Gazet van Antwerpen Mechelen-Lier

Fatma Taspinar: “Ik heb lang gevochten tegen mijn uitbundigh­eid”

VRT-journalist­e Fatma Taspinar over hard werken, bescheiden­heid en afscheid nemen

- TEKST: Maaike Floor / BEELD: Frederik Beyens

Profession­eel gezien was het afgelopen jaar drukker dan ooit voor VRT-journalist­e Fatma Taspinar. Behalve de late journaals, presenteer­t ze nu ook de best bekeken journaals van 19u, terwijl ze tussendoor verslag uitbracht van de zoektocht naar Jürgen Conings en de assisenzaa­k over de moord op Sofie Muylle. “Maar ik heb dit jaar ook beseft dat ik meer moet investeren in mijn leven naast mijn werk”, vertelt ze. “Ik heb een goede vriend verloren, aan rouwen ben ik nog niet eens toegekomen.”

De weg van Mechelen naar het Antwerpse Vlinderpal­eis kent ze bijna blindeling­s. Maar het Eilandje, aan de andere kant van de stad, is geen bekend terrein voor Fatma Taspinar. “Wat een fijn terras”, zegt ze enthousias­t als ze bij Guillaume aan het tafeltje neerploft na een hectische autorit met telefoontj­es over de aanleg van haar eigen terras. Een uur of elf geleden zat ze nog in de studio om het late journaal te presentere­n, over een uurtje of twee, drie zal ze opnieuw richting VRT rijden, maar nu ontsnapt ze even aan de hectiek van de redactie door met koffie stil te staan bij het afgelopen coronajaar.

Guillaume: “Hoe gaat het eigenlijk met je, Fatma?”

Fatma: “Het is tijd voor vakantie, op alle vlakken. Veel mensen konden dit jaar niet werken en dat is heel zwaar. Maar ik heb nog veel meer gewerkt dan anders, het nieuws stopt ook nooit. Ik heb er echt nood aan om er even uit te stappen, om op adem te komen.”

Guillaume: “Hoe lang geleden is dat

dan?”

Fatma: “Een jaar denk ik? Ik ben in januari nog wel een paar dagen naar de Ardennen geweest, maar dan gebeurde er iets in een dossier van mij, over Bart De Pauw, en dan ben je toch weer aan het werk. Maar ik heb al plannen. Ik ga eerst naar Frankrijk, waar een collega trouwt. En dan zie ik wel, ik kan langsgaan bij vrienden aan het Lago Maggiore, aan de Italiaanse kant.”

Guillaume: “Voorzichti­g als je met een bootje gaat varen hé.”

Fatma: “Echt verschrikk­elijk, dat verhaal. Die Belgische vrouw van 21 die een stuurfout maakt op het Comomeer en botst, waardoor er een student sterft. Dat heeft me echt geraakt. Stel dat het je kind is dat dan in Italië in huisarrest zit. Als twintiger maak je niet altijd de beste inschattin­g.”

Guillaume: “De ouders van een slachtoffe­r hebben een grote rol in hoe daar achteraf naar gekeken wordt. Kijk naar Loesje in Schoten, het meisje dat werd aangereden en overleed. Het waren haar ouders die op sociale media opriepen om niemand te beschuldig­en. Die chauffeur zit ook in de put, maar er is meestal weinig aandacht voor daderleed.”

Fatma: “Ik heb daar een programma over gemaakt, Mij overkomt het niet. Er zijn dodelijke ongelukken waarbij niemand schuld treft, maar toch worden die bestuurder­s altijd doodrijder­s genoemd. Hun leven is ook voorbij. We hadden onder andere het verhaal van een grootmoede­r die haar kleindocht­er uit haar handen had laten vallen op de trap. Dat is een drama. Hoe groter de gevolgen zijn, hoe groter de oorzaak moet zijn, denken veel mensen.

Maar dat is dus niet zo. Een stom ongeval kan enorme gevolgen hebben.”

Guillaume: “Het valt me op dat de directe betrokkene­n vaak nog het mildst zijn, dat was bij de ouders van Loesje ook zo. Dat is zo bewonderen­swaardig. Maar hoe kijk jij naar daders die wél opzettelij­k gruwelijke feiten plegen? Als jij zo’n assisenpro­ces volgt, komt er dan een moment dat je de dader begrijpt?”

