Crois­sant­deeg

Foodies - - BOEK -

De sleu­tel voor het ma­ken van een goe­de crois­sant is een ge­lij­ke tem­pe­ra­tuur van de bo­ter en het deeg. Dit is es­sen­ti­eel om de mooie laag­jes in het brood­je te krij­gen. In de bak­ke­rij ma­ken we al­le drie de drie­sla­gen ach­ter el­kaar. Maar als je voelt dat het deeg warm be­gint te wor­den en de bo­ter gaat uit­lo­pen, kun je het best plas­tic­fo­lie over het deeg van de eer­ste drie­slag doen en het 30-60 mi­nu­ten weg­zet­ten in de koel­kast. Je her­haalt dit na de twee­de drie­slag. Maar let op! Als je het deeg in de koel­kast zet, be­staat de kans dat de bo­ter kou­der wordt dan het deeg. Dan kan het ge­beu­ren dat de bo­ter barst tij­dens het uit­rol­len van het deeg – en dan zal de bo­ter uit het deeg ko­men tij­dens het af­bak­ken. Een goed uit­ge­rol­de crois­sant her­ken je dus aan de bak­plaat: daar moet na het bak­ken geen bo­ter op zit­ten.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.