Een Eritree­ër moet je al­les uit­leg­gen

Asiel­zoe­kers uit Eritrea staan heel ver af van de Ne­der­land­se sa­men­le­ving. Hoe help je ze op weg?

NRC Handelsblad - - In het nieuws - Shei­la Ka­mer­man Door on­ze re­dac­teur

De Erit­re­se jon­ge vrouw in fel­ro­ze trai­nings­jas schudt haar tas met en­ve­lop­pen leeg. Er zit een brief­je van de wo­ning­cor­po­ra­tie bij. De vrij­wil­li­ger gaat bel­len. De me­de­wer­ker van de cor­po­ra­tie wil de jon­ge vrouw zelf spre­ken. Maar die spreekt geen Ne­der­lands, al­leen Ti­gri­nya. Ze schudt haar hoofd. Goed, dan mag de vrij­wil­li­ger het woord voe­ren. De jon­ge vrouw moet dan wel toe­stem­ming ge­ven. Die kijkt hul­pe­loos naar de te­le­foon. „Ja! Ja!”, roept ze. Dan barst ze in snik­ken uit.

Er is geen re­cen­te groep asiel­zoe­kers die ver­der af­staat van de Ne­der­land­se sa­men­le­ving dan de Eritree­ërs. In hun land is vrij­wel ál­les an­ders. Dus wie hen op weg wil hel­pen in Ne­der­land, moet bij het be­gin be­gin­nen.

‘Be­gin bij de ba­sis’, is dan ook het be­lang­rijk­ste ad­vies in het rap­port Hand­rei­king in­te­gra­tie Eritree­ërs, van het Ken­nis­plat­form In­te­gra­tie en Sa­men­le­ving (KIS), dat de­ze don­der­dag ver­schijnt.

Het KIS werd re­gel­ma­tig ge­vraagd om ad­vie­zen over de in­te­gra­tie van Eritree­ërs. „We had­den geen in­for­ma­tie­pak­ket op de plank lig­gen”, zegt on­der­zoe­ker Me­rel Kah­mann. „Maar we wil­den graag vol­doen aan de be­hoef­te.”

Bij het ker­ke­lijk cen­trum Open Hof in Rotterdam Om­moord heeft een trou­we groep vrij­wil­li­gers al ruim twin­tig jaar er­va­ring met hulp aan vluch­te­lin­gen en ze kij­ken ner­gens meer van op. De jon­ge vrouw in het ro­ze trai­nings­jack­je is een van ve­le Eritree­ërs die bin­nen­drup­pe­len op het woens­dag­och­tend­spreek­uur, met de meest uit­een­lo­pen­de vra­gen. Paul Berg­mans, be­trok­ken van­af het eer­ste uur, heeft veel aan zijn er­va­rin­gen met So­ma­li­ërs. „Al­leen had­den de So­ma­li­ërs ook no­ma­di­sche trek­ken, soms was een he­le fa­mi­lie van de ene op de an­de­re dag ver­dwe­nen.”

Vr­jj­wil­li­ger Da­vid Isak­ha­ni belt met de be­las­ting­dienst voor een jon­ge Eritree­ër die hoop­vol te­gen­over hem zit. De vo­ri­ge be­wo­ner krijgt nog steeds de huur­toe­slag die ei­gen­lijk naar de Eritree­ër toe moet. Het scheelt hem en zijn vrouw ruim 200 eu­ro per maand. Ze le­ven van een uit­ke­ring. Isak­ha­ni houdt moe­dig stand in het Rot­ter­dam­se bu­reau­cra­tisch moe­ras en belt met de ene na de an­de­re amb­te­naar. Zon­der hem zou de jon­ge­man al­lang ver­zo­pen zijn.

Zon­der goe­de be­ge­lei­ding drei­gen veel Eritree­ërs aan­slui­ting met het le­ven in Ne­der­land te mis­sen. Rot voor hen, maar ook ver­ve­lend voor Ne­der­land want het gaat om een gro­te groep veel­al jon­ge men­sen: in 2014, 2015 en 2016 vroe­gen ruim 12.500 Eritree­ërs asiel aan in Ne­der­land, drie­kwart is on­der de der­tig jaar, de mees­ten zijn man en al­leen­staand. In to­taal wo­nen er zo’n 20.000 men­sen met Erit­re­se wor­tels in Ne­der­land.

