Heer, ik ben niet waar­dig

Katholiek Nieuwsblad - - KNCOLUMN - Al­bert van der Woerd

Ik ben vaak ge­char­meerd door klei­ne ge­loofs­ge­meen­schap­pen die het uit­hou­den te­gen wil en dank. Zo ging ik van de zo­mer een keer voor in Lun­te­ren, in een van de tien ker­ken van de Ti­tus Brands­ma­pa­ro­chie op de Ve­lu­we. Het is een voor­na­me­lijk pro­tes­tants ge­bied. Dit jaar werd een nieu­we Her­vorm­de kerk in ge­bruik ge­no­men die plaats biedt aan twaalf­hon­derd ge­lo­vi­gen. De klei­ne ka­tho­lie­ke en­cla­ve moet het met min­der doen. Er is niet eens el­ke week een Eucha­ris­tie, van­daar dat rei­zen­de en ge­pen­si­o­neer­de pries­ters zeer wel­kom zijn. Maar op de­ze plek, waar al­les door vrij­wil­li­gers in stand wordt ge­hou­den, voel ik me erg thuis. Er is een gro­te aan­dacht en veel de­vo­tie in de­ze klei­ne kerk. In Ca­li­for­nia zie je dat niet vaak zo. Al­les is hier meest­al ef­fi­ci­ënt en pro­fes­si­o­neel ge­re­geld. En bij­na el­ke pa­ro­chie heeft nog een da­ge­lijk­se Mis. Maar on­langs was het toch an­ders, toen ik een week­je lo­geer­de in het Na­ti­o­naal Park Yo­se­mi­te, vlak bij Fre­s­no. Ooit was daar een vol­le­dig func­ti­o­ne­ren­de pa­ro­chie met een pa­stoor en een pas­to­rie. Maar toen die pa­stoor zes jaar ge­le­den ziek werd, kon het bis­dom geen ver­van­ging vin­den. Er zijn nu twee ou­de­re pa­ro­chi­a­nen, Da­vid (73) en Do­lo­res (81), die er­voor zor­gen dat toch bij­na el­ke week de Mis kan wor­den ge­vierd tus­sen El Ca­pi­tan, de Sen­ti­nel en de Half Do­me, de drie gro­te brok­ken gra­niet waar elk jaar ze­ven mil­joen toe­ris­ten uit de he­le we­reld op af ko­men. Da­vid is on­der­houds­man in het luxe Ma­jestic Ho­tel en Do­lo­res maakt el­ke dag nog het post­kan­toor schoon. Ze be­ho­ren tot de klei­ne groep vas­te be­wo­ners van het park. Ze heb­ben het niet breed, maar doen al­les wat ze kun­nen om de pa­ro­chie Our La­dy of the Snows in stand te hou­den. Hun aan­bod kun je ei­gen­lijk niet af­slaan. Je mag gra­tis een week in de een­vou­di­ge pas­to­rie ver­blij­ven als je op zon­dag de Mis doet. Dan to­ve­ren ze een paar rij­den­de al­taar­stuk­ken te­voor­schijn uit de op­slag, en het the­a­ter van het park is plot­se­ling een kerk ge­wor­den, waar soms meer dan twee­hon­derd men­sen de Mis vie­ren. Het is niet moei­lijk om te pre­ken in Yo­se­mi­te. Bij el­ke stap in de­ze over­wel­di­gen­de na­tuur ben je door­dron­gen van Gods aan­we­zig­heid. Als je in het to­ver­ach­ti­ge mor­gen­licht een groep­je her­ten voor­bij ziet schui­fe­len dan twij­fel je er niet aan dat God het heel­al heeft ge­scha­pen. Het brengt bij de mens een diep ont­zag te­weeg dat hij van de­ze schoon­heid mag ge­nie­ten en haar moet be­hoe­den met heel zijn kracht. Dat is een ge­voel dat al die toe­ris­ten ver­bindt, ge­lo­vig of niet. Maar er is geen be­te­re ma­nier om dit al­les in dank­baar­heid te­rug te ge­ven aan de Schep­per dan door de Eucha­ris­tie te vie­ren. Want is het niet die Chris­tus die on­der ons kwam wo­nen om die Schep­ping tot vol­tooi­ing te bren­gen? Die­zelf­de Chris­tus die tot ons komt on­der de te­ke­nen van brood en wijn. En die mocht ik pre­sent stel­len. Niet eer­der be­sef­te ik zo sterk de hei­lig­heid van de woor­den: “Dit is het Lam van God dat weg­neemt de zon­den van de we­reld – Heer, ik ben niet waar­dig dat Gij tot mij komt, maar spreek slechts een woord, en ik zal ge­zond wor­den…”

Als je in het mor­gen­licht her­ten ziet, twij­fel je er niet aan dat God het heel­al schiep

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.