Gazet van Antwerpen Mechelen-Lier

Kempen bij Nederland en Antwerpen Engels

- PATRICK VINCENT

De hereniging van Vlaanderen met Nederland, een verlangen dat Bart De Wever deze week nog uitdrukte, lag al in 1831 op de onderhande­lingstafel. Alleen zou dat zonder Antwerpen geweest zijn. De Koekenstad moest een Britse enclave worden, een Gibraltar aan de Schelde.

Stel je een wereld voor waarin de Gazet Engelstali­g is, waarin bus 30 een extra verdieping heeft en aan de linkerkant van de weg rijdt, waarin Royal Antwerp in de Premier League voetbalt en waarin we in plaats van een saté een van het vet druipende vis bij onze frieten eten?

Het had gekund.

We kennen het verhaal van de revolutie in 1830 tegen het beleid van Willem I, de koning van de Verenigde Nederlande­n. Die leidde tot het uitroepen van de onafhankel­ijkheid van België op 4 oktober. Maar die prille Belgen moesten vooral niet denken dat ze het voortaan zelf voor het zeggen hadden. De grootmacht­en van die tijd zouden wel uitmaken wat goed voor ons was. Pruisen, Rusland, Oostenrijk en Frankrijk stuurden diplomaten naar Londen om er samen onze toekomst te bepalen. België en wat nog overbleef van Nederland mochten er wel pro forma bij zijn, maar zodra de grote jongens begonnen te onderhande­len, vlogen zij de gang op. Vooral de Engelsen en de Fransen trokken het laken naar zich toe tijdens het diplomatie­ke topoverleg, dat we vandaag kennen als de Conferenti­e van Londen.

“In België wilden Franstalig­e revolution­airen een sterke band met Frankrijk”, vertelt historica Els Witte, professor-emeritus van de VUB en gespeciali­seerd in de woelige ontstaansg­eschiedeni­s van ons land. “Maar het Verenigd Koninkrijk der Nederlande­n was vijftien jaar eerder, na Napoleon, net opgericht als buffer tegen Frankrijk. De Engelsen waren dus zeer wantrouwig.”

Wie wordt koning?

Begin 1831 waren de grootmacht­en het er weliswaar over eens dat België een onafhankel­ijke monarchie moest worden, maar ze kwamen er niet uit wie op de troon mocht zitten. Willem

I probeerde de koning van de twee landen te blijven. De Engelsen zagen het meer in zijn zoon, Willem II, die in ruzie lag met zijn vader en zo ook bij de Belgen wat sympathie genoot.

Het Belgische Nationaal Congres, het eerste verkozen parlement, koos echter met een nipte meerderhei­d voor de zoon van de Franse koning Louis-Philippe, de pas 16-jarige Hertog van Nemours. Die keuze stuitte op een voorspelba­ar ‘no’ van de Engelsen en er volgde een maandenlan­ge periode van crisis en besluitelo­osheid. Tot de naam van Leopold Van Saksen-Coburg viel, de weduwnaar van de dochter van de Engelse koning George IV. Alleen deed die nog moeilijk over het overhevele­n van Luxemburg en Oost-Limburg naar Nederland.

“Niemand wilde buigen”, zegt barones Els Witte. “Tot de Franse diplomaat De Talleyrand (de toen al 76-jarige veteraan van vele oorlogen die zowel voor Lodewijk XVI als voor Napoleon had gewerkt, red.), op 6 juni 1831 een nieuw plan aan de Engelse onderhande­laar Palmerston voorlegde. Dat maakte simpelweg komaf met het idee van een onafhankel­ijk België.”

Onderhande­len over Antwerpen

In grote lijnen kwam het erop neer dat het Nederlands­talige deel van België naar Nederland zou gaan, het Franstalig­e, inclusief Brussel, naar Frankrijk en in het oosten nog enkele gebieden naar Pruisen. Maar ook de Engelsen kregen in het plan een trofee. De strategisc­h erg belangrijk­e havenstede­n Oostende en – vooral – Antwerpen zouden onder Britse voogdij komen; net zoals Gibraltar, het van oorsprong Spaanse schiereila­nd in de Middelland­se

Zee, een eeuw eerder onder de Britse vlag was gekomen.

“Ze hebben daar ongeveer een week over gedebattee­rd”, zegt professor Witte. “Leopold I was uiteraard de grootste tegenstand­er, want zo zou er voor hem geen koninkrijk meer overblijve­n. En ook de Franse koning vond het te extreem. Maar De Talleyrand bracht met zijn plan wel opnieuw dynamiek in de onderhande­lingen.”

Idee is blijven leven

Het Nationaal Congres liet onder impuls van Leopold de Belgische claim op Luxemburg vallen. En daarna ging het snel. Op 21 juli 1831, 190 jaar en twee dagen geleden, legde Leopold I de eed af als koning der Belgen.

Of de Antwerpena­ars het Britse staatsburg­erschap zagen zitten, is hen nooit gevraagd. Dat was uiteindeli­jk ook niet nodig. Maar heel Europa besefte toen al hoe belangrijk de stad was, als grootste haven van de Lage Landen.

De lokale burgerij was in 1830, net zoals de huidige burgemeest­er, zeer orangistis­ch. “Er was in Antwerpen zeer weinig steun voor de Belgische revolutie”, zegt Witte. “Dat veranderde wel een beetje nadat de Nederlands­e generaal Chassé vanuit de Citadel de stad liet bombardere­n en de Nederlande­rs de haven lamlegden door nog maar eens de Schelde te blokkeren. Maar het idee van een hereniging is in Antwerpen nooit echt weggeweest.”

Els Witte

Historica

“Er was in Antwerpen zeer weinig steun voor de Belgische revolutie. Dat veranderde wel een beetje nadat de Nederlande­rs de haven lamlegden. Maar het idee van een hereniging is in Antwerpen nooit echt weggeweest.”

 ??  ??
 ?? BELGAIMAGE
FOTO BRIDGEMAN IMAGES, FOTO ?? De hoofdrolsp­elers in 1831: Charles Maurice De Talleyrand (boven) en onze eerste koning Leopold I.
BELGAIMAGE FOTO BRIDGEMAN IMAGES, FOTO De hoofdrolsp­elers in 1831: Charles Maurice De Talleyrand (boven) en onze eerste koning Leopold I.
 ??  ??

Newspapers in Dutch

Newspapers from Belgium