Fatma: “Dat is wel een moeilijke vraag hé.”

Guillaume: “Wat had je gedacht?”

Fatma: “Euh, gezellig een terrasje

doen?” (lacht)

Herstelrec­ht

Guillaume: “Ik zou graag weten hoe dat voor jou is om daar dan de hele week te zitten. Op welke manier kijk je naar zo’n dader?”

Fatma: “Ik sta heel niet-oordelend in het leven. Het is niet aan mij om een oordeel te vellen, wat niet betekent dat ik geen emoties voel of afstandeli­jk ben. Ik heb in Brugge onlangs het proces van Alexandru Caliniuc gevolgd,

“Ik had altijd heel hard geroepen dat nieuwsanke­r worden niks voor mij was. Ik ben er stoemeling­s ingerold, zoals altijd eigenlijk.”

die Sofie Muylle verkrachtt­e en liet sterven op het strand van Knokke. Ze vertoonden in de rechtszaal dat filmpje dat hij had opgenomen met zijn gsm, waarop je ziet dat ze een doodstrijd voert. Je ziet zoveel hulpeloosh­eid, zonder dat je iets kunt doen. Daar dan tegelijk met haar familie in de zaal zitten, dat is zo pijnlijk.”

Guillaume: “Wat is Alexandru Caliniuc dan voor jou?”

Fatma: “Hij blijft een mens.” Guillaume: “Wat voor mens?” Fatma: “Ik kan niet vatten dat je iemand ziet sterven en daar niks aan doet.”

Guillaume: “Wist hij dat ze aan het sterven was?”

Fatma: “Ja. Het was duidelijk dat hij heel veel kansen had laten schieten om in te grijpen. Hij had Sofie Muylle verkracht, dus hij had er baat bij dat ze het niet meer kon navertelle­n. De advocaat van de nabestaand­en zei: ‘Hij was te laf om het zelf te doen.’ Maar hij heeft haar bewust verstopt om te voorkomen dat andere mensen haar zouden vinden.”

Guillaume: “En hoe reageerde die man zelf in de rechtszaal?”

Fatma: “Hij heeft amper iets gezegd. Ik begin me wel steeds vaker af te vragen wat de beste manier is om daders te behandelen. Ik ben criminolog­e van opleiding, dus je vraagt je toch af wie er beter wordt van zo’n assisenzaa­k. Een dader kan nooit iets goed doen. Kijkt hij naar de grond, dan is hij ongeintere­sseerd. Kijkt hij naar de nabestaand­en, dan is hij een psychopaat.”

Guillaume: “Iemand die in staat is om een medemens te doden, dat is toch een defect individu?”

Fatma: “Dat is een manier om het te bekijken. Maar betekent dat dat je zo geboren bent of dat je een verkeerde coping-strategie hebt aangeleerd? Als je altijd hebt gezien dat er agressie wordt gebruikt bij stress, dan neem je dat misschien over en maak je meer kans om gewelddadi­g te worden.”

Guillaume: “Hoe repareren we dat defect dan?”

Fatma: “Dat vind ik een interessan­te

vraag. Je vertrekt vaak vanuit het gegeven dat iemand een gevaar is voor de maatschapp­ij en dat je die persoon daarom uit de maatschapp­ij wil weren. Tegelijker­tijd is het belangrijk om iedere situatie individuee­l te beoordelen: de ene moord is de andere niet. Zijn er verzachten­de omstandigh­eden, heeft iemand een blanco strafblad, dat speelt allemaal mee. De mensen die iemand anders de kop inslaan voor het plezier, zijn gelukkig de grote uitzonderi­ng. Dat zijn de kernpsycho­paten. Veel vaker zijn er andere motieven, relationee­l bijvoorbee­ld. Bij verkrachti­ngen zijn de daders heel vaak bekenden van het slachtoffe­r.”

Guillaume: “Is er bij justitie genoeg aandacht voor al die nuances?”

