Een ver­wij­zing naar het eeu­wi­ge he­den

Katholiek Nieuwsblad - - KNINSPIRATIE - Brett Ro­bin­son - CNS

In de ca­te­go­rie ech­te ka­tho­lie­ke kitsch be­staat er zo­iets als de Paus Pi­us-klok. In plaats van cij­fers, staan er op die klok de ge­zich­ten van twaalf pau­sen, al­le­maal Pi­us ge­naamd. Om twaalf uur ’s mid­dags is het paus Pi­us XII en­zo­voort. Ik heb er ook een op mijn kan­toor han­gen. Het is een ge­wel­di­ge ma­nier om het ijs te bre­ken tij­dens nieu­we ont­moe­tin­gen, maar om een mij on­be­ken­de re­den loopt die klok al­tijd een beet­je ach­ter. Mijn smartpho­ne geeft de tijd veel be­ter weer, maar toch ben ik gaan hou­den van die mal­le paus­klok. Als men­sen me vra­gen of de klok de juis­te tijd weer­geeft, zeg ik al­tijd: nee, want de Kerk loopt al­tijd ach­ter de fei­ten aan, niet­waar?

Con­nec­tie

Al­le grap­jes ter­zij­de, de­ze lang­zaam tik­ken­de klok her­in­nert mij er wel aan om het af en toe rus­ti­ger aan te doen. Toen ik de­ze se­rie ar­ti­ke­len be­gon te schrij­ven, was het idee om iets te zeg­gen over de re­la­tie tus­sen the­o­lo­gie en tech­no­lo­gie. Vol­gens mij is de klok de bes­te uitvinding die er be­staat om de con­nec­tie aan te ge­ven tus­sen wat we cre­ë­ren en wat we ge­lo­ven, en hoe dat on­ze er­va­rin­gen in de Kerk vorm­geeft.

Rit­me van het le­ven

Op een be­paal­de ma­nier ver­telt de­ze lang­za­me paus­klok iets over een tra­di­tie die al be­stond lang voor­dat de me­cha­ni­sche klok werd uit­ge­von­den. In de vroe­ge be­ne­dic­tijn­erk­loos­ters hield men zich aan de ca­no­nie­ke uren voor werk en ge­bed. Die be­paal­den ook het rit­me van het da­ge­lijks le­ven in de na­bij­ge­le­gen dor­pen en ste­den. De klok­ken ga­ven aan wan­neer het tijd was om te wer­ken en te rus­ten en dat werd over­ge­no­men door de boe­ren en ar­bei­ders in de buurt. Om­dat de mon­ni­ken ver­trouw­den op zon­ne­wij­zers en wa­ter­klok­ken, had­den zij een nog­al los­jes be­sef van tijd. Nie­mand leek het erg te vin­den als de klok­ken tien mi­nu­ten ach­ter lie­pen. Toen kwam de me­cha­ni­sche klok om de hoek kij­ken. Ge­loof het of niet, maar de Kerk be­schouw­de die nieu­we klok­ken als een be­drei- ging om­dat ze de ver­bin­ding door­sne­den met het rit­me van de na­tuur als mid­del om de tijd bij te hou­den. Nu de klok niet lan­ger werd ge­re­geerd door de po­si­tie van de zon of het stro­men van het wa­ter, werd tijd een ab­stract be­grip. De stan­daard die de mens aan de tijd stel­de, werd de ab­so­lu­te stan­daard en daar­in werd Gods in­tie­me or­de­ning van de schep­ping op­ge­slokt. Het pro­bleem zat hem voor de Kerk niet in de ma­nier waar­op de klok­ken de tijd bij­hiel­den, maar in de ma­nier waar­op men­sen als ge­volg daar­van gin­gen den­ken over tijd.

Na­tuur­lij­ke pro­ces­sen

In een we­reld waar tijd wordt op­ge­deeld in ge­lij­ke een­he­den van mi­nu­ten en se­con­den, meet de tijd de duur, in plaats van de volg­or­de van ge­beur­te­nis­sen die deel uit­ma­ken van on­ze per­soon­lij­ke er­va­rin­gen. Vol­gens an­tro­po­loog Ed­ward T. Hall leg­den de Ho­pi in­di­a­nen de tijd niet langs de meet­lat van de duur van iets, maar langs die van de na­tuur­lij­ke pro­ces­sen als het groei­en van de mais. In het ou­de Ja­pan werd het ver­strij­ken van de tijd juist af­ge­me­ten aan ver­schil­len­de geu­ren. Als je denkt dat geu­ren geen ef­fec­tie­ve ma­nier zijn om de tijd te me­ten, ga dan eens na wel­ke geu­ren je di­rect te­rug­bren­gen naar je jeugd of naar een an­de­re ge­beur­te­nis in je le­ven.

Een re­vo­lu­tie

Het feit dat we het le­ven niet meer be­schou­wen als een reeks van sa­men­han­gen­de ge­beur­te­nis­sen die ver­vuld zijn van een ge­voel van ge­na­de, maar als een me­cha­ni­sche op­vol­ging van se­con­den, mi­nu­ten en uren vormt on­ze ver­beel­dings­kracht op een diep ni­veau. Al on­ze tech­no­lo­gi­sche snuf­jes de deur uit­doen, vormt geen op­los­sing voor die span­ning, maar wel het zoe­ken naar een re­vo­lu­tie in on­ze ma­nier van den­ken. En een re­vo­lu­tie hoeft niet groot of dras­tisch te zijn, want de let­ter­lij­ke be­te­ke­nis van het woord ‘re­vo­lu­tie’ is te­rug­gaan naar iets. In dit ge­val helpt het ons te­rug te ke­ren naar de bron­nen van wijs­heid in de Kerk om ons­zelf te be­vrij­den van de ge­woon­tes en denk­beel­den die de nieu­we tech­no­lo­gie mee heeft ge­bracht. Ik denk dan ook graag dat de hei­li­ge Au­gus­ti­nus naar zijn zon­ne­wij­zer keek toen hij in zijn Be­lij­de­nis­sen schreef dat tijd uit­ein­de­lijk niet ver­bon­den is aan de be­we­ging van stof­fe­lij­ke li­cha­men, maar be­staat uit één eeu­wig he­den. Ja, tijd is ge­vuld met her­in­ne­rin­gen aan het ver­le­den en ver­wach­tin­gen van de toe­komst, maar is ver­an­kerd in dit mo­ment dat nu plaats­vindt. Een eeu­wig mo­ment dat ver­le­den, he­den en toe­komst om­vat. Als de paus­klok er op een ge­ge­ven mo­ment dus mee op­houdt, is het niet tijd om een nieu­we klok te ko­pen; het is dan een wel­ko­me ver­wij­zing naar het eeu­wi­ge he­den. (Vert/bew SvdB)

Ooit werd on­ze tijd be­paald door het rit­me van de na­tuur. Met de komst van de me­cha­ni­sche klok kwam daar een ein­de aan. Een op­roep om de tijd weer te be­zien als een reeks ge­beur­te­nis­sen die ver­vuld zijn van ge­na­de.

“Ik denk dan ook graag dat de hei­li­ge Au­gus­ti­nus naar zijn zon­ne­wij­zer keek toen hij in zijn Be­lij­de­nis­sen schreef dat tijd uit­ein­de­lijk niet ver­bon­den is aan de be­we­ging van stof­fe­lij­ke li­cha­men, maar be­staat uit één eeu­wig he­den.”

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.