Ri­chard Leeuwenhart

De ko­ning met de bij­naam ‘Leeuwenhart’ is le­gen­da­risch ge­wor­den. Maar voor hij deel­nam aan de Der­de Kruis­tocht streed hij te­gen zijn fa­mi­lie om de macht.

Alles over Geschiedenis - - Inhoud -

Ko­ning Leeuwenhart is le­gen­da­risch ge­wor­den, maar voor hij deel­nam aan de Der­de Kruis­tocht streed hij te­gen zijn fa­mi­lie.

oor zijn hel­den­da­den tij­dens de Der­de Kruis­tocht werd Ri­chard I al tij­dens zijn le­ven een le­gen­de. Hij is de be­li­cha­ming van rid­der­lijk­heid, de on­be­vrees­de strij­der en on­voor­waar­de­lijk ver­de­di­ger van het chris­ten­dom – kort­om, een ech­te mid­del­eeuw­se ko­ning. Maar de bij­naam ‘Leeuwenhart’ ver­dien­de hij niet op het zan­de­ri­ge slag­veld van het Be­loof­de Land, maar op het groe­ne gras van Eu­ro­pa. Daar ver­kreeg hij zijn re­pu­ta­tie als gro­te mi­li­tai­re be­vel­heb­ber, ge­sle­pen po­li­ti­cus en heer­ser met een iet­wat ti­ran­nie­ke in­borst. Aan de ba­sis hier­van stond een lang­du­ri­ge en bloe­di­ge fa­mi­lie­ve­te die er­voor zorg­de dat Eu­ro­pa in een haast con­stan­te staat van op­stand en oor­log ver­keer­de (zie ook het ar­ti­kel over tien moord­da­di­ge ko­nin­gen op pa­gi­na 82, waar­in Ri­chard I op de vijf­de plek staat).

Ri­chard werd in Ox­ford ge­bo­ren als de zoon van ko­ning Hen­drik I en Ele­ono­ra van Aquit­anië. Zij re­geer­den over En­ge­land en het kers­ver­se An­ge­vijn­se Rijk – ver­noemd naar Hen­driks voor­ou­ders van het her­tog­dom van An­jou. Al­le­bei zijn ou­ders wa­ren mach­ti­ge fi­gu­ren. Hen­drik had En­ge­land tot een Eu­ro­pe­se groot­macht ge­maakt, me­de dank­zij Ele­ono­ra, die haar wel­va­ren­de her­tog­dom Aquit­anië in de in­vloeds­feer van het An­ge­vijn­se Rijk had ge­bracht.

Het ge­zins­le­ven van de An­ge­vij­nen was op zijn zachtst ge­zegd in­ge­wik­keld. Hen­drik was een af­we­zi­ge va­der die een groot deel van zijn be­wind in al­le uit­hoe­ken van zijn gro­te ko­nink­rijk on­der­weg was. Zijn af­we­zig­heid duur­de zelfs zo lang dat de aarts­bis­schop van Can­ter­bu­ry zich ge­roe­pen voel­de hem er­aan te her­in­ne­ren dat hij kin­de­ren had.

Als hij er wel was, ge­droeg Hen­drik zich als een over­be­scher­men­de ou­der (he­li­kop­ter­ou­der) die pro­beer­de zijn zo­nen kort te hou­den tot hij vond dat ze klaar wa­ren om zelf land en macht te er­ven. Mo­ge­lijk was hij enigs­zins pa­ra­no­ï­de en was hij voor­al bang dat een van zijn kin­de­ren hem recht­streeks zou uit­da­gen om de troon over te ne­men. Ter­wijl hij de teu­gels van zijn ou­de­re zo­nen Hen­drik, Ri­chard en God­fried strak hield, over­laad­de hij zijn jong­ste zoon

Jan met ge­schen­ken en lof. En of het nou zijn be­doe­ling was of niet, maar zijn op­zich­ti­ge voor­keur voor de Ben­ja­min van de fa­mi­lie dreef een over­brug­ba­re wig tus­sen hem en één kind in het bij­zon­der: Ri­chard.