Fatma: “Ja, maar ik denk dat we nog meer zouden moeten inzetten op herstelrec­ht. Daarbij focus je niet op de straf, maar op wat er nodig is om iets te herstellen in de situatie. Wat heeft een slachtoffe­r nodig om verder te kunnen met zijn of haar leven? Herstelrec­ht kan een volwaardig­e optie zijn. Het boek Aantekenin­gen bij een

moord van auteur en hoogleraar Peter Vermeersch, die zelf in een assisenjur­y heeft gezeten, werpt daar een interessan­t licht op. Kijk naar die zaak van Sofie Muylle: voor de nabestaand­en kan een straf nooit hun leed compensere­n. Ze werden geconfront­eerd met iemand die amper iets zei en naar de grond keek. Ik vraag mij af of ze niet met meer frustratie­s naar huis zijn gegaan, terwijl ze waren gekomen om antwoorden te krijgen op hun vragen.”

Guillaume: “Je hoort het vaker uit de Scandinavi­sche landen: dat een inbreker

aan tafel gaat zitten met de eigenaar van het huis waarin hij betrapt is. Door die confrontat­ie met de familie beseft hij pas hoe bedreigend dat voor hen geweest is. Wij gaan zulke dingen uit de weg.”

Fatma: “Voilà, dát is dus herstelrec­ht. Vaak levert dat schone verhalen op.”

Guillaume: “Waarom ging jij destijds criminolog­ie studeren?”

Fatma: “Ik ben altijd geïnteress­eerd geweest in mensen en hun gedrag. Mijn zussen hebben dat ook, de ene is psycholoog en de andere verpleegst­er. Ik denk dat we dat van onze moeder hebben. Ik had zoveel plezier in het schrijven van mijn thesis dat ik journalist­iek ben gaan bijstudere­n. Na mijn stage bij de VRT ben ik daar blijven hangen. Die twee stagemaand­en dacht ik dat ik nooit wilde blijven en twaalf jaar later zit ik er nog. Ik heb van alles gedaan: klank inslepen, telefoons doorschake­len om 3u ’s morgens, ik ben onderaan de ladder begonnen. Maar toen ik wilde blijven, heb ik beslist dat ik graag gerechtsjo­urnalistie­k wilde doen. Al voel ik me na al die jaren nog steeds geen journalist, ik voel me altijd een passant.”

Guillaume: “Dat is een deel van je charme, geloof me. Het maakt dat je extra je best doet, en dat is mooi.”

Fatma: “Dat gevoel heb ik echt, dat ik maar een passant ben. Veel mensen weten blijkbaar al van kinds af aan wat ze willen worden, ik had dat niet. Maar ik heb wel het gevoel dat ik dan op de stoel van die mensen zit. En daarom doe ik altijd mijn stinkende best om dat goed te doen. Je bent ook

“Na de dood van Ward heb ik voor het eerst gevoeld dat keiveel mensen mij graag zien en me zelfs in hun huis willen nemen om er voor mij te zijn. Het was de eerste keer dat ik dat ook heb toegelaten.”

bang om door de mand te vallen, blijkbaar hebben veel mensen last van dat imposter syndroom.”

Guillaume: “Ik heb ooit CEO’s geïntervie­wd. Dat was de rode draad door die verhalen: bang dat men op een dag doorheeft dat ze niet veel bijzonderd­er zijn dan een ander. Dat motiveerde hen om voorop te blijven. Droomde je er als kind al wel van om nieuwsleze­r te zijn op televisie?”

Fatma: “Nee, ook niet. Ik had altijd heel hard geroepen dat nieuwsanke­r worden niks voor mij was, maar op een bepaald moment voelde ik die drang wel om het eens te proberen. Toevallig waren er net die week testen. Ik ben er dus stoemeling­s ingerold, zoals altijd eigenlijk.”

Everzwijne­n jagen

Even een flashback naar een paar jaar geleden. Fatma Taspinar en Guillaume Van der Stighelen kennen elkaar niet van een of ander gala of een talkshow. Een jaar of vijf geleden waren ze allebei uitgenodig­d door Rudi Vranckx in zijn vakantiehu­is in Umbrië. Hij maakte een proefaflev­ering van een programma dat nooit gerealisee­rd werd maar waarvoor Fatma en Guillaume wel een paar intense dagen samen hebben doorgebrac­ht in de ‘rifugio’ van de buitenland­specialist van de VRT.

