Rovers bin­den fa­mi­lie in kip­pen­ren

Times of Suriname - - FRONT PAGE -

PARAMARIBO - Cri­mi­ne­len heb­ben za­ter­dag­och­tend een fa­mi­lie aan de Jes­se­run­weg in het dis­trict Wa­ni­ca over­val­len en ge­kne­veld. De man des hui­zes ver­telt aan de krant dat de rovers zijn vrouw, doch­ter en schoon­moe­der in de kip­pen­ren had­den vast­ge­bon­den.

Het gaat om vijf rovers die de daad heb­ben ge­pleegd, van wie er drie in het huis wa­ren ge­gaan. Ze for­ceer­den een raam en dron­gen rond twee uur in de och­tend het pand bin­nen. Ze maak­ten daar­na de ach­ter­deur en het die­ven­ij­zer open om hun vlucht te ver­ze­ke­ren. Ver­vol­gens gin­gen ze in de slaap­ka­mer van het echt­paar.

De man ver­telt dat hij niet door­had dat rovers in zijn huis wa­ren. Hij ver­moedt dat de da­ders een be­dwel­mend mid­del heb­ben ge­spo­ten in het huis, waar­door hij, zijn vrouw, doch­ter en schoon­moe­der in die­pe slaap ble­ven. Hij schrok wak­ker toen hij een slag op zijn borst voel­de. Hij keek op en zag dat drie zwaar­ge­wa­pen­de cri­mi­ne­len met hand­schoe­nen aan, in zijn ka­mer ston­den. Een van hen hield een ge­weer op het hoofd van het slacht­of­fer. Hij en zijn vrouw wer­den ge­sla­gen. Hun mond werd dicht­ge­bon­den met een la­ken. De man moest ver­tel­len waar het geld en de sie­ra­den wa­ren be­waard. Toen de cri­mi­ne­len de ka­mer over­hoop had­den ge­haald en al­le kost­ba­re goe­de­ren had­den ge­sto­len, gin­gen ze in de an­de­re ka­mer waar­in de doch­ter en schoon­moe­der slie­pen. Ze wer­den ook ge­kne­veld en mis­han­deld; hun ka­mer werd ook over­hoop­ge­haald. De rovers plaat­sten de vier slacht­of­fers in eer­ste in­stan­tie op een bed, maar daar­na brach­ten ze de vrouw, doch­ter en schoon­moe­der in de kip­pen­ren waar ze wer­den vast­ge­bon­den. Hun mond was dicht­ge­plakt, waar­door ze niet om hulp kon­den roe­pen. De man moest plat in de gang lig­gen, waar hij een paar keer werd ge­schopt. Hij zegt dat hij be­wus­te­loos was ge­raakt toen de da­ders hem met een koe­voet op het hoofd had­den ge­sla­gen. Hij moest me­disch wor­den be­han­deld. De aan­ge­ver ver­telt dat al­le kost­ba­re goe­de­ren in het huis zijn ge­sto­len. Hij heeft geen mo­bie­le te­le­foon meer. De man had bij­na SRD 10.000 bij zich, die hij van an­de­ren van het be­drijf voor wie hij werkt, moest hou­den. Hij ver­moedt dat er een tip zou zijn ge­ge­ven om hem te be­ro­ven. Vol­gens hem wis­ten de da­ders al­les pre­cies over zijn huis. Hij ver­moedt dat de man­nen zijn ou­ders die op het­zelf­de erf wo­nen ook wil­den over­val­len. Het viel hem op dat de rovers steeds naar meer geld vroe­gen. Ze ga­ven aan dat ze zul­len te­rug­ko­men om de fa­mi­lie weer te be­ro­ven.

“Mijn huis is bij­na leeg­ge­roofd. Al­leen het te­le­vi­sie­toe­stel heb­ben ze ach­ter­ge­la­ten.” De man ver­moedt dat de da­ders via een aan­gren­zend per­ceel waar een nieuw huis wordt ge­bouwd, het ter­rein heb­ben be­tre­den. Hij heeft daar voet­spo­ren ge­zien. Er zijn bu­ren die wel een au­to in de buurt heb­ben ge­hoord. Ver­moe­de­lijk zijn de da­ders af­ge­zet en op­ge­haald. De fa­mi­lie is ge­trau­ma­ti­seerd en slaapt se­dert de be­ro­ving niet in het huis. Een van de cri­mi­ne­len heeft een pat­ta ach­ter­ge­la­ten die in be­slag is ge­no­men. De da­ders wa­ren he­le­maal in het zwart ge­kleed. Vol­gens de man des hui­zes wil­de een van hen zijn ogen met een schroe­ven­draai­er ka­pot­ma­ken.

WJ

Newspapers in Dutch

Newspapers from Suriname

© PressReader. All rights reserved.