Hannibal Bar­kas

De Ro­mein­se Re­pu­bliek werd op zijn knie­ën ge­dwon­gen door wraak, vin­ding­rijk­heid en strijdoli­fan­ten.

Alles over Geschiedenis - - Inhoud -

De Ro­mein­se Re­pu­bliek werd op zijn knie­ën ge­dwon­gen door wraak, vin­ding­rijk­heid en strijdoli­fan­ten.

Het was ok­to­ber 202 v.Chr. Twee le­gers wacht­ten bij Za­ma, klaar om de strijd aan te gaan. Aan de ene kant ston­den de Ro­mei­nen, aan de an­de­re kant de Cart­ha­gers. Het voort­be­staan van Cart­ha­go was de in­zet. De com­man­dant van de Cart­ha­gers, Hannibal Bar­kas, was haas­tig te­rug­ge­roe­pen uit Ita­lië om zijn thuis­stad te ver­de­di­gen te­gen de Ro­mein­se aan­val. De jon­ge Pu­bli­us Cor­ne­li­us Sci­pio, de be­vel­heb­ber van de Ro­mei­nen, reed hem te­ge­moet in het nie­mands­land tus­sen de le­gers. Hannibal vroeg zich af of de Ro­mei­nen ge­ïn­te­res­seerd zou­den zijn in on­der­han­de­lin­gen. Waar­om zou­den ze een veld­slag ris­ke­ren als er vre­de ge­slo­ten kon wor­den zonder te vech­ten? Maar Sci­pio wei­ger­de re­so­luut. Cart­ha­go had al eer­der een be­stand ge­bruikt om Hannibal te­rug te roe­pen naar Afri­ka, zei hij, dus een­maal te­rug bij zijn le­ger her­vat­te hij de oor­log. Sci­pio be­schul­dig­de Hannibal er­van te pro­be­ren te pro­fi­te­ren van het ei­gen ver­raad van Cart­ha­go.

Het lot van de groot­mach­ten Rome en Cart­ha­go kon al­leen wor­den be­slist met wa­pen­ge­klet­ter. De ge­ne­raals keer­den te­rug naar hun man­nen om hen voor te be­rei­den op de ko­men­de strijd. Hannibal zou nog een laat­ste keer na­mens zijn volk vech­ten. Zes­tien jaar lang was hij door Ita­lië ge­trok­ken en had daar spec­ta­cu­lai­re over­win­nin­gen be­haald, maar hij had Rome niet kun­nen ver­slaan.

Ge­bo­ren voor de strijd

Han­ni­bals weg naar Za­ma was al voor zijn ge­boor­te in 247 v.Chr. be­gon­nen, tij­dens de Eer­ste Pu­ni­sche Oor­log met Rome. De strijd om de macht duur­de meer dan twin­tig jaar, maar uit­ein­de­lijk be­zweek Cart­ha­go on­der de Ro­mein­se vol­har­ding en over­macht op zee. Cart­ha­go werd ver­plet­terd tij­dens de slag om de Ae­ga­tes-ei­lan­den en werd ge­dwon­gen om de ver­ne­de­ren­de vre­des­voor­waar­den van de tri­om­fe­ren­de Ro­mei­nen te ac­cep­te­ren. Het rijk moest Si­ci­lië af­staan – dat was op­ge­bouwd ge­du­ren­de eeuwen van ko­lo­ni­sa­tie – en ge­dwon­gen om een enor­me ver­goe­ding te be­ta­len aan Rome.

Tot over­maat van ramp ge­droe­gen de Ro­mei­nen zich ui­terst ar­ro­gant. In 238 v.Chr. an­nexeer­den ze Sar­di­nië met het ex­cuus dat Cart­ha­go een nieu­we aan­val op de Ro­mei­nen zou be­ra­men. Cart­ha­go werd ech­ter in be­slag ge­no­men door een har­de oor­log met zijn voor­ma­li­ge huur­lin­gen en kon niets doen om de an­nexa­tie te voor­ko­men. De dief­stal van het ei­land werd daar­door niet aan­ge­voch­ten, maar voed­de in de har­ten van veel Cart­ha­gers wel een vu­rig ver­lan­gen naar wraak.

