, lijkt mij, is dat de­ze men­sen uit de bij­stand ko­men en gaan wer­ken. Dan moe­ten ze de taal vol­doen­de be­heer­sen om te kun­nen sol­li­ci­te­ren.

Maar als je kijkt naar de ver­eis­ten, weer­ge­ge­ven op de­zelf­de web­si­te: „De leer­ling kan een­vou­di­ge tek­sten schrij­ven over al­le­daag­se on­der­wer­pen. De leer­ling kan jeugd­li­te­ra­tuur, waar­van de struc­tuur een­vou­dig is, be­le­vend le­zen.” Pro­beer met die mi­ni­ma­le skills maar eens te sol­li­ci­te­ren naar de func­tie van Sja­kie in de Cho­co­la­de­fa­briek. Dat gaat echt niet luk­ken.

Daar­naast heb­ben zij die de taal niet be­heer­sen geen idee wat er leeft in de sa­men­le­ving. Dat het af­ge­lo­pen jaar werd be­heerst door maat­schap­pe­lijk ge­bek­vecht over gen­der­neu­tra­li­teit, vrouw­vrien­de­lij­ke pu­blie­ke uri­noirs en of Jesse Kla­ver nu wel of geen wat­je was om­dat hij tij­dens de for­ma­tie­on­der­han­de­lin­gen zijn pa­padag op­eis­te.

Ook de Hoek­se en Ka­bel­jauw­se twis­ten over het hulp­je van Sin­ter­klaas gin­gen vol­ko­men langs hen heen. Even­als de MeToo-dis­cus­sie, die zo on­ge­wenst in­tiem hoog op­liep dat het schaam­rood mij al op de ka­ken stond als ik de buur­vrouw te­gen­kwam bij het post­vak­je.

Zo niet zij die bui­ten het ge­kra­keel staan en ge­noeg heb­ben aan „lek­ker weer buur­man”, of „kop­je kof­fie gla­zen­was­ser.” Za­lig zijn de on­we­ten­den. Stie­kem, heel stie­kem, lijkt me dat ook wel­eens lek­ker.

Za­lig zijn de on­we­ten­den

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.