Noord en Zuid Ko­rea Uni­ted

Ver­geet Trump en Kim Jong-un; vre­de be­gint op het veld.

FourFourTwo (Netherlands) - - Inhoud - Tekst Chris Flana­gan Fo­to­gra­fie Will Doug­las

Het is waar­schijn­lijk de eer­ste keer dat een Noord-ko­re­aan aan­wij­zin­gen geeft aan Four­fourt­wo om een fo­to te ne­men. Maar de gul­le glim­lach op An Yong-haks ge­zicht zegt ei­gen­lijk al­les. Acht jaar ge­le­den was hij in Zuid-afri­ka en speel­de hij Wk-du­els te­gen Robinho, Cris­ti­a­no Ro­nal­do en Di­dier Drog­ba. Van­daag is de 39-ja­ri­ge in Slough be­zig met een heel an­de­re mis­sie. Hij is spe­ler/ trai­ner van het zo­ge­noem­de Ver­e­nig­de Team van Ko­re­a­nen uit Ja­pan dat deel­neemt aan de CONIFA World Cup, een toer­nooi voor min­der­he­den en sta­te­lo­ze re­gio’s over de he­le we­reld. Zijn ploeg be­staat uit zo­wel Noord- als Zuid-ko­re­a­nen die in har­mo­nie sa­men­spe­len – hoe­wel bei­de lan­den nog al­tijd of­fi­ci­eel in staat van oor­log zijn.

Het is 27 gra­den en de zon schijnt op het Slough To­wn Ar­bour Park wan­neer de spe­lers be­gin­nen aan hun war­ming-up voor hun der­de groeps­wed­strijd te­gen Pan­jab, een En­gel­se ploeg die uit­komt voor de Pun­ja­bi dias­po­ra. De 2018 CONIFA World Cup wordt ge­hou­den in Lon­den en er ne­men zes­tien teams aan deel, waar­on­der Ti­bet, Tu­va­lu, Noord-cy­prus, een elf­tal van Ma­ta­bele­land – een Zim­bab­waan­se re­gio waar de zes­tig­ja­ri­ge Bru­ce Grob­be­laar on­der de lat staat – en gast­heer Ba­ra­wa, de So­ma­li­sche plaats die door En­gel­sen wordt ver­te­gen­woor­digd. De or­ga­ni­sa­tie heeft het zelfs voor el­kaar ge­kre­gen de be­ken­de pop­groep Right Said Fred de of­fi­ci­ë­le toer­nooi­hym­ne te la­ten zin­gen.

“Som­mi­ge spe­lers hui­len nu, maar ik heb ge­zegd dat ze zich de­ze dag de rest van hun le­ven zul­len her­in­ne­ren.”

Vech­ten te­gen tra­nen

Het Ver­e­nig­de Ko­rea uit Ja­pan is sa­men­ge­steld via een aan­tal om­we­gen, na­dat de Ja­pan­se jour­na­lis­te Mo­to­ko Jit­suka­wa in 2014 naar Zwe­den reist voor de eer­ste CONIFA World Cup. “Ik dacht dat een ge­za­men­lijk Ko­re­aans team heel goed bij dit eve­ne­ment zou pas­sen”, zegt ze. Jit­suka­wa is nu dan ook on­der­deel van de de­le­ga­tie. Meer dan 850.000 Ko­re­a­nen le­ven in Ja­pan – een be­hoor­lijk aan­tal. Dat komt door de Twee­de We­reld­oor­log, toen Ja­pan over Ko­rea heerste en veel Ko­re­a­nen naar Ja­pan gin­gen om er te wer­ken. Ja­ren

la­ter, tij­dens de Ko­re­aan­se Oor­log, ver­huis­den nog eens veel Ko­re­a­nen naar Ja­pan.

Ko­re­a­nen staan in Ja­pan be­kend als Zai­ni­chi Ko­re­a­nen. Zij be­gon­nen in 1961 hun ei­gen voet­bal­club. Oor­spron­ke­lijk had­den ze ban­den met een pro-noord-ko­re­aan­se or­ga­ni­sa­tie, die ster­ker wer­den aan­ge­trok­ken toen in 2002 het con­tact tus­sen Noord-ko­rea en Ja­pan ver­min­der­de. Dit ge­beur­de na­dat Noord-ko­rea toe­gaf dat het in de ja­ren ze­ven­tig en tach­tig veel­vul­dig Ja­pan­ners had ont­voerd van­uit Ja­pan. De voet­bal­club, die in To­kio ge­ves­tigd was en zijn wed­strij­den speel­de in de Ja­pan­se re­gi­o­na­le com­pe­ti­tie, werd her­noemd tot FC Ko­rea. “Toen ik te­rug­kwam uit Zwe­den, sprak ik met FC Ko­rea en de trai­ner was ge­ïn­te­res­seerd in dit idee”, zegt Jit­suka­wa. “Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan vroe­gen het Conifa-lid­maat­schap aan en moch­ten zo deel­ne­men aan de 2016 CONIFA World Cup.”