Voor­op on­der de wraak­be­lus­ten liep Ha­mil­car Bar­kas, de be­lang­rijk­ste ge­ne­raal van Cart­ha­go in de laat­ste ja­ren van de Eer­ste Pu­ni­sche Oor­log. Ha­mil­car had de Ro­mei­nen tot stil­stand ge­bracht op Si­ci­lië, waar hij ope­reer­de van­uit

zijn ba­sis op de berg Eryx. Van hier­uit voer­de hij ge­waag­de over­val­len op de Ro­mei­nen rond­om hem uit. Het be­sluit van de re­ge­ring van Cart­ha­go om vre­de te slui­ten on­der Ro­mein­se voor­waar­den kwam voor hem als een schok en hij zou zich nooit met een ne­der­laag ver­zoe­nen.

Ha­mil­car wil­de de po­si­tie van Cart­ha­go her­stel­len in een twee­de oor­log met Rome. Daar­voor moest hij ech­ter eerst het Cart­haag­se le­ger, dat ge­ha­vend was door de oor­lo­gen met Rome en ver­vol­gens de huur­lin­gen, weer op­bou­wen. Zijn plan was om naar Span­je te gaan, waar hij de po­si­tie van Cart­ha­go wil­de ver­ste­vi­gen en ster­ke Spaan­se stam­le­den re­kru­te­ren voor de strijd. De le­gers van Cart­ha­go wa­ren lang uit­slui­tend sa­men­ge­steld uit huur­lin­gen uit de he­le me­di­ter­ra­ne we­reld. Al­leen de of­fi­cie­ren kwa­men uit Cart­ha­go, de rest be­stond uit bui­ten­lan­ders uit Afri­ka, Span­je, Gal­lië en de Ba­lea­ren. Die wer­den al­le­maal aan­ge­trok­ken door de ri­an­te be­lo­ning van de Cart­ha­gers. Tot de bes­te vech­ters be­hoor­den de bui­ten­ge­woon lich­te ca­va­le­rie van Nu­mi­dië in Noord-Afri­ka. De Ro­mei­nen zou­den hier hun han­den vol aan heb­ben in de strijd, tot­dat ze een ma­nier von­den om hun ei­gen Nu­mi­di­ërs te re­kru­te­ren.

Cart­ha­go had al­tijd rijk­dom­men in over­vloed. Bij de Ro­mei­nen ston­den de Cart­ha­gers be­kend als ‘Pu­ni­ciers’, om­dat hun voor­ou­ders oor­spron­ke­lijk uit Fen­e­cië kwa­men. De Cart­ha­gers had­den in ie­der ge­val de­zelf­de aan­leg voor han­del. Na de oor­log met Rome was de schat­kist ech­ter leeg en bo­ven­dien moest Cart­ha­go een zware scha­de­ver­goe­ding op­hoes­ten. Ha­mil­car, op zoek naar het brood­no­di­ge zil­ver en grond­ge­bied, leid­de in 237 v.Chr. een ex­pe­di­tie naar het Ibe­risch schier­ei­land. Hij was er­van over­tuigd dat ze suc­ces­vol zou­den zijn, om­dat ze had­den deel­ge­no­men aan een hei­lig ri­tu­eel voor­dat ze ver­trok­ken. Daar­bij had­den ze een men­sen­of­fer ge­bracht aan de go­den. Ha­mil­car had zijn ne­gen jaar ou­de zoon, Hannibal,

naar het al­taar ge­bracht, liet hem zijn hand op het bloed van het slacht­of­fer leg­gen en zijn on­ein­di­ge haat te­gen de Ro­mei­nen zwe­ren. De jon­ge jon­gen zou de eed heb­ben af­ge­legd met de woor­den: “Ik zweer dat zo­dra mijn leef­tijd het toe­laat ik vuur en ij­zer zal ge­brui­ken om de be­stem­ming van Rome een halt toe te roe­pen.” Het was een be­lof­te waar­aan de jon­ge Hannibal zich zou hou­den.

