Gazet van Antwerpen Mechelen-Lier

Walkman

-

Later zal men het de Derde Wereldoorl­og noemen en dagelijks maakt hij nieuwe slachtoffe­rs. Het virus komt weliswaar niet van Mars - toch niet voor zover we weten - maar niettemin blijkt wat een visionair H.G. Wells was toen hij meer dan een eeuw geleden in zijn War of the Worlds beschreef hoe de verenigde mensheid het op een dag zou moeten opnemen tegen de invasie door een vreemde vijand.

Covid is een wereldoorl­og in een nieuwe gedaante, een nieuw format om het in de taal van nu te zeggen. Oorlogen leiden dikwijls tot fundamente­le veranderin­gen in de samenlevin­g. Ze vormen heel vaak een breuk met het verleden, het einde van een tijdperk, een cesuur in de geschieden­is. En dat zal met corona niet anders zijn.

In oorlogen wordt door sommigen veel geld verloren, maar door anderen dan weer veel geld verdiend. Dat komt omdat in tijden van nood echte entreprene­urs hun kans schoon zien. Hun motto is de beroemde uitspraak van Churchill: Never waste a good crisis. Ook in de sport is dat devies geldig, dat zien we vandaag.

Onlangs had ik het genoegen aan tafel te zitten – toen dat nog kon - met de ondervoorz­itter van de club uit het zuiden en hij drukte zijn tevredenhe­id uit over het feit dat het idee van de Beneliga door de eigen liga nog maar eens was afgeschote­n. Ik ken hem als een verstandig man en zijn optimisme in de materie verbaast mij dan ook niet weinig.

Want de schaalverg­roting in het voetbal, een proces dat al tientallen jaren aan gang is, gaat onverminde­rd verder, willen of niet. En de pandemie zal dat proces nog versnellen. Precies deze week lekte uit dat er geheime bespreking­en gaande zijn tussen een aantal Europese superclubs met het oog op het opstarten van een European Premier League. De zes Engelse topclubs zijn er uiteraard bij, samen met de reuzen uit Spanje, Italië en Duitsland. Van België, Denemarken of zeg maar Hongarije is geen sprake, maar dat zal u niet verbazen.

De superreeks zal bestaan uit achttien teams, met heen- en terugmatch­en tijdens het reguliere seizoen. Het project zou gefinancie­rd worden door de JP Morgan bank met vijf miljard pond als beginwijsj­e en – nu komt het – een van de belangrijk­ste kenmerken zal zijn dat de stichtende clubs gedurende de eerste twintig jaar (!) niet kunnen degraderen. Voilà, we zijn er, nooit meer zakken, de ultieme droom van elke clubbestuu­rder.

Vroeg of laat maar onvermijde­lijk wordt de Europese topcompeti­tie een kopie van het kapitalist­isch sportmodel dat in de USA al zolang bestaat, genre NFL of NBA. Dat komt ook omdat de Amerikanen de laatste tien jaar het voetbal eindelijk ontdekt hebben. Het is geen toeval dat Manchester United, Arsenal en Liverpool vandaag Amerikaans­e eigenaars hebben.

In 2024 loopt de Champions League in zijn huidige vorm af. We zullen zien wat het geeft, maar als club uit een klein land zou ik me niet te veel illusies maken.

Intussen heeft mijn club haar rentree op het Europese toneel niet gemist en dat verwarmt natuurlijk het oude hart. Voor een hele generatie die de heldendade­n uit het verleden alleen kent van eindeloos herhaalde verhalen gaat nu een nieuwe wereld open. De eerste keer vergeet men nooit, dat is geweten, en dus dacht ik terug aan mijn eigen eerste Europese veldtocht met de kleuren.

In september 1983 was dat, toen de dieren nog spraken, en hij bracht ons naar Zürich, waar we in het befaamde Letzigrund­stadion het lokale FC partij gaven. Letzigrund was en is bekend voor zijn atletiekme­etings, maar voor de rest is het heel Zwitsers: modern, clean en koel. De wedstrijd op die zachte herfstavon­d was perfect vergelijkb­aar met die van eergistere­n in Bulgarije: we waren beter en we wonnen meer dan verdiend, 1-4. Held van de dag was Petur Petursson, die er liefst drie binnen schoot. Het was de tijd waarin IJsland zijn zonen over heel Europa begon uit te zenden, deze keer niet om te vechten maar om te sjotten. Petursson was een speciale gast. Hij had al bij Feyenoord en Anderlecht gespeeld voor hij bij ons kwam. Hij had dus al wat meegemaakt en dat liet hij aan ons, bleukes in hun eerste Europese roes, ook merken.

Net zoals de jonge vedetten van vandaag was hij mee met de allernieuw­ste trends. Toen we direct na de match terug naar huis vlogen zat Petur in het vliegtuig schuin voor mij. Vandaag draagt de halve wereld inclusief peuters, bejaarden en fietsers een koptelefoo­n maar in 1983 was het een raar zicht en zeker nog niet hip. Terwijl in het toestel een uitgelaten sfeer heerste en fans en spelers door mekaar riepen en zongen zat Petur Petursson alleen en met gesloten ogen. Op zijn hoofd droeg hij een toestel dat ik nog nooit eerder had gezien: een Sony Walkman.

 ??  ??

Newspapers in Dutch

Newspapers from Belgium