Geen ge­na­de

Metro Holland (Amsterdam) - - News -

„Het lijkt wel een spin­ne­tje. Echt, to­tal­ly creepy.” Drie paar ogen sta­ren met ver­ba­zing naar het gla­zen buis­je wat op ta­fel ligt. „Hij leeft nog”, con­sta­teert mijn oud­ste neef van der­tien, na­dat hij een aan­tal keer met de ca­nu­le heeft staan schud­den. „Maar hij móet dood”, vult de jong­ste hier moord­lus­tig aan toe. Di­rect krijgt hij po­si­tie­ve bij­val van zijn zus. „Die hor­ror-teek heeft zich vast ge­zo­gen in de nek van on­ze tan­te. Hier staat de dood­straf op.”

Zelf vind ik ook dat dit mon­ster , na on­dra­ge­lijk lij­den, moet ster­ven. Het feit wil ech­ter dat zich een ro­de plek rond de beet heeft ge­vormd. En Goog­le ad­vi­seert de teek nog even te be­wa­ren. Mocht het no­dig zijn dan kan die pa­ra­si­te­ren­de ke­ver ge­test wor­den op Bor­re­lia, de bac­te­rie die de ziek­te van Ly­me ver­oor­zaakt of op (on­der an­de­re) het TBE-vi­rus, te­ke­nen­ce­fa­li­tis, wat her­sen(vlies)ont­ste­king kan ver­oor­za­ken.

In de au­to dan maar. On­der­weg spreekt mijn jong­ste fa­mi­lie­lid het pa­ra­sie­tje nog even toe. Met zijn neus te­gen het glaas­je kijkt hij, iet­wat scheel, het teek­je drei­gend aan. „Jij hebt er­voor ge­zorgd dat ik nu nog geen McDo­nald’s krijg en ik heb hon­ger.” Be­le­digd kijk ik hem aan: „En ik dan? Hij wil mij ziek ma­ken?” Op­nieuw pakt hij het in­sect er­bij. Nu met nog meer daad­kracht in zijn stem: „Wie mijn tan­te sloopt, sloop ik en als ik hon­ger heb wordt het nog er­ger.”

„Zo goed?”, vraagt hij. Ik knik be­ves­ti­gend. Te­vre­den rij­den we ver­der.

Een­maal in de spreek­ka­mer luis­te­ren we ge­dwee naar wat de huis­arts ons al­le­maal te ver­tel­len heeft. Hij checkt de wond en leest het in­ter­net nog eens zorg­vul­dig door. „Con­tro­leer na een wan­de­ling in de na­tuur uw lijf op te­ken, ver­wij­der zo no­dig de teek met een spe­ci­a­le tang…” Ik zie die klei­ne met zijn ogen draai­en. Dit had­den we zelf ook al be­dacht. Be­moe­di­gend knik ik hem toe. Ik weet dat hij trek heeft. En de dok­ter doet hier heel lang over.

Ein­de­lijk ko­men we toch tot het mo­ment waar­op we de dood­straf of­fi­ci­eel kun­nen be­spre­ken. De ge­nees­heer in kwes­tie ad­vi­seert iets met een plak­band­je en dood­druk­ken. Maar dan staat mijn rid­der op. Hij steekt zijn vuis­ten in de lucht. „Een ha­mer en vuur. Geen ge­na­de”, roept hij. De dok­ter kijkt mij kri­tisch aan. In een flits grijp ik de teek van ta­fel en duw mijn im­mer ga­lan­te strij­der rich­ting de deur. „Hij heeft hon­ger”, zeg ik ver­ont­schul­di­gend.

‘Wie mijn tan­te sloopt, sloop ik en als ik hon­ger heb wordt het nog er­ger.’

Mar­greet Pe­re­boom

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.