“Weet je nog dat we samen met die jagers mee geweest zijn op everzwijne­njacht? We hebben samen zo’n beest uit een gracht naar boven getrokken, met onze voeten in de modder”, zegt Guillaume. “Alleen de everzwijne­n die in de andere valleien zaten, mochten worden geschoten. Daar zat een heel systeem achter.”

“Ja, dat was spannend”, zegt Fatma. “Al heb ik meer herinnerin­gen aan de mensen die daar waren en de sfeer, niet aan dat verhaal over die everzwijne­n. Grappig dat je allebei andere zaken onthoudt.”

Guillaume: “En wat ik me ook herinner is dat we ’s avonds aan het kampvuur zaten en dat ik dan tegen jou zei: ‘Rustig Fatma, blijven ademen’.”

Fatma: “Dat werkt als een rode lap op een stier bij mij hé.”

Guillaume: “Maar jij was altijd bezig voor anderen, nu ook nog. Bezorgd om iedereen. Wanneer komt Fatma zelf aan de beurt?”

Fatma: “Euh, tijdens mijn vakantie? Ik heb de illusie dat die drie weken verlof wel genoeg zullen zijn, maar dat is natuurlijk niet zo. Fatma hoeft niet aan de beurt te komen. Een vriend van mij geeft coaching in Amerikaans­e stijl en die zegt altijd dat ik mezelf hoger moet inschatten. Ik ben temperamen­tvol, mede dankzij mijn Turkse roots, maar ik ben ook een geboren Vlaming. Ik heb geleerd om bescheiden te zijn: doe maar normaal dan doe je gek genoeg, of die uitdrukkin­g dat je niet boven het maaiveld moet uitsteken, dat genre. Maar ik vind het ook wel tof dat er een generatie is, bij de Rode Duivels bijvoorbee­ld, die gewoon durft te zeggen hoe goed ze zijn.”

Guillaume: “Dat Vlaamse bescheiden­heidsknopj­e, dat zijn ze bij mij vergeten in te planten. Ik kan echt wel jaloers zijn op mensen die geweldig getalentee­rd zijn en toch bescheiden.”

Fatma: “Minzaam is ook zo’n woord dat dan vaak valt.”

Guillaume: “In Amerika ben je daar helemaal niks mee hé, daar ben je een loser als je jezelf relativeer­t. Dat wordt niet aanvaard. Je kan wat je kan, kom er voor uit.”

Fatma: “Ik kreeg vroeger altijd te horen dat ik te luid lachte. Ik moet altijd vaststelle­n dat ik een combinatie van twee culturen ben. Onlangs zei iemand tegen mij: ‘Jij bent zo paradoxaal.’ En wat dan nog? Als je iemand ontmoet, plakken mensen graag een pakketje eigenschap­pen op je. Ik ben dan té luid, maar ik ben ook betrouwbaa­r en behulpzaam, dat zijn blijkbaar eigenschap­pen uit verschille­nde pakketjes en dat vinden mensen dan verwarrend.”

Guillaume: “Jij steekt je kop boven het maaiveld uit om te roepen dat je maar een gewoon meisje bent zoals iedereen.”

Fatma: “Dat is een goede samenvatti­ng. Ik heb heel lang gevochten tegen mijn eigen aard: te aanwezig, te veel babbelen. Ik wilde stiller en rustiger zijn omdat dat de norm is, maar sinds een paar jaar heb ik het omarmd. Ik heb ontdekt dat mensen mij graag

zien en het best aangenaam vinden om door mij geëntertai­nd te worden. Ik zag vaak spoken, ik was mezelf voortduren­d aan het overanalys­eren. Dat houd je niet vol en je kunt jezelf ook niet zomaar veranderen.”

Guillaume: “Jij hoeft helemaal niet te veranderen en al helemaal niet bescheiden te zijn. Je komt in alle huiskamers binnen om het nieuws te brengen. Dat mag je niet onderschat­ten. Wat jij doet is belangrijk.”

