BINNENSTEBUITEN

Classic Cars (Netherlands) - - Inhoud - Tekst: Gert Weg­man

Door­kijk­plaat met toe­lich­ting van de BMW M5

In­mid­dels bouwt BMW al­weer de zes­de ge­ne­ra­tie van de M5, maar on­ze fa­vo­riet is toch de twee­de edi­tie. De Su­perf­ün­fer op ba­sis van de E34 was in 1988 de eer­ste 5-se­rie die over de ma­gi­sche 300 pk-grens heen den­der­de. Dat deed-ie niet met een V8 of een V10, maar met een goud­eer­lij­ke zescilinder lijn­mo­tor. Zon­der tur­bo’s, su­per­char­gers of an­de­re mal­lig­heid. Wat de E34 M5 ex­tra in­te­res­sant maakt, is dat BMW M hem nog hand­ma­tig in el­kaar schroef­de. Daar na­men ze per au­to twee we­ken de tijd voor.

De zes-in-lijn (co­de­naam S38) heeft twee bo­ven­lig­gen­de nok­ken­as­sen en vier klep­pen per ci­lin­der. Tot 1992 heeft de mo­tor een in­houd van 3535 cc en le­vert hij 315 pk en 360 new­ton­me­ter. Voor mo­del­jaar 1992 wordt de ci­lin­der­in­houd ver­groot tot 3795 cc en stijgt het ver­mo­gen tot 340 pk. Het kop­pel be­draagt een dui­ze­ling­wek­ken­de 400 Nm. Daar­naast krijgt el­ke ci­lin­der nu een ei­gen bo­bi­ne en komt er een twee­mas­sa­vlieg­wiel. Dat zorgt voor soe­pe­ler draai­ei­gen­schap­pen, maar te­vens voor een min­der di­rec­te gas­res­pons. Niet­te­min knalt de ver­nieuw­de M5 in 5,9 tel­len van 0 naar 100 km/h (was 6,3 se­con­den), om op zijn ge­mak door te den­de­ren tot een (be­grens­de) top van 250 km/h. BMW is trots op de de­cen­te looks van de M5. De au­to kent geen spoi­lers, dif­fu­sers of lucht­hap­pers, en is ei­gen­lijk al­leen her­ken­baar aan de M-bad­ges in de gril­le en op het kof­fer­dek­sel.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.