Meis­ner

Kar­di­naal Joa­chim Meis­ner over­leed vo­ri­ge week woens­dag op 83-ja­ri­ge leef­tijd. Hij stond 25 jaar aan het hoofd van het aarts­bis­dom Keu­len. Za­ter­dag wordt hij bij­ge­zet in de Keul­se Dom.

Katholiek Nieuwsblad - - FRONT PAGE - Pe­ter Door­ak­kers

“Een groot bis­schop” is op 83-ja­ri­ge leef­tijd over­le­den.

Joa­chim Meis­ner over­leed op zijn va­kan­tie­adres in Bad Füs­sing. Een vriend die hem kwam op­ha­len voor de Mis vond hem daar dood, liet Meis­ners op­vol­ger in Keu­len, kar­di­naal Rai­ner Ma­ria Woel­ki, we­ten. Meis­ner had zijn ge­tij­den­boek in de hand. “Hij moet daar­bo­ven in­ge­sla­pen zijn.” Woel­ki om­schreef zijn voor­gan­ger als ie­mand die vocht voor de be­scher­ming van het le­ven. De voor­zit­ter van de Duit­se bis­schop­pen­con­fe­ren­tie, kar­di­naal Rein­hard Marx, schreef in het on­li­ne con­do­le­an­ce­re­gis­ter: “Zijn diepe ge­loof en zijn the­o­lo­gi­sche ar­gu­men­ta­tie heb­ben al­tijd in­druk op mij ge­maakt – zijn harts­tocht om voor de bood­schap van Chris­tus op te tre­den, heeft mij al­tijd ge­ïn­spi­reerd. Bo­ven zijn dood uit ben ik hem daar­voor dank­baar. Kar­di­naal Meis­ner was een moe­di­ge strij­der.”

‘Op­rech­te lief­de’

Paus Fran­cis­cus loof­de in een con­do­le­an­ce­te­le­gram Meis­ners “trou­we en on­ver­schrok­ken in­zet” voor het wel­zijn van de men­sen in Oost en West. Hij stond op voor de chris­te­lij­ke bood­schap van­uit “een diep ge­loof en een op­rech­te lief­de voor de Kerk”. Meis­ner was ove­ri­gens een van de vier kar­di­na­len die de paus in de zo­ge­he­ten du­bia- brief om op­hel­de­ring vroe­gen rond de ex­hor­ta­tie Amo­ris Lae­ti­tia. Toen ze geen ant­woord ont­vin­gen, pu­bli­ceer­den ze de brief. Ook kre­gen ze geen ant­woord op hun ver­zoek om een au­di­ën­tie met de paus, dat ze daar­op even­eens open­baar maak­ten.

On­der het com­mu­nis­me

Joa­chim Meis­ner werd op 25 de­cem­ber 1933 ge­bo­ren in Breslau, het te­gen­woor­di­ge Pool­se Wro­c­law. Hij vlucht­te in 1945 met zijn moe­der en drie broers voor het op­ruk­ken­de Ro­de Le­ger. In de com­mu­nis­ti­sche DDR werd hij in 1962 pries­ter en in 1975 hulp­bis­schop van Erf­urt. Paus Jo­han­nes Pau­lus II maak­te Meis­ner in 1980 bis­schop van Ber­lijn en cre­ëer­de hem in 1983 kar­di­naal. Meis­ner, schrijft het aarts­bis­dom Keu­len, “liet zich in al­le de­cen­nia in de DDR nooit door de com­mu­nis­ten im­po­ne­ren en span­de zich als bis­schop bij­zon­der in voor de ver­zoe­ning met Po­len, Ts­je­chen en Slo­wa­ken”. Pers­bu­reau KNA schrijft dat hij moed toon­de, on­der meer door in zijn huis, dat door de Sta­si in de ga­ten ge­hou­den werd, in het ge­heim bis­schop­pen te wij­den voor de Kerk in Ts­je­chië. Zijn in­span­nin­gen voor de on­der­druk­te Kerk in het Oost­blok le­ver­den hem daar veel aan­zien op.

