Woord van de paus

Katholiek Nieuwsblad - - KNWERELDKERK -

Tij­dens de al­ge­me­ne au­di­ën­tie van 30 mei sprak paus Fran­cis­cus over het vorm­sel als de ze­gel van de Geest.

De apos­tel Pau­lus be­schrijft de over­vloe­di­ge vruch­ten van de Geest: “Lief­de, vreug­de, vre­de, ge­duld, vrien­de­lijk­heid, goed­heid, trouw, zacht­heid, in­ge­to­gen­heid” (Gal. 5,22). De unie­ke Geest ver­deelt de veel­heid aan ga­ven die de unie­ke Kerk ver­rij­ken: Hij is de Au­teur van de di­ver­si­teit, maar te­ge­lij­ker­tijd is Hij de Schep­per van een­heid. Zo schenkt de Geest al de­ze rijk­dom­men die di­vers zijn, maar te­ge­lij­ker­tijd har­mo­nie bren­gen, of­wel de een­heid van al de­ze gees­te­lij­ke rijk­dom­men waar­over wij chris­te­nen be­schik­ken. Vol­gens de tra­di­tie die werd over­ge­le­verd door de apos­te­len wordt de Geest, die de ge­na­de van het doop­sel ver­vol­maakt, over­ge­dra­gen door het op­leg­gen van de han­den (vlg. Hand. 8,15-17; 19,56; Heb. 6,2). Om de uit­stor­ting van de Geest be­ter tot uit­druk­king te bren­gen, werd aan die Bij­bel­se han­de­ling al snel een zal­ving met wel­rie­ken­de olie toe­ge­voegd. Die olie wordt tot op de dag van van­daag chris­ma ge­noemd, zo­wel in het Oos­ten als in het Wes­ten (vlg. de Ca­te­chis­mus, 1289). De olie, het chris­ma, is een ge­ne­zen­de en cos­me­ti­sche sub­stan­tie die door bin­nen te drin­gen in het li­chaam won­den ge­neest en het li­chaam doet geu­ren; om die re­de­nen werd de zal­ving op­ge­no­men in de bij­bel­se en li­tur­gi­sche sym­bo­liek om uit­druk­king te ge­ven aan de wer­king van de Hei­li­ge Geest, die de do­pe­ling wijdt en door­dringt. Het sa­cra­ment wordt toe­ge­diend door de zal­ving met de olie op het voor­hoofd, ter­wijl de bis­schop de han­den op­legt met de­ze woor­den: “Ont­vang het ze­gel van de Hei­li­ge Geest, de ga­ve Gods.” De Hei­li­ge Geest is het on­zicht­ba­re ge­schenk en de olie is daar het zicht­ba­re ze­gel van. Door op zijn voor­hoofd het kruis­te­ken te ont­van­gen met de wel­rie­ken­de olie, ont­vangt de vor­me­ling dus een gees­te­lijk en on­uit­wis­baar stem­pel. Dit is het ‘merk­te­ken’ dat hem meer op Chris­tus doet ge­lij­ken en hem de ge­na­de geeft om on­der de men­sen ‘een heer­lij­ke geur’ te ver­sprei­den (vlg. 2 Kor. 2,15). Luis­te­ren we naar de uit­no­di­ging van de hei­li­ge Am­bro­si­us aan de nieuw ge­vorm­den. Hij zei: “Ver­geet niet dat je het gees­te­lijk ze­gel hebt ont­van­gen (…) en be­waar wat je hebt ont­van­gen. God de Va­der heeft in u het ze­gel ge­drukt en Chris­tus de Heer heeft u ge­sterkt en u de Geest als on­der­pand in uw hart ge­legd” ( 7,42: CSEL 73,106; cf. RKK, 1303). Het is een ga­ve om met zorg te be­wa­ren, met ge­hoor­zaam­heid te ont­plooi­en en ons er, als was, door te la­ten vor­men door zijn vu­ri­ge lief­de om Je­zus Chris­tus in de we­reld van­daag te weer­spie­ge­len (apos­to­li­sche ex­hor­ta­tie 23). (Vert. SvdB)

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.