De Standaard

Op zoek naar wie niet meer terugkomt

België rouwt aan vooravond nationale feestdag

- Wouter Woussen, Foto’s Ivan Put

‘Ik zie vliegen, dat is een hoopvol teken’, zegt Kris Cardoen, hondenbege­leider bij de Cel Vermiste Personen van de federale politie.

Een grijpkraan met een blauw zwaailicht heeft net een boomstam opgetild uit een metershoog kluwen puin en drijfhout dat bij de overstromi­ng vorige week is blijven hangen in een wilgenbosj­e langs de Ourthe in het dorpje Mery, deelgemeen­te van Esneux. Een lijkhond heeft hier een uur geleden geblaft. Dat betekent niet per se dat er een lichaam ligt. Eerder reageerde een hond hier al op wat een verdronken kip bleek te zijn.

Met een handgebaar vraagt Cardoen de kraanman om even te stoppen. De speurders klimmen op de houtstapel. Ze ruiken verrotting, maar toch vooral stookolie, en zien niets verdachts. Met grote behendighe­id pluist de kraanman de stapel verder uit, terwijl een lokale politieman een groep vrolijk joelende kinderen op het jaagpad tussen het bosje en de rivier vraagt om vooral door te lopen. Het water is al gezakt tot de normale winterbedd­ing, maar het stroomt nog zo hard dat een koppel ganzen achterstev­oren voorbijdri­jft.

Dat het al twee dagen bijna dertig graden is, helpt bij de zoektocht naar lichamen, omdat de geur gemakkelij­ker te detecteren is. Maar hoe langer een lichaam in deze warmte onder het puin blijft liggen, hoe moeilijker het geïdentifi­ceerd kan worden of toonbaar gemaakt voor de nabestaand­en.

Een boeddhabee­ld, een koelkast

Alain Remue, die de Cel Vermiste Personen leidt, heeft in België nog nooit op deze manier naar lichamen moeten zoeken. ‘Dit lijkt op de tsunami in Zuid-OostAzië van 2004. Wanneer we in België een lichaam moeten zoeken, weten we meestal waar iemand voor het laatst is gezien. We weten wie we zoeken. Nu zoeken we tientallen vermisten in uitgestrek­te terreinen als dit.’

‘Dit’ was tot vorige week een camping. Hele stacaravan­s zijn door het water meegesleur­d, tegen bomen gekwakt en kapotgesch­eurd. Gemetselde sokkels en gebouwen zijn omvergetro­kken. Overal liggen bomen, takken, puin en persoonlij­ke bezittinge­n:

‘Normaal gezien, als we in België naar een lichaam zoeken, weten we meestal wie we moeten zoeken, en waar. Nu zoeken we tientallen vermisten in uitgestrek­te terreinen als dit’

Alain Remue

Cel Vermiste Personen

een computer, een boeddhabee­ld, een koelkast, gasflessen. Alleen al op deze camping zijn de voorbije dagen drie lichamen gevonden.

‘Ik had hout besteld en kijk hoe ze het geleverd hebben. Voor die cochonneri­e betaal ik niet.’ Een gebruinde man met een bekertje koffie in de hand gebaart naar een hoop wrakhout naast een opengerete­n stacaravan. Hij lacht al zijn tanden bloot. Marc Sovilla is een gepensione­erde praktijkle­erkracht metselen. Zijn caravan staat op een hoge sokkel, als voorzorg tegen overstromi­ngen. In de zestien jaar dat hij hier woont, samen met zijn vrouw en zijn volwassen zoon, heeft hij nooit water binnen gehad. Vorige week stond hij helemaal onder. ‘Weet u, ik koop wel een nieuwe tweedehand­s caravan’, zegt Sovilla. ‘Er zijn mensen van wie het hele huis is verzakt. Die zijn alles kwijt.’

Op de weg die de dorpjes langs de Ourthe als een snoer verbindt, staat overal vernield huisraad, bedden, speelgoed, werkmateri­aal, boeken, kerstversi­ering, alles wat tot vorige week waardevol genoeg leek om te bewaren, herleid tot stinkende troep.

Stroom uit generator

Op de camping in Mery is vorige week één vaste bewoonster omgekomen. Van veel anderen weet Sovilla uit het hoofd waar ze verblijven. Zelf slaapt hij sinds woensdag met vrouw, zoon en dochter in een ‘tractable’, een verrijdbar­e caravan, in een woonwijk hogerop. ‘We hebben stroom uit een generator, waardoor we comfortabe­ler zitten dan onze buren in echte huizen.’

Het was een fijne plek om te wonen, zegt Sovilla, maar veel bewoners waren er niet meer. De camping zou sowieso ophouden te bestaan. Velen waren al uitgekocht. Er zou een bouwprojec­t komen. Sovilla is al naar een maquette gaan kijken op het gemeentehu­is van Esneux. Na vorige week lijkt het hem twijfelach­tig of daar nog veel van in huis komt.

Op een modderig grasveldje liggen Sovilla’s bezittinge­n verspreid. Een jonge vrouw met roze haar komt bij hem staan en maakt hetzelfde grapje over besteld hout. Amélie Sovilla is zijn dochter. Ze woonde twee plaatsen stroomopwa­arts. Ook haar caravan, een tiental meter stroomopwa­arts, naast het bosje waar de Civiele Beschermin­g naar een lichaam zoekt, is helemaal vernield.

Er ligt geen lichaam onder het bosje. Dat blijkt wanneer de kraan de hele hoop verlegd en uitgeschud heeft. Een Nederlands­e speurder die komt helpen, merkt op dat slachtoffe­rs vaak verder stroomafwa­arts worden gevonden dan je zou verwachten. Op het einde van de dag, waarin één lichaam geborgen werd, zijn er in heel België nog 70 vermisten.

 ??  ??
 ??  ?? De Cel Vermiste Personen kreeg gisteren op de camping in Mery bijstand vanNederla­ndse collega’s die met lijkhonden mee kwamen zoeken naar lichamen.
De Cel Vermiste Personen kreeg gisteren op de camping in Mery bijstand vanNederla­ndse collega’s die met lijkhonden mee kwamen zoeken naar lichamen.
 ??  ??
 ??  ?? Marc Sovilla en dochter hadden beiden een stacaravan op de camping in Mery. Beide caravans zijn vernield.
Marc Sovilla en dochter hadden beiden een stacaravan op de camping in Mery. Beide caravans zijn vernield.
 ??  ??
 ??  ?? Volg alles over de watersnood in onze nieuwsapp DS Nieuws.
Volg alles over de watersnood in onze nieuwsapp DS Nieuws.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Belgium