In Keu­len

In 1988 be­noem­de paus Jo­han­nes Pau­lus II Joa­chim Meis­ner tot aarts­bis­schop van Keu­len. Dat zorg­de voor op­hef: een deel van de ge­lo­vi­gen en pries­ters pruim­de de als or­tho­dox be­kend staan­de Meis­ner niet. “Hij heeft daar­door veel ge­le­den”, zegt An­to­nia Wil­lem­sen. “Hij kwam niet uit Keu­len en nam zeer dui­de­lij­ke ka­tho­lie­ke stand­pun­ten in. De op­po­si­tie was groot, maar zijn be­noe­ming was een ab­so­lu­te wens van Jo­han­nes Pau­lus II. De paus had ooit een voor­dracht van Meis­ner ge­hoord waar­van hij zo on­der de in­druk was, dat hij hem per se in Keu­len wil­de heb­ben. De twee wa­ren heel goed be­vriend.” Wil­lem­sen, voor­ma­lig se­cre­ta­ris-ge­ne­raal van hulp­or­ga­ni­sa­tie Kerk in Nood (KiN), ken­de Meis­ner al sinds me­dio ja­ren ze­ven­tig goed. Ze be­zocht des­tijds sa­men met KiN-op­rich­ter We­ren­fried van Straat­en, een bij­een­komst in Ro­me waar ook Duit­se bis­schop­pen aan­we­zig wa­ren. “Ik was daar de eni­ge vrouw. Er kwam een jon­ge bis­schop op me af, die me vroeg of ik me op mijn ge­mak voel­de. ‘Ja’, ant­woord­de ik. ‘Ik niet’, zei hij. ‘Ik kom van de an­de­re kant van het IJ­ze­ren Gor­dijn. De­ze bij­een­komst gaat over geld, en dat heb ik niet.’ Toen hij hoor­de dat ik bij Kerk in Nood werk­te, zei hij met­een: ‘Bij de spek­pa­ter? Die zou ik graag wil­len le­ren ken­nen.’ Dat kwam goed uit, want We­ren­fried stond naast me.” Meis­ner had over ‘de spek­pa­ter’ ge­le­zen in West-Duit­se kran­ten die Oost-Duits­land in wer­den ge­smok­keld. “De Ca­ri­tas ge­bruik­te kran­ten waar in­te­res­san­te in­for­ma­tie in stond, be­wust als ver­pak­king voor pak­ket­jes”, her­in­nert Wil­lem­sen zich.

For­se uit­spra­ken

In de kop­pen van Ne­der­land­se be­rich­ten over Meis­ners dood kwam vaak het woord ‘om­stre­den’ te­rug, en een keer zelfs het ci­taat ‘haat­pre­di­ker aan de Rijn’. Bang voor for­se uit­spra­ken was de kar­di­naal in ie­der ge­val niet. In 2001 zei hij te vre­zen dat de uitbreiding van de EU zou lei­den tot een be­per­king van de be­scherm­waar­dig­heid van het le­ven. Hij sprak over de “af­schu­we­lij­ke eu­tha­na­sie­wet­ten in Ne­der­land en Bel­gië” en zei te­gen KN: “In het he­le pro­ces van bio-ethi­sche vra­gen is Ne­der­land een stui­tend voor­beeld. Een der­ge­lijk Eu­ro­pa wil­len we in ie­der ge­val niet, waar ou­de men­sen en kin­de­ren ge­dood wor­den. Daar­om is Ne­der­land een zeer slecht voor­beeld voor een ver­e­nigd Eu­ro­pa van het le­ven.” In 2007 haal­de hij de kran­ten toen hij een aan­tal mo­der­ne, niet-re­li­gi­eu­ze kunst­wer­ken in zijn di­o­ce­saan om­schreef als entar­te­te Kunst; let­ter­lijk ‘ont­aar­de kunst’, maar ook de term die de na­zi’s ge­bruik­ten voor kunst­wer­ken die bui­ten hun ide­o­lo­gie vie­len.

‘Gro­te kar­di­naal’

Vol­gens An­to­nia Wil­lem­sen is de wer­ke­lijk­heid “zo­als wel va­ker” heel an­ders dan de kran­ten­kop­pen sug­ge­re­ren. Sinds die eer­ste ont­moe­ting ble­ven pa­ter We­ren­fried en zij be­vriend met Meis­ner. “Van­af het mo­ment dat We­ren­fried in 2003 stierf, heeft Meis­ner ie­der jaar in ja­nu­a­ri in een bom­vol­le Dom van Keu­len een Mis voor hem op­ge­dra­gen. En ie­der jaar had hij een an­de­re preek over We­ren­fried. Dat laat zien hoe hij be­zig was met ons werk. Kar­di­naal Meis­ner had be­paal­de stand­pun­ten over za­ken als eu­tha­na­sie en abor­tus en nam geen blad voor de mond, waar­door hij te­gen­stan­ders maak­te, ook bin­nen de Duit­se bis­schop­pen­con­fe­ren­tie. In mijn ogen was hij ech­ter een gro­te kar­di­naal, een man vol humor die zeer dui­de­lijk en scherp kon for­mu­le­ren. Hij was een ech­te lei­der, die niet om­viel bij kri­tiek en geen angst ken­de. Hij was ook een over­tuigd ge­lo­vi­ge man, die op­recht be­zorgd kon zijn over an­de­ren.”

Kar­di­naal Joa­chim Meis­ner (1933-2017)

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.