Han­ni­bals le­ger

Va­der en zoon voe­ren sa­men naar Ibe­rië en hun troepen wa­ren mee­do­gen­loos in het on­der­druk­ken van de Span­jaar­den. Ha­mil­car dood­de veel men­sen, ter­wijl hij an­de­ren re­kru­teer­de. Hij ver­hoog­de daar­naast de pro­duc­tie van de Spaan­se mij­nen en stuur­de scheeps­la­din­gen zil­ver te­rug naar Cart­ha­go. Met dit geld kon Ha­mil­car ge­mak­ke­lijk de huur­sol­da­ten van zijn groei­en­de le­ger be­ta­len. Toch zou Ha­mil­car dit wraak­le­ger nooit lei­den in de strijd te­gen Rome. In 228 v.Chr. werd hij na­me­lijk ver­ra­den door Spaan­se bond­ge­no­ten en hij stierf tij­dens een ont­snap­pings­po­ging. Hannibal, die tus­sen de sol­da­ten van zijn va­der was op­ge­groeid en hun niet-af­la­ten­de loy­a­li­teit had, kreeg de con­tro­le over het Cart­haag­se le­ger in Span­je. Hij ver­ste­vig­de zijn greep op het schier­ei­land, maar kwam in de pro­ble­men toen hij Sa­guntum aan­viel, een stad die be­vriend was met Rome. Hoe­wel hij de stad snel in­nam, zorg­de zijn daad van agres­sie er­voor dat Rome in 218 v.Chr. Cart­ha­go de oor­log ver­klaar­de.

Hannibal zet­te snel zijn plan voor de in­va­sie van Ita­lië in wer­king. Vol­gens hem kon Rome ver­sla­gen wor­den door de re­pu­bliek zijn Ita­li­aan­se bond­ge­no­ten af te pak­ken. Veel hier­van wa­ren nog niet lang ge­le­den met ge­weld on­der Ro­mein­se heer­schap­pij ge­bracht. Aan­ge­zien de Ro­mei­nen tij­dens de Eer­ste Pu­ni­sche Oor­log de con­tro­le over de zee had­den over­ge­no­men, moest Hannibal de lan­ge rou­te over land door Gal­lië ne­men om Ita­lië te bereiken. Hij ver­trok uit Span­je als aan­voer­der van een le­ger van 50.000 man in­fan­te­rie, 9000 ca­va­le­ris­ten en een klei­ne troep oli­fan­ten. De tocht door Zuid-Gal­lië was zwaar en on­der­weg ont­moet­te hij vij­an­di­ge Gal­li­sche stam­men die zijn le­ger ver­zwak­ten. Hij stak de br ede Rhô­ne over en mar­cheer­de ver­vol­gens door de Al­pen, de na­tuur­lij­ke grens met Ita­lië.

De tocht door de Al­pen eis­te een ho­ge tol van het le­ger van Hannibal. Te­gen de tijd dat hij de laag­vlak­te aan de an­de­re kant be­reik­te, wa­ren er nog maar 12.000 Afri­kaan­se troepen, 8000 Span­jaar­den, 6000 ca­va­le­rie en een hand­vol oli­fan­ten over. Hannibal had meer dan de helft van zijn troepen verloren, al­leen nog maar om Ita­lië te bereiken. Wat kon hij nog uit­rich­ten te­gen de veel tal­rij­ke­re Ro­mei­nen? Wat volg­de, be­wees dat Hannibal Bar­kas een van de grootste mi­li­tai­re brei­nen ooit was.

In de slag bij de Tre­bia in 218 v.Chr. deed hij als­of hij vlucht­te voor de ra­zen­de Ro­mei­nen, die hem on­be­suisd ach­ter­volg­den. Wat zij niet wis­ten was dat Hannibal zo’n dui­zend ca­va­le­ris­ten en dui­zend in­fan­te­ris­ten on­der het be­vel van zijn jong­ste broer, Ma­go Bar­kas, had ge­plaatst. Zij la­gen ver­bor­gen ach­ter wat moe­ras­riet. Toen de Ro­mei­nen hen pas­seer­den, vie­len de Cart­ha­gers hen aan. De Ro­mei­nen wer­den vol­le­dig ver­rast en hun le­ger van on­ge­veer 40.000 man werd ver­plet­terd. Slechts 10.000 troepen ont­snap­ten le­vend uit de hin­der­laag.

Het werd nog er­ger. In 217 v.Chr. stond Hannibal te­gen­over een Ro­meins le­ger bij het Tra­si­m­een­se Meer. De strijd was “... voort­du­rend woest”, schreef de Ro­mein­se his­to­ri­cus Li­vi­us. Moed was niet ge­noeg om het tij te ke­ren te­gen het be­ter aan­ge­voer­de Cart­haag­se le­ger. De Ro­mein­se ge­ne­raal Gai­us Fla­mi­ni­us werd ge­dood, sa­men met 15.000 van zijn man­nen. Maar ook de Cart­ha­gers verloren zo’n 2500 troepen. In een po­ging om de steun van de lo­ka­le be­vol­king te win­nen, be­gon Hannibal zijn niet-Ro­mein­se Ita­li­aan­se krijgs­ge­van­ge­nen te be­vrij­den. Ge­schokt en ver­sla­gen be­gon het de Ro­mei­nen te da­gen dat Hannibal geen ge­wo­ne ge­ne­raal was. Ze stel­den Quin­tus Fa­bi­us Maxi­mus aan als dic­ta­tor, een func­tie die een enor­me macht in­hield – pre­cies voor een nood­ge­val zo­als dat zich nu voor­deed.