Ab­cha­zië, een af­val­li­ge re­gio in Ge­or­gië, was de plek waar dat WK werd ge­hou­den. Toen de spe­lers werd ge­vraagd een toer­nooi­lied te kie­zen, ko­zen zij voor het num­mer dat aan het be­gin van de twin­tig­ste eeuw werd ge­bruikt door het ver­e­nig­de Ko­rea. “Dat was een van mijn meest emo­ti­o­ne­le mo­men­ten”, zegt ze. “Ik ben geen Zai­ni­chi Ko­re­aan, want ik ben Ja­pans, maar toen ik voor de eer­ste keer het volks­lied hoor­de voor de wed­strijd te­gen Ab­cha­zië, moest ik vech­ten te­gen mijn tra­nen. Ko­re­a­nen wor­den in Ja­pan ge­dis­cri­mi­neerd. Kin­de­ren mo­gen niet naar Ja­pan­se scho­len. In To­kio wordt hen re­gel­ma­tig op straat na­ge­roe­pen: ‘Dood ze!’ Of: ‘Rot op uit Ja­pan!’ Vier jaar ge­le­den was er een heel triest voor­val bij Ura­wa Red Dia­monds, de groot­ste voet­bal­club van Ja­pan. In het sta­di­on sta­ken fans een bord om­hoog waar­op stond: Al­leen Ja­pan­ners. Het was be­doeld voor al­le Zai­ni­chi Ko­re­a­nen op het veld. Ik maak me er nog steeds kwaad over.”

Toen de Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan zich voor de CONIFA World Cup van dit jaar kwa­li­fi­ceer­den dank­zij een 9-0 over­win­ning op Ryukyu, een Ja­pan­se ei­lan­den­groep, werd de be­slis­sing ge­no­men om An Yong-hak uit te no­di­gen als de am­bas­sa­deur van het team. Hij is ge­bo­ren en ge­to­gen in Ja­pan voor­dat hij 37 in­ter­lands speel­de voor Noord-ko­rea en zelfs even voor een Zuid-ko­re­aan­se club uit­kwam.

An werd ge­zien als de per­fec­te man voor de job. Hij stem­de niet al­leen toe het boeg­beeld te zijn, maar trok ook met­een de rol van trai­ner naar zich toe. Hij wil­de zelfs weer zijn voet­bal­schoe­nen uit het vet ha­len om zelf mee te spe­len. “Noord-ko­rea, Zuid-ko­rea en Ja­pan zijn al­le drie heel be­lang­rijk voor me”, zegt hij. “Ik be­schouw ze al­le­maal als mijn va­der­land. Ik was on­der de in­druk van de ge­dach­te van CONIFA – het is een brug tus­sen men­sen uit ver­schil­len­de lan­den van over de he­le we­reld. Dat is de be­lang­rijk­ste re­den om me aan te slui­ten bij dit team. Ik ben er trots op dat ik kan zeg­gen dat ik heb ge­speeld om zo­wel de FI­FA World Cup als de CONIFA World Cup.”

Hij lacht: “Maar bei­de toer­nooi­en zijn ui­ter­aard heel ver­schil­lend.” De­ze keer ver­blijft zijn ploeg na­me­lijk in een stu­den­ten­flat in Co­linda­le in Noord-lon­den, die wordt be­taald door CONIFA. Al­leen al het spon­sor­geld bin­nen­ha­len om het team van­uit Ja­pan te la­ten over­vlie­gen was een he­le uit­da­ging. “Het voet­bal­ni­veau van al­le teams is ab­so­luut niet ver­ge­lijk­baar, maar de mo­ti­va­tie om goed voor de dag te ko­men na­tuur­lijk wél.”

Naar de mij­nen ge­stuurd

“Noord-ko­rea, Zuid-ko­rea en Ja­pan zijn zo be­lang­rijk voor mij. Ze voe­len al­le drie als mijn va­der­land.”

An Yong-hak was tij­dens het WK 2010 in Zuid-afri­ka ba­sis­spe­ler voor Noord-ko­rea, dat was in­ge­deeld in een ij­zer­ster­ke groep met Bra­zi­lië, Por­tu­gal en Ivoor­kust. Noord-ko­rea werd te­gen Por­tu­gal met 7-0 van de mat ge­speeld en ook Ivoor­kust was een maat te groot (3-0), maar van de vijf­vou­dig we­reld­kam­pi­oen ver­loor het met slechts 2-1. On­danks drie ne­der­la­gen is het een er­va­ring die An nooit meer ver­geet. “Het was wer­ke­lijk fan­tas­tisch”, zegt hij. “Sinds ik een klei­ne jon­gen was en vi­deo’s be­keek van het WK, droom­de ik er­van ooit op zo’n groot toer­nooi te spe­len. En mijn droom kwam uit.”

Bij een an­der on­der­werp voe­len wij ons wat on­ge­mak­ke­lijk. Het ver­haal dat het Noord-ko­re­aan­se Wk-team van 2010 ge­straft zou zijn na­dat het zon­der pun­ten te­rug­kwam naar huis: wat is daar­van waar? On­ver­wacht barst An in la­chen uit: “Daar is mij al drie­hon­derd keer naar ge­vraagd. In de kran­ten stond dat de spe­lers en trai­ners naar de mij­nen zijn ge­stuurd om er te wer­ken. Maar het is niet waar en de doel­man die te­gen Por­tu­gal ze­ven doel­pun­ten in­cas­seer­de, is tot op de dag van van­daag nog steeds de na­ti­o­na­le doel­man. Als hij in de mij­nen had moe­ten wer­ken, had hij toch niet meer tus­sen de pa­len ge­staan om de bal­len te­gen te hou­den? Ie­der­een denkt dat