Voet­bal­ler Ro­sa­rio is on fi­re

Een ba­sis­plaats bij PSV, een we­reld­goal in de Cham­pi­ons Le­a­gue en voor het eerst uit­ge­no­digd voor het Ne­der­lands elf­tal. En hij heeft ook nog eens de mooi­ste voet­bal­naam van dit mo­ment. Pa­blo Pau­li­no Ro­sa­rio is on fi­re.

Metro Holland (Holland) - - Voorzijde Pagina - JOHAN VAN BO­VEN j.van.bo­ven@tmg.nl

De jon­ge aan­voer­der van DWS C1 zit in de au­to met zijn va­der. Het is een ty­pisch ge­sprek tus­sen va­der en zoon, hoe­wel Pa­blo Pau­li­no Ro­sa­rio op de ach­ter­bank voor­al luis­tert. Ach­ter het stuur ra­telt pa­pa maar door. „Ik kan jou niets meer le­ren, jij weet al­les al. Ik kan je al­leen be­paal­de din­gen over het le­ven ver­tel­len. Over het ri­si­co dat ta­lent er niet uit­komt. Over door­bre­ken of niet door­bre­ken. Dat kan ik je le­ren: wat zijn de ri­si­co’s? Bij­voor­beeld: vrou­wen, ver­keer­de vrien­den. Be­grijp je?”

Va­der Ro­sa­rio brengt zijn zoon bij dat hij zich niet moet ver­lie­zen in de tal­lo­ze meis­jes die ach­ter hem aan­ko­men als hij het goed doet op het voet­bal­veld. „Ik heb mijn ta­lent ver­spild om­dat ik met 16, 17 jaar aan de vrou­wen ben be­gon­nen. An­ders was ik mis­schien ad­vo­caat of dok­ter ge­wor­den, dat ver­wacht­te mijn moe­der. Ik heb er geen spijt van, want ik heb prach­ti­ge kin­de­ren ge­kre­gen. An­ders zat jij hier nu niet in de au­to. Maar vrou­wen kun­nen je hoofd op hol bren­gen. Hele­maal op hol. Als je prof bent, trouw je een vrouw. Zon­der hoofd­pijn. Tot die tijd moet je ze ne­ge­ren.”

Het is een prach­ti­ge scè­ne uit de do­cu­men­tai­re De Prijs

van de He­mel, waar­in om­roep Hu­man de jon­ge voet­bal­ler Pa­blo volgt. Ook het Ne­der­lands elf­tal komt ter spra­ke, de ploeg waar hij gis­te­ren – zes jaar na de uit­zen­ding – voor het eerst mee train­de. De laat­ste tijd wordt de do­cu­men­tai­re on­li­ne weer veel­vul­dig be­ke­ken. „Ik krijg er nu veel re­ac­ties op”, zegt de mid­den­vel­der aan de rand van het trai­nings­veld van de KNVB Cam­pus. „Mijn naam komt nu wat va­ker naar vo­ren en ko­men er ou­de din­gen naar bo­ven. Zelf heb ik de do­cu­men­tai­re niet te­rug­ge­ke­ken. Toen ‘ie werd uit­ge­zon­den, heb ik ‘m twee keer be­ke­ken en mis­schien dat ik er de ko­men­de we­ken nog een keer tijd voor maak.”

Ro­sa­rio heeft de hoofd­rol, maar zijn va­der is min­stens zo be­lang­rijk. Hij barst­te dan ook bij­na uit el­kaar van trots toen hij hoor­de dat zijn zoon was uit­ge­no­digd voor de in­ter­lands te­gen Duits­land en Bel­gië. „Hij stuur­de me via What­sApp een ge­spro­ken be­richt en uit al­les bleek dat hij heel erg blij voor mij is. Maar ui­ter­aard kreeg ik ook ge­lijk te ho­ren dat ik er nog lang niet ben. Dat weet ik zelf ook wel. Het is prach­tig dat ik nu on­der­deel uit­maak van het Ne­der­lands elf­tal, maar dit moet voor mij pas het be­gin zijn.”

De les­sen van zijn va­der (af­kom­stig van de Do­mi­ni­caan­se Re­pu­bliek) wa­ren be­lang­rijk op de be­hoor­lijk kron­ke­li­ge weg naar de top. Toen hij in de jeugd van Fey­en­oord speel­de, be­sloot zijn va­der klei­ne Pa­blo weg te ha­len bij de club uit Rot­ter­dan. Hij kwam bij DWS te­recht, waar Ajax hem op­merk­te en ver­vol­gens bin­nen­haal­de. Daar werd hij ech­ter te licht be­von­den. Van het gro­te Ajax ver­kas­te hij naar het nie­ti­ge Al­me­re Ci­ty. Een gro­te stap te­rug, maar uit­ein­de­lijk zet­te Ro­sa­rio drie reu­zen­stap­pen voor­uit.

Van­uit de (toen nog) Ju­pi­ler Le­a­gue kwam hij bij PSV te­recht, waar hij dank­zij Phil­lip Co­cu zijn de­buut maak­te voor het eer­ste elf­tal. Maar veel kwam hij niet aan spe­len toe on­der de naar Fe­ner­bah­çe ver­trok­ken trai­ner. Mark van Bom­mel gaf hem wel de kans en voor­dat Ro­sa­rio het wist, had hij een ba­sis­plaats ver­o­verd, schoot hij te­gen In­ter­na­zi­o­na­le de bal prach­tig in de krui­sing en kreeg hij een uit­no­di­ging van Ronald Koe­man.

„Mijn va­der heeft me al­tijd bij­ge­staan. En hij is niet de eni­ge van wie ik veel steun heb ge­had. Mijn he­le fa­mi­lie is er voor mij ge­weest.” Zijn ou­ders zijn ge­schei­den, maar zit­ten ko­men­de za­ter­dag sa­men in de Johan Cruijff Are­na om wel­licht naar het de­buut van hun zoon te kij­ken. Ook zijn vier broers en vier zus­sen zijn aan­we­zig. „En ik denk dat een hoop ooms en tan­tes ook nog wel een kaartje wil­len.”

Nu over­heerst de blijd­schap, maar toen Ro­sa­rio bij Ajax werd weg­ge­stuurd, was dat na­tuur­lijk wel an­ders. Was hij dan echt niet goed ge­noeg voor de Ne­der­land­se top? Valt zijn voet­bal­droom uit­een? Het wa­ren ge­dach­ten voor de bui­ten­we­reld, niet voor hem­zelf. „Ik was sim­pel­weg niet fit van­we­ge een bles­su­re en daar­om moest ik naar Al­me­re Ci­ty. Maar ik wist dat ik goed ge­noeg was voor het ni­veau van Ajax. Uit­ein­de­lijk heeft het voor mij heel goed uit­ge­pakt, me­de om­dat ik sa­men met mijn fa­mi­lie er­in ben blij­ven ge­lo­ven.”

Met als re­sul­taat dat hij gis­ter­avond ten over­staan van de rest van de se­lec­tie een lied­je moest zin­gen. Ro­sa­rio zag als een berg op te­gen de tra­di­tie voor nieuw­ko­mers. „Toen ik bij PSV kwam, moest ik dat ook doen en ging het niet al te best. We zijn ruim een jaar ver­der, dus ho­pe­lijk gaat het nu een stuk be­ter”, zei hij een paar uur voor­dat hij een lied­je van de Ne­der­land­se rap­per Lij­pe ten ge­ho­re bracht.

Ook dat zou­den mooie beel­den zijn voor een do­cu­men­tai­re. „We zijn in­mid­dels tien jaar ver­der en in de loop der tijd ver­an­der je als voet­bal­ler en mens. Lo­gisch, maar van bin­nen zal ik al­tijd re­a­li­se­ren dat ik het jo­chie uit die do­cu­men­tai­re moet blij­ven.”

‘Toen ik naar Al­me­re Ci­ty moest, wist ik dat ik goed ge­noeg was voor Ajax.’

Pa­blo Ro­sa­rio

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.