Hannibal bleef over­al in Ita­lië ra­va­ge aan-

“HANNIBAL HAD MEER DAN DE HELFT VAN ZIJN TROEPEN VERLOREN, AL­LEEN NOG MAAR OM ITA­LIË

TE BEREIKEN.”

rich­ten op zijn veld­tocht naar het zui­den. Fa­bi­us volg­de hem op de voet en wei­ger­de om te vech­ten met de bij­na on­o­ver­win­ne­lij­ke Hannibal. In plaats daar­van zocht Fa­bi­us het ge­vecht op met ach­ter­op ge­raak­te Cart­ha­gers, of von­den er klei­ne scher­mut­se­lin­gen plaats om het zelf­ver­trou­wen van de Ro­mei­nen op te krik­ken. De­ze stra­te­gie le­ver­de be­schei­den maar tast­ba­re re­sul­ta­ten op. Het ver­oor­zaak­te ook on­te­vre­den­heid on­der de agres­sie­ve­re Ro­mei­nen die Hannibal weer wil­den aan­val­len. Ze noem­den Fa­bi­us ‘cunc­ta­tor’ (wat ‘ver­tra­ging’ be­te­kent) van­we­ge zijn on­wil om de vij­and in de strijd te trot­se­ren. En on­danks dat hij de kan­sen van de Ro­mei­nen ge­keerd had, werd de dic­ta­tuur van Fa­bi­us na zes maan­den niet ver­lengd.

Ro­mei­nen in de tang

In het hier­op vol­gen­de jaar le­ver­de een Ro­meins le­ger van on­ge­ken­de om­vang – zo’n 80.000 man­nen – een veld­slag met Hannibal bij Can­nae in Zuid-Ita­lië. De Ro­mei­nen stoot­ten door tot diep in het Cart­haag­se cen­trum, dat leek te wij­ken. Dit maak­te ech­ter al­le­maal deel uit van het lis­ti­ge plan van Hannibal. Ter­wijl de Ro­mei­nen ver­der naar vo­ren trok­ken, trok­ken de vleu­gels van Han­ni­bals le­ger zich sa­men naar het cen­trum. De in­ge­slo­ten Ro­mei­nen za­ten nu zo dicht op­een­ge­pakt dat ze zelfs niet meer met hun zwaar­den kon­den zwaai­en. Ze wer­den stuk voor stuk ge­dood. “Som­mi­gen wer­den le­vend ont­dekt tus­sen de do­den met ver­brij­zel­de dij­en en pe­zen”, schreef Li­vi­us. “Ze bo­den hun ke­len aan en smeek­ten hun vij­and om hun over­ge­ble­ven bloed weg te doen vloei­en.” Op die ene dag sneu­vel­den on­ge­veer 50.000 Ro­mei­nen.

In de na­sleep van Can­nae drong Ma­har­bal, de ge­ta­len­teer­de ca­va­le­rie­com­man­dant van Hannibal, er bij zijn lei­der op aan om Rome aan te val­len. Hij be­loof­de Hannibal dat ze daar bin­nen slechts vier da­gen kon­den di­ne­ren als hij dat deed. Maar Hannibal leg­de dit ver­zoek naast hem neer. Het Cart­haag­se le­ger was uit­ge­put en had dui­zen­den man­nen verloren. Hij had drie Ro­mein­se le­gers ver­sla­gen en de vij­and zware ver­lie­zen toe­ge­bracht, maar de Ro­mei­nen kon­den hun ver­lie­zen een­vou­dig op­van­gen door steeds weer nieu­we le­gi­oe­nen op­rich­ten. Maar Hannibal had met het win­nen van el­ke slag zijn ei­gen le­ger steeds ver­der ver­zwakt – het was daar­door mo­ge­lijk op dat mo­ment te zwak om een be­leg van Rome te over­we­gen.

Toen Hannibal wei­ger­de om het ad­vies van zijn on­der­ge­schik­te op te vol­gen, beet Ma­har­bal hem ge­frus­treerd toe: “Je weet hoe je een strijd moet win­nen, Hannibal. Maar je weet niet hoe een over­win­ning moet ge­brui­ken.” De­ze be­slis­sing was een van zijn meest con­tro­ver­si­ë­le. Rome was mis­schien wel ge­val­len als de Cart­ha­gers zo snel na Can­nae aan de poor­ten van de stad had­den ge­staan. In plaats daar­van her­von­den de Ro­mei­nen de kracht om de strijd voort te zet­ten en be­hiel­den ze gro­ten­deels de steun van hun bond­ge­no­ten.

Hannibal zou na Can­nae nog wat be­perk­te suc­ces­sen in Ita­lië be­ha­len. De stad Ca­pua gaf zich aan hem over in 216 v.Chr. en vier jaar la­ter voeg­de Ta­ren­tum zich bij hem. Maar dit wa­ren slechts ver­sprei­de over­win­nin­gen, en de aan­voer van ver­ster­kin­gen uit Cart­ha­go was zeer be­perkt. De Ro­mei­nen kon­den Hannibal niet van zijn ba­sis in Zuid-Ita­lië ver­drij­ven, maar hij kon Rome ook niet ver­slaan. En dus heerste er een pat­stel­ling.

Toen de oor­log be­gon, had­den de Ro­mei­nen slim een le­ger naar Span­je ge­stuurd om de Cart­ha­gers daar on­der druk te zet­ten. Hannibal, die gre­tig grip wil­de krij­gen op de Ro­mei­nen in Ita­lië, had een niet com­pleet ver­o­verd ge­bied ach­ter zich ge­la­ten en Rome vond daar dan ook ge­wil­li­ge bond­ge­no­ten die de Cart­ha­gers wil­den ver­drij­ven. De Ro­mei­nen le­den ver­schrik­ke­lij­ke te­gen­sla­gen in Span­je, maar het werd ook het oe­fen­ter­rein voor de Ro­mein­se ge­ne­raal die uit­ein­de­lijk Hannibal qua mi­li­tai­re vaar­dig­he­den kon eve­na­ren: Pu­bli­us Cor­ne­li­us Sci­pio. Na­dat zijn va­der en oom wa­ren om­ge­ko­men kreeg Sci­pio op slechts 25-ja­ri­ge leef­tijd het com­man­do over de Ro­mein­se strijd­krach­ten. Hij was geen on­er­va­ren jon­ge­ling, maar een door de strijd ge­har­de over­le­ven­de van de ramp in Can­nae.

Sci­pio slaat te­rug

Na­dat hij het Cart­haag­se bol­werk Cart­ha­go No­va in­nam bij een ver­ras­sings­aan­val in 209 v.Chr., ver­sloeg Sci­pio Han­ni­bals broer, Has­dru­bal Bar-

kas, tij­dens de slag bij Bae­cu­la. Dit werd ge­volgd door weer een over­win­ning op Has­dru­bal Gis­go en Han­ni­bals broer Ma­go in de slag om Ilipa in 206 v.Chr.. Al die tijd ver­sterk­te Sci­pio zijn sol­da­ten en ont­wik­kel­de hij de tac­tie­ken die de Ro­mei­nen uit­ein­de­lijk meer dan ge­lijk­waar­dig zou­den ma­ken aan de huur­sol­da­ten die voch­ten voor Cart­ha­go.

Ter­wijl Hannibal in Ita­lië was, niet in staat om veel uit te rich­ten te­gen een Rome dat gro­ten­deels her­steld was van zijn eer­de­re ne­der­la­gen, groei­de Sci­pio uit tot een van de bes­te ge­ne­raals die Rome ooit zou voort­bren­gen. Ma­go ver­liet Span­je in 205 v.Chr, waar­door Sci­pio de land­heer werd. Door de­ze wis­se­ling van de macht ver­an­der­de Mas­si­nis­sa, een Nu­mi­di­sche prins, zijn loy­a­li­teit naar Rome. Sci­pio kon la­ter ge­bruik­ma­ken van de uit­ste­ken­de ca­va­le­rie van Mas­si­nis­sa. Dat was ook hard no­dig, want de Ro­mei­nen wa­ren op dit ge­bied zwak en dat had ze lan­ge tijd ge­teis­terd in hun ge­vech­ten met de Cart­ha­gers.