Maar de be­ge­lei­der moet wel we­ten hoe hij een Eritree­ër goed be­ge­leidt. Het is weer heel an­ders dan de hulp aan een Sy­ri­ër of Ira­kees. Je kunt een Eritree­ër, net in Ne­der­land, stap voor stap gaan uit­leg­gen hoe je in­ter­net­ban­kiert. Maar dat schiet niet op. Vaak ver­trou­wen ze de bank niet eens.

Juist om­dat het een groep is die een spe­ci­fie­ke aan­pak ver­eist, in­ter­view­den Me­rel Kah­mann en haar col­le­ga’s men­sen die al lan­ger er­va­ring heb­ben met de in­bur­ge­ring van Eritree­ërs. Het le­ver­de een baai­erd aan ad­vie­zen op waar an­de­ren hun voor­deel mee kun­nen doen. Het werkt goed, zo blijkt, als Eritree­ërs die hier al lan­ger wo­nen, pas ge­ar­ri­veer­de land­ge­no­ten hel­pen. Zij ken­nen de ge­brui­ken, ge­woon­ten en de­li­ca­te kwes­ties. Én ze spre­ken Ti­gri­nya. Erg han­dig, want de mees­te Eritree­ërs spre­ken geen En­gels.

„Toch moet je ook op­pas­sen om zo­maar een Eritree­ër op een net ge­ar­ri­veer­de land­ge­noot af te stu­ren”, zegt on­der­zoe­ker Kah­mann. De eer­de­re golf Erit­re­se asiel­zoe­kers, die tus­sen 1980 en 1998 in Ne­der­land ar­ri­veer­den, heb­ben vaak een heel an­de­re kijk op Eritrea en het re­gime dan de hui­di­ge vluch­te­lin­gen. Dat kan bot­sen.

Bij ker­ke­lijk cen­trum het Open Hof we­ten ze dat al lang. Daar zijn Bet-El Te­kle­ma­ri­am (Bet­ty) en Filmon Kflay on­mis­baar. Al­le­bei heb­ben ze een Eri­te­se ach­ter­grond. Bei­den ren­nen van de een naar de an­der om te ver­ta­len. Stu­dent Filmon Kflay, heeft de ba­by op zijn heup van een van de be­zoe­kers. Bet­ty geeft ie­der­een haar mo­bie­le num­mer en wordt van ’s mor­gens tot ’s avonds ge­beld. „Ze heb­ben ge­woon ie­mand no­dig die al­les uit­legt.”

In het rap­port wordt ge­we­zen op het prin­ci­pe show, don’t tell. Zo be­sloot wo­ning­co­ör­po­ra­tie Eem­land Wo­nen uit Baarn na een aan­tal mis- ver­stan­den met Erit­re­se be­wo­ners tot een an­de­re aan­pak. Bij Eritree­ërs doen ze de in­ta­ke niet op kan­toor maar in de nieu­we wo­ning. Kah­mann: „Dan kun je la­ten zien hoe al­les werkt.” Cen­tra­le ver­war­ming, het ach­ter­om­me­tje naar de schuur, het bo­ven­raam­pje dat je ’s nachts moet open­zet­ten. Kah­mann: „Een Ne­der­lan­der vindt het wel­licht zo nor­maal om het huis te ven­ti­le­ren dat hij er niet aan denkt om dat uit te leg­gen. Een Eritree­ër die het weer hier koud, nat en voch­tig vindt, houdt mis­schien ra­men en deu­ren ge­slo­ten waar­door het in de wo­ning gaat schim­me­len.”

Ini­ti­a­tie­ven om el­kaar te ont­moe­ten wer­ken ook goed. Kah­mann noemt de Bus­sum­se fiets­club waar­bij Eritree­ërs sa­men met Ne­der­lan­ders fiet­sen. Maar er zijn ook voor­beel­den van voet­bal­wed­strij­den en pick­nicks en dag­jes uit.

Le­ren in­ter­net­ban­kie­ren heeft wei­nig zin als je de bank niet eens ver­trouwt

Da­vid Isak­ha­ni belt de Be­las­ting­dienst om de Erit­re­se man die voor hem zit te hel­pen. Op de ach­ter­grond Filmon Kflay (rechts), die ver­taalt uit het Ti­gri­nya.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.