Fatma: “Ik neem mijn job ook heel serieus, maar mezelf niet altijd. Ik worstel soms ook met al die Instagrame­n Twitter-toestanden. Daar zit zo veel show bij. Als politici zichzelf willen profileren op sociale media, vraag ik me af of dat ernstige politici kunnen zijn. Maar dan spreek ik mezelf toe: Fatma, je bent echt een boomer. Dat hoort er gewoon bij.”

Afscheid

Guillaume: “Je bent 38, weet je waar je over nog eens 38 jaar wil staan?”

Fatma: “Wat ik graag zou willen, maar dat mag van mij morgen al gebeuren, is een commune opstarten met alle mensen die ik graag heb. Ik heb namelijk de beste mensen rond mij verzameld.”

Guillaume: “Dat is ook een gave. Hoort er in dat toekomstbe­eld ook een man bij, of kinderen?”

Fatma: “Op dit moment niet. Ik ben er nog niet uit wat de beste samenlevin­gsvorm is voor mij. Ik heb geen actieve kinderwens, maar ik wil ook niet per se geen kinderen. Het is er gewoon niet van gekomen. Ik heb wel een goede band met de kinderen van mijn twee zussen en drie broers, dat zijn er samen elf. Dat is al de moeite.”

Guillaume: “Iets anders, waar ik nu aan denk als we het over generaties hebben. Er gaan dagelijks zoveel mensen met pensioen maar als het bij de

VRT gebeurt, is het ineens nationaal nieuws, zoals bij Linda De Win of Michel Wuyts. Waarschijn­lijk ook omdat hun werk zo belangrijk voor hen is. Wat blijft er voor jou over als je werk zou wegvallen?”

Fatma: “Daar ben ik de laatste tijd heel erg mee bezig. Op 1 december ging Martine Tanghe met pensioen, een beter nieuwsanke­r kon je je niet wensen. Degelijk, loyaal, alles wat je wil. Zij was haar hele carrière bezig om haar vak nog beter te doen. In dat coronajaar kon ze haar kleinkinde­ren niet vastpakken en ging ze met pensioen. Dan word je plots heel kwetsbaar. Een maand daarvoor was mijn goede vriend Ward Verrijcken gestorven. Een jaar nadat we Christophe Lambrecht ook al hadden moeten afgeven. Ward had een droomjob, als filmjourna­list, maar dat is niet het enige dat je leven bepaalt. Na de dood van Ward heb ik voor het eerst gevoeld dat keiveel mensen mij graag zien en me zelfs in hun huis willen nemen om er voor mij te zijn. Het was de eerste keer dat ik dat ook heb toegelaten. Ik ben zelfs nog niet begonnen aan het rouwproces, maar dat is niet erg. Ik weet niet waar ooit beslist is dat je na een jaar of twee wel over het ergste verdriet heen moet zijn, ik denk dat het dan soms alleen nog maar erger wordt.”

Guillaume: “Als je daar zo hard mee bezig bent, heb je dan al conclusies kunnen trekken?”

Fatma: “Die drie weken vakantie zullen alles veranderen. (lacht) Ik denk dat er iets miraculeus moet gebeuren, een soort bliksemins­lag om mijn grenzen beter aan te geven. Ik vind het belangrijk­er dan ooit om ook op andere dingen te focussen. Life is what happens when you’re busy making other plans. Daar mag je best wat vaker bij stilstaan, anders mis je de essentie.”

“Ik heb geen actieve kinderwens, maar ik wil ook niet per se géén kinderen. Het is er gewoon niet van gekomen.”

 ?? FOTO FREDERIK BEYENS ??
FOTO FREDERIK BEYENS
 ??  ??
 ??  ?? Fatma Taspinar: “Ik heb ontdekt dat mensen mij graag zien en het best aangenaam vinden om door mij geëntertai­nd te worden.”
Fatma Taspinar: “Ik heb ontdekt dat mensen mij graag zien en het best aangenaam vinden om door mij geëntertai­nd te worden.”
 ??  ??
 ??  ??
 ??  ??

Newspapers in Dutch

Newspapers from Belgium