In 208 v.Chr. lan­ceer­den de Cart­ha­gers een of­fen­sief om hulp te bie­den aan Hannibal, maar dit ini­ti­a­tief kwam niet recht­streeks uit Cart­ha­go – Han­ni­bals broer, Has­dru­bal Bar­kas, ont­snap­te aan Sci­pio’s klau­wen en leid­de zijn le­ger uit Span­je. Hij volg­de in de voet­spo­ren van zijn broer door Zuid-Gal­lië naar Ita­lië, dat hij be­reik­te in 207 v.Chr. Maar tus­sen Has­dru­bal en zijn ou­de­re broer in het zui­den la­gen de Ro­mein­se le­gi­oe­nen. En de Ro­mei­nen vie­len Has­dru­bal aan voor­dat de le­gers zich kon­den sa­men­voe­gen. Has­dru­bals le­ger werd langs de ri­vier de Metau­rus uit­een­ge­sla­gen. On­ge­veer 10.000 van zijn Spaan­se en Afri­kaan­se huur­sol­da­ten kwa­men daar­bij om. Hannibal hoor­de pas van de ne­der­laag van zijn jon­ge­re broer toen de Ro­mei­nen Has­dru­bals hoofd in zijn le­ger­kamp gooi­den. “Ein­de­lijk,” zei Hannibal grim­mig, “nu zie ik zie het lot van Cart­ha­go dui­de­lijk voor me!”

Nu de Cart­ha­gers uit Span­je wa­ren ver­dre­ven, kreeg Sci­pio het be­vel over een groot le­ger op Si­ci­lië. Dat voer­de hij in 204 v.Chr. aan op een veld­tocht naar Afri­ka voor een laat­ste con­fron­ta­tie met Cart­ha­go. Na­dat ze ar­ri­veer­den, be­le­ger­de Sci­pio de stad Uti­ca en ver­sloeg ver­vol­gens een groot Cart­haags le­ger dat te­gen hem werd uit­ge­zon­den. Sci­pio was suc­ces­vol in al­les wat hij deed en Cart­ha­go pro­beer­de dan ook vre­de te slui­ten. In 203 v.Chr., ter­wijl de vre­des­voor­waar­den tij­dens een wa­pen­stil­stand wer­den on­der­han­deld, wer­den Hannibal en zijn broer Ma­go, die nu in Noord-Ita­lië was, te­rug­ge­roe­pen naar huis.

Het schijnt dat Hannibal woe­dend was toen de­ze te­rug­roe­ping hem be­reik­te. Hij klaag­de ver­bit­terd dat zijn over­heid hem niet had on­der­steund ge­du­ren­de de zes­tien jaar dat had ge­stre­den te­gen de Ro­mei­nen in Ita­lië. Maar uit­ein­de­lijk kon Hannibal al­leen zich­zelf de

schuld ge­ven. Hij had ja­ren ge­le­den on­be­zon­nen Sa­guntum aan­ge­val­len, waar­door hij een oor­log met Rome ont­ke­ten­de ter­wijl Cart­ha­go daar niet klaar voor was. Ver­vol­gens viel hij Ita­lië bin­nen met een le­ger dat te klein was om die oor­log te win­nen, on­ge­acht hoe­veel sla­gen hij er­mee had kun­nen win­nen.

Ve­le ja­ren na Can­nae kon hij wei­nig meer dan zich staan­de te hou­den ter­wijl het strijd­to­neel zich ver­plaatste naar on­der an­de­re Si­ci­lië en Span­je. De Si­ci­li­aan­se stad Syra­cu­sa, die in 215 v.Chr. in Cart­haag­se han­den viel, werd drie jaar la­ter ver­o­verd en Span­je was in 205 v.Chr vol­le­dig in Ro­mein­se han­den.

Ca­pua werd in 211 v.Chr. door de Ro­mei­nen her­o­verd, even­als Ta­ren­tum in 209 v.Chr. Han­ni­bals le­ger werd steeds zwak­ker, ter­wijl de Ro­mei­nen steeds meer le­gi­oe­nen af­le­ver­den waar­mee ze hem in Zuid-Ita­lië steeds op af­stand hiel­den. Toen de Ro­mein­se over­win­ning steeds ze­ker­der werd, vie­len Han­ni­bals bond­ge­no­ten in Ita­lië hem af. Hannibal werd ge­dwon­gen zijn laat­ste toe­vlucht te zoe­ken in Brut­ti­um, in de teen van Ita­lië, waar hij bleef tot hij te­rug­ge­roe­pen werd.

De on­der­gang van Hannibal

Met Hannibal te­rug in Afri­ka (Ma­go stierf op zee aan ver­won­din­gen die hij tij­dens de te­rug­reis op­liep) kreeg de Cart­haag­se re­ge­ring weer wat zelf­ver­trou­wen, waar­door de vre­des­on­der­han­de­lin­gen met Rome stuk­lie­pen. De oor­log her­vat­te en Hannibal kreeg de lei­ding over de res­te­ren­de troepen van Cart­ha­go. Met een le­ger van on­ge­veer 40.000 man, be­staan­de uit zijn bes­te troepen die wa­ren ge­red uit Ita­lië en ver­der al­les wat hij bij el­kaar kon schra­pen – waar­on­der een hand­je­vol oli­fan­ten – kwa­men Hannibal en Sci­pio in 202 v.Chr. te­gen­over el­kaar te staan in de strijd om Za­ma (te­gen­woor­dig Tu­ne­sië). Maar dit keer was Han­ni­bals ca­va­le­rie zwak­ker dan die van Sci­pio, die nu de 4000 ge­wel­di­ge Nu­mi­di­sche rui­ters van Mas­si­nis­sa aan zijn zij­de had. In de zware strijd die volg­de wa­ren de Ro­mei­nen be­ter dan de Cart­ha­gers. De Ro­mein­se tac­tiek was na ja­ren van oor­log enorm ver­be­terd. Ze beuk­ten zich niet sim­pel­weg meer een weg door de vij­and heen. De man­nen van Sci­pio stap­ten be­hen­dig op­zij ter­wijl de oli­fan­ten van Hannibal door hun li­nies den­der­den. Ver­vol­gens om­sin­gel­den en dood­den ze de die­ren. De troepen van Hannibal wan­kel­den en vie­len uit­ein­de­lijk toen de Ro­mein­se en Nu­mi­di­sche ca­va­le­rie zich om­draai­de en hen in de rug aan­viel.

Het Cart­haag­se le­ger stort­te in­een en Hannibal moest het slag­veld ont­vluch­ten. De Cart­haag­se re­ge­ring pro­beer­de op­nieuw vre­de te slui­ten en in 201 v.Chr. kwam de lan­ge oor­log, die ze­ven­tien jaar had ge­duurd, of­fi­ci­eel ten ein­de. Ver­vol­gens span­de Hannibal zich in om de Cart­haag­se fi­nan­ci­ën te her­stel­len, zo­dat ze de enor­me ver­goe­ding aan de Ro­mei­nen kon­den be­ta­len. De Ro­mei­nen span­den sa­men met an­ti- Bar­kas-fac­ties in Cart­ha­go, waar­door Hannibal uit de stad werd ver­dre­ven. Maar Hannibal zou de strijd te­gen Rome nooit op­ge­ven. In 191 v.Chr. voer­de hij be­vel over vlo­ten te­gen de Ro­mei­nen na­mens ko­ning An­ti­o­chus de Grote van het Se­l­eu­ci­den­rijk.

Na­dat Rome ook de Se­l­eu­ci­den had ver­sla­gen, trok Hannibal naar het ko­nink­rijk Bithy­nië in Klein-Azië. Maar ook daar wis­ten de wraak­zuch­ti­ge Ro­mei­nen hem te vin­den en ze zet­ten de ko­ning on­der druk om hem uit te le­ve­ren aan Rome. Ko­ning Pru­si­as stem­de hier­mee in en rond 183 v.Chr. stuur­de hij zijn sol­da­ten naar het huis van Hannibal om hem te ar­res­te­ren. Aan­ge­zien hij heel goed wist welk lot hem te wach­ten stond als hij in Ro­mein­se han­den viel, ver­gif­tig­de Hannibal zich­zelf. Een van de grootste ge­ne­raals uit de Oud­heid kwam door zelf­moord aan zijn ein­de.

De Slag om Za­ma is een van de be­roemd­ste uit de ge­schie­de­nis ge­wor­den. De­ze voor­stel­ling er­van is rond de 16e eeuw ge­maakt.

Hannibal zou het do­de­lij­ke gif waar­mee hij zelf­moord ple­gen bij zich heb­ben ge­dra­gen in een spe­ci­a­le ring.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.