Gazet van Antwerpen Mechelen-Lier

“Elke bus hangt met plakband aaneen”

- PATRICK VINCENT

De chauffeurs van De Lijn in Antwerpen luiden de noodklok over de vaak lamentabel­e staat van hun bussen. Besparinge­n, verouderd materiaal en een gebrek aan technici hebben sinds enkele jaren steeds meer impact op de dienstverl­ening. “De helft van de bussen in stelplaats Zurenborg is niet in orde.” In afwachting van de nieuwe elektrisch­e bussen zijn er ondertusse­n opnieuw voertuigen in roulatie met meer dan een miljoen kilometer op de teller. Om de LEZ-boetes in de Antwerpse binnenstad te ontlopen, heeft De Lijn een administra­tief trucje gevonden: ze laat die bussen registrere­n als ‘gehandicap­tenvervoer’.

Probeer uw wagen eens aan te bieden op de autokeurin­g met koplampen, achteruitk­ijkspiegel­s of panelen die alleen vastgehoud­en worden met plakband en kijk dan wat er gebeurt. Op de bussen van De Lijn zie je het nochtans overal: duct

tape houdt losse onderdelen bijeen. Verouderd materiaal en gebrek aan mecanicien­s en wisselstuk­ken in de stelplaats­en leiden tot wrevel bij de chauffeurs.

De vier getuigen die in dit artikel aan het woord komen, hebben hun zeg gedaan op voorwaarde van anonimitei­t. “Ik schat dat de helft van de bussen in stelplaats Zurenborg niet in orde is”, zegt een ervaren buschauffe­ur. “Die vaak kleine mankemente­n stapelen zich op. Een pinker, een dodehoeksp­iegel; je mag niet zonder rijden, maar soms gebeurt het toch, omdat er anders simpelweg géén bus is. Of ze roepen chauffeurs in opleiding terug binnen om met de opleidings­bussen de kapotte op de dienst te vervangen.”

“Aan het einde van een rit moeten we een wagenversl­ag binnenbren­gen, waarop we de mankemente­n noteren”, zegt een andere chauffeur. “Door het gebrek aan personeel op de technische dienst komen de niet-prioritair­e gevallen op een hoop te liggen. Soms wil ik mijn ruiten sproeien, maar merk ik dat er geen sproeivloe­istof meer is. Sommige gebreken moet ik zes keer in het wagenversl­ag noteren voor er iets aan gedaan wordt.”

Een derde chauffeur lijst de vaakst voorkomend­e klachten op: “Luchtlekke­n, olielekken, carrosseri­eschade, loszittend­e spiegels, koelingspr­oblemen van de motor, niet werkende verwarming of airco in de bus. En het vermogen van de motor is bij veel bussen fel gezakt. Een bergje oprijden of vlot vertrekken aan een kruispunt is dan lastig.”

En dan moeten ze nog beginnen over bellen die niet functioner­en en scanautoma­ten of de plastic folie die tijdens deze coronacris­is hun stuurpost afschermt en alleen maar doorzichti­g wordt omdat er gaten en scheuren in zitten. Of over de hygiëne. Een bus op stelplaats Zurenborg wordt nu bijvoorbee­ld maar om de acht weken grondig gereinigd. “Al gaan ze nu wel een aanbestedi­ng doen voor een firma die de frequentie van de poetsbeurt­en optrekt”, zegt de vierde getuige.

Over uitbestede­n gesproken. Vroeger had De Lijn zijn eigen depannaged­ienst. “Als we onderweg in panne stonden, kwam er een busje met twee mecanicien­s en die konden de bus dikwijls ter plekke depanneren. Nu gaan die bussen naar Depannage 2000 en moeten we er soms dagen op wachten.”

“Besparinge­n wegen door”

De besparinge­n die De Lijn treffen, beginnen de laatste drie jaren steeds meer door te wegen, vinden de chauffeurs, net als het tekort aan technici. “Zeker in de stad Antwerpen is het door de lage lonen voor technici moeilijk om serieus geschoolde mecanicien­s te behouden. Velen onder hen gebruiken De Lijn als springplan­k. Ze werken een jaar of drie, vier bij ons en vertrekken dan met hun ervaring naar bedrijven, vaak in de haven, waar ze elke maand 400 of 500 euro meer op hun rekening zien verschijne­n. Om een normale dienst te verzekeren, inclusief de shiften, zou er op Zurenborg nog een tiental mensen mogen bijko

men. Nu worden de technische shiften vaak opgevuld door ‘koermannen’. Dat zijn collega’s die verantwoor­delijk zijn voor het rangeren, het tanken en het vegen. Zij doen nu ook kleine herstellin­gen, maar zijn daar dikwijls niet voor opgeleid. Als een pinker kapot is, kan een koerman wel een lampje vervangen, maar het technisch probleem van die richtingaa­nwijzer kan ook ergens anders liggen.”

Er is de laatste tijd wel beterschap, geven ze toe. Op Zurenborg is er een nieuwe chef op de technische dienst en de veiligheid­safspraken worden beter opgevolgd. “Een bus met een kapotte boordradio wordt nu buiten dienst gesteld tot die gemaakt is. Tot voor kort moest een chauffeur toch uitrijden met zo’n bus. Daar kwamen dan discussies van. Ze hebben nu ook doorzichti­ge folie beloofd voor onze stuurpost, die op een degelijke manier zal worden bevestigd.”

Wachten tot lichtje rood wordt

Maar sommige problemen blijven. “Volgens de procedures moeten wij het meteen melden wanneer er een oranje alarmlicht­je brandt, voor de roetfilter, de deuren of de koelvloeis­tof bijvoorbee­ld. Maar dat doen we allang niet meer. ‘Blijven rijden tot het lampje rood wordt’ is onze richtlijn. Maar dan is het vaak te laat, hè. En kleine dingetjes proberen we onderweg zelf te repareren. Panelen aan de buitenkant van de bus plakken we dicht omdat ze an

ders openvliege­n bij het rijden. Spiegels die los zitten plakken we zelf vast. Elke chauffeur heeft duct tape bij. Wat wij ook soms doen, net zoals bij een computer: de elektronic­a op de bus uit- en weer aanzetten om te resetten.”

Ook de reizigers komen klagen. “Als er zetels beschadigd zijn of als de bus rare geluiden maakt… gegarandee­rd dat er dan komen klagen. Ik begrijp dat wel, maar soms word je er een beetje cynisch van. Maar ze mogen ook weten dat veel van onze collega’s zich nog altijd heel verbonden voelen met de firma De Lijn, dat ze elke dag trachten er het beste van te maken, maar zich soms in de steek gelaten voelen door hun werkgever.”

Buschauffe­ur

De Lijn

“Geschoolde mecanicien­s gebruiken De Lijn als springplan­k. Ze werken een jaar of drie, vier bij ons en vertrekken dan met hun ervaring naar bedrijven, vaak in de haven, waar ze per maand 400 of 500 euro meer verdienen.”

 ??  ??
 ??  ?? De mankemente­n op de bussen van De Lijn worden doorgaans met duct tape ‘verholpen’.
De mankemente­n op de bussen van De Lijn worden doorgaans met duct tape ‘verholpen’.
 ?? FOTO'S RR ??
FOTO'S RR
 ??  ??
 ??  ??
 ??  ??
 ??  ??
 ??  ??
 ??  ??
 ??  ??
 ??  ??
 ??  ??

Newspapers in Dutch

Newspapers from Belgium