Adem­be­ne­men­de plaat­sen Naz­ca­lij­nen in Pe­ru

Times of Suriname - - CULTUUR -

De lij­nen van Naz­ca zijn ge­og­lie­fen, te­ke­nin­gen in het zand van de pam­pa’s van Ju­ma­na en Naz­ca in Pe­ru. De tien­tal­len fi­gu­ren van die­ren, hon­der­den ge­o­me­tri­sche vor­men en dui­zen­den lij­nen en lij­nen­spel­len zijn in het woes­tijn­zand van de hoog­vlak­te van Pe­ru lang be­waard ge­ble­ven. De hoog­vlak­te is een van de droog­ste ge­bie­den op aar­de met een ge­mid­del­de jaar­tem­pe­ra­tuur van 25 gra­den Cel­si­us. Het is er bij­na al­tijd wind­stil en er valt vrij­wel geen re­gen, zo­dat de lij­nen dui­zen­den ja­ren be­waard ble­ven.

De lij­nen zijn ver­moe­de­lijk tus­sen 200 voor en 900 na Chris­tus ver­vaar­digd door de Naz­ca- en Paraca-in­di­a­nen. Het ge­bied werd ech­ter al tien­dui­zend jaar be­volkt door men­sen, die een ver­schei­den­heid aan cul­tu­ren heb­ben ont­wik­keld in het zui­den van Pe­ru. In 1994 heeft de Unes­co de lij­nen toe­ge­voegd aan de of­fi­ci­ë­le We­rel­derf­goed­lijst. De eer­ste ver­mel­ding van de fi­gu­ren in de li­te­ra­tuur da­teert uit 1547 toen ont­dek­kings­rei­zi­ger Cie­za van Le­on het ge­bied be­zocht. In de ja­ren 30 van de 20e eeuw kwa­men de wis­kun­di­gen Ma­ria Rei­che en Paul Ko­sok met de hy­po­the­se van een as­tro­no­mi­sche be­te­ke­nis van de lij­nen en fi­gu­ren. Ver­der veld­on­der­zoek werd uit­ge­voerd door de ar­che­o­lo­gen Rein­del en Isla, die meer dan 650 op­gra­vin­gen de­den en een ver­kla­ring voor de lij­nen for­mu­leer­den tij­dens hun werk­zaam­he­den bij het ont­ra­fe­len van de cul­tuur­his­to­rie van de vol­ke­ren van de re­gio. Het team ont­dek­te dat in en rond de ge­gra­ven lij­nen klei­ne kui­len ge­gra­ven wa­ren, waar land­bouw­pro­duc­ten en die­ren in be­gra­ven wa­ren. Ze con­clu­deer­den dat het een soort ri­tu­e­le ka­na­len wa­ren, die de zeer wei­ni­ge re­gen­val zou­den moe­ten ver­voe­ren. Daar­bij moet be­dacht wor­den dat er per eeuw slechts een aan­tal mil­li­me­ters aan neer­slag valt. Ze ga­ven ech­ter niet aan waar­om de ma­kers zo enorm veel ener­gie en tijd in de­ze ‘af­voer­ka­na­len’ heb­ben ge­sto­ken. Ook is er geen ver­kla­ring ge­ge­ven voor het feit dat de af­voer­ka­na­len geen dui­de­lijk eind­punt had­den waar het wa­ter heen zou moe­ten stro­men. Kort­om, hun hy­po­the­se is nog­al om­stre­den. Van dicht­bij ge­zien lij­ken de lij­nen een­vou­di­ge ploeg­vo­ren. Door de ge­o­lo­gi­sche ei­gen­schap­pen van de pam­pa was het niet moei­lijk goed zicht­ba­re vor­men te ma­ken. Het op­per­vlak be­staat uit een laag don­ker­ro­ze grind, waar­bij de kleur wordt ver­oor­zaakt door oxi­da­tie, met di­rect daar­on­der een laag hel­der­ge­le kie­zels. De te­ke­nin­gen be­staan uit ge­o­me­tri­sche fi­gu­ren, me­an­ders, voor­stel­lin­gen van die­ren, dool­ho­ven en an­de­re vor­men. Het dui­de­lijkst en be­roemdst zijn de die­ren­te­ke­nin­gen: vo­gels van 25 tot 275 m leng­te (ko­li­bries, con­dors, een pe­li­kaan, meeuw, pa­pe­gaai en an­de­re), een aap, een spin, een slak, een ha­ge­dis, een le­gu­aan, een slang, een hond met een lan­ge staart en po­ten, twee la­ma’s en zelfs een or­ka. De ha­ge­dis werd door­sne­den tij­dens de aan­leg van de snel­weg Pa­na­me­ri­ca­na Sur. Door veel van de te­ke­nin­gen zijn spi­ra­len en an­de­re (rech­te) lij­nen ge­te­kend. Dui­zen­den lij­nen be­strij­ken een ge­bied van 520 km2 maar som­mi­ge strek­ken zich uit tot een ge­bied van 800 km2. De lij­nen va­ri­ë­ren in leng­te; som­mi­ge zijn tot 275 m lang. De diep­te van de lij­nen is ner­gens gro­ter dan 30 cm en som­mi­ge zijn zelfs slechts kras­sen, maar als de zon ach­ter de heu­vels zakt, wordt het re­li­ëf in het sche­mer­don­ker van­zelf dui­de­lij­ker.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Suriname

© PressReader. All rights reserved.