Dui­vels­ge­broed

Zelfs al voor­dat het be­gon te rom­me­len in de dysfunc­ti­o­ne­le ko­nink­lij­ke fa­mi­lie had­den de An­ge­vij­nen een du­bi­eu­ze re­pu­ta­tie. Ze ston­den be­kend als ‘dui­vels­ge­broed’, een naam die was ont­leend aan een duis­te­re le­gen­de over de oor­sprong van de fa­mi­lie. Het ver­haal ver­telt over een vroe­ge prins van An­jou die ge­trouwd was met Me­su­li­ne. De­ze vrouw was in al­le op­zich­ten per­fect, op één ding na: ze haat­te het bij­wo­nen van pre­ken en ver­liet al­tijd de kerk voor­dat de mis be­gon. Het on­be­ha­gen groei­de, tot de prins op een dag zijn man­nen op­droeg te voor­ko­men dat Me­su­li­ne de kerk voor de mis ver­liet. Maar met haar bo­ven­na­tuur­lij­ke

krach­ten wist Me­su­li­ne het raam uit te vlie­gen. Nie­mand zag haar ooit te­rug. Cri­ti­ci gre­pen dit ver­haal aan om de ko­nink­lij­ke fa­mi­lie en hun vaak ti­ran­nie­ke heer­schap­pij aan te val­len. Maar Ri­chard om­arm­de het ver­haal en grap­te open­lijk dat de fa­mi­lie af­stam­de van de dui­vel.

Ri­chard bracht zijn jon­ge ja­ren door in En­ge­land in de na­bij­heid van zijn broers en moe­der, met wie hij een veel be­te­re re­la­tie leek te heb­ben dan met zijn va­der. Hij kreeg een uit­ge­brei­de op­voe­ding die pas­te bij een prins van ko­nink­lij­ke bloe­de en kreeg on­der­wijs in ta­len, oor­logs­voe­ring, de kun­sten en waar­schijn­lijk re­ge­rings­za­ken. Zijn eer­ste stap­pen op het po­li­tie­ke to­neel zet­te hij in zijn vroe­ge tie­ner­ja­ren, toen zijn va­der hem ge­bruik­te om een al­li­an­tie met de graaf van Bar­cel­o­na te sme­den. Door zijn ver­lo­ving met de doch­ter van de graaf zou hij het lu­cra­tie­ve her­tog­dom van Aquit­anië over­ne­men, dat op dat mo­ment in han­den van zijn moe­der was.

Hoe­wel de ver­lo­ving ui­t­ein­de­lijk tot niets leid­de, was er een pre­ce­dent ge­scha­pen voor Ri­chards er­fe­nis. In 1172 ver­loof­de hij zich met Ali­ce, de doch­ter van de Fran­se ko­ning Lo­de­wijk VII. Om­dat Lo­de­wijk heerste over Aquit­anië, eer­de Ri­chard ko­ning Lo­de­wijk en daar­mee zijn ei­gen broer en troon­op­vol­ger Hen­drik de Jon­ge­re. De An­ge­vij­nen pro­beer­den naar de bui­ten­we­reld eens­ge­zind­heid als fa­mi­lie uit te stra­len, maar de scheu­ren wer­den lang­zaam­aan zicht­baar. Ri­chard had er ge­noeg van om een ma­ri­o­net te zijn die dans­te naar de pij­pen van an­de­ren.

Fa­mi­lie­ve­tes

Hen­drik II had zijn oud­ste zoon Hen­drik de Jon­ge­re al van jongs af aan op­ge­voed als zijn troon­op­vol­ger en hij was het school­voor­beeld van een rid­der­lij­ke prins. Hij was lang, knap en hield van het ver­toon van het toer­nooi. Hij was zelf goed in het steek­spel en dat le­ver­de hem ve­le be­won­de­raars op. De jon­ge Hen­drik was ech­ter ook aal­glad, on­ver­schrok­ken en ij­del – wat mis­schien niet ver­ras­send is voor ie­mand die al­leen maar over­la­den werd met com­pli-

“Het ge­zins­le­ven van de An­ge­vij­nen was op zijn zachtst ge­zegd in­ge­wik­keld.”

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.