Streeft het trai­nees­hip zijn doel voor­bij?

Metro Holland (Rotterdam) - - Branded Content -

trai­nee wil zich van­af mo­ment één kun­nen ont­wik­ke­len, de or­ga­ni­sa­tie wil ta­len­ten aan­trek­ken en ze op een plek van waar­de neer­zet­ten”, ver­telt Ju­nier.

Wat er daad­wer­ke­lijk ge­beurt, is dat trai­nees vaak niet op de juis­te plaats te­recht­ko­men en weg­gaan. Maar liefst 60 pro­cent van de trai­nees ver­trekt tij­dens of na die twee jaar naar een an­der be­drijf. Ju­nier: „Ei­gen­lijk ad­vi­seer ik jon­ge pro­fes­si­o­nals bij­na al­tijd om niet op een trai­nees­hip te re­a­ge­ren. De in­ten­ties van be­drij­ven zijn goed, maar de uit­voe­ring laat vaak te wen­sen over.” Hij be­noemt bo­ven­dien dat van­we­ge de ho­ge werk­druk burn outs re­la­tief vaak voor­ko­men. Ver­wach­tin­gen bij­stel­len De ho­ge ver­wach­tin­gen wor­den al ge­schept bij de aan­mel­ding. Om het tot trai­nee te schop­pen, moet je meer­de­re, stren­ge se­lec­tie­ron­des door en staan er naast een hoog ge­mid­del­de bij­na al­tijd bui­ten­land- en be­stuurs­er­va­ring op het wen­sen­lijst­je van de or­ga­ni­sa­tie. Ju­nier: „Die fo­cus op de se­lec­tie is echt on­e­ven­re­dig. Je moet door ze­ven ron­des heen en dan is het nog­al een over­win­ning als je de baan bin­nen haalt. Als je dan op een raar pro­ject te­recht­komt of je moet zelf wat ver­zin­nen, dan is de te­leur­stel­ling ex­tra groot.”

Den­nis (25) maak­te het mee. Hij werd na vijf ron­des aan­ge­no­men voor een trai­nees­hip bij een groot merk. „Ik dacht: dat zal wel goed ge­re­geld zijn en dat werd me ook be­loofd. Mee­kij­ken op ver­schil­len­de af­de­lin­gen, veel trai­nin­gen. Ze ga­ven aan dat ik on­der­deel uit­maak­te van de be­lof­te­groep.” Dat viel vies te­gen, ont­dek­te Den­nis al vrij snel. Hij kaart­te het aan bij de or­ga­ni­sa­tie, maar er werd niets mee ge­daan.

Een goed trai­nees­hip houdt meer in dan mee­draai­en op ver­schil­len­de af­de­lin­gen en een leer- en ont­wik­kel­pro­gram­ma aan­bie­den. Bo­ven­dien kun­nen die twee za­ken door or­ga­ni­sa­ties op ei­gen wij­ze wor­den in­ge­vuld, wat leidt tot een gro­te di­ver­si­teit tus­sen trai­nees­hips. Scroll door va­ca­tu­res voor trai­nees­hips en je vindt de ver­schil­len gauw ge­noeg. Ju­nier: „Het is een sexy woord. Het klinkt goed voor werk­ne­mers, maar ook voor klan­ten van het be­drijf. ‘Oh, jul­lie heb­ben een trai­nees­hip? Dan zul­len jul­lie wel goed zijn.’”

Hoe moet een trai­nees­hip er vol­gens Ju­nier dan wel uit­zien? „De fo­cus moet wor­den ver­an­derd van le­ren in een be­paald tijds­be­stek naar het daad­wer­ke­lijk ont­wik­ke­len van vaar­dig­he­den. Stel: je doet vier op­drach­ten in twee jaar tijd, waar­van er maar een re­le­vant is. Dan heb je maar een half jaar er­va­ring in plaats van twee. Je start ei­gen­lijk steeds met een nieu­we baan op een mo­ment dat je het een beet­je on­der de knie hebt. Hier­door gaat er veel po­ten­ti­eel ver­lo­ren.”

Dit is pre­cies waar Den­nis te­gen­aan liep. „Ik krijg het idee dat ik voor­al een goed­ko­pe kracht ben en dat ik he­le­maal geen streep­je voor heb.” Met drie jaar werk­er­va­ring op zak is hij toe aan een vol­gen­de uit­da­ging. Maar zo­wel in­tern als ex­tern krijgt hij te ho­ren: ‘je hebt maar een half jaar spe­ci­fie­ke werk­er­va­ring’. Te­rug naar de star­ters­baan Ook al zijn er be­drij­ven die hun zaak­jes qua trai­nees­hips wel op or­de heb­ben, Ju­nier is van mening dat we het con­cept trai­nees­hip zo­als het nu be­staat moe­ten schrap­pen. „Voor ie­de­re young pro­fes­si­o­nal moet er bin­nen or­ga­ni­sa­ties wor­den na­ge­dacht hoe ze te be­ge­lei­den en te ont­wik­ke­len zo­dat ze van waar­de kun­nen zijn. Ook na die twee jaar.” Bo­ven­dien moet er be­ter wor­den na­ge­dacht over de match tus­sen werk­ne­mer en be­drijf. „Naar mijn idee gaat het niet om de bes­te kan­di­daat, maar om de juis­te: past hij of zij qua per­soon­lijk­heid in de or­ga­ni­sa­tie, wil hij of zij zich ont­wik­ke­len en op wel­ke vlak­ken?”

Ju­nier pleit voor een ‘hel­de­re groei­rou­te’ voor de eer­ste vijf jaar, waar­in al­le star­ters de juis­te be­ge­lei­ding en feed­back krij­gen. Weg met het com­pe­ti­tie­ve ele­ment: „ik wil de trai­nees­hip bub­ble la­ten bar­sten.” In de vorm van een ap­pren­ti­ceship, of ge­woon een star­ters­baan. Dan maar iets min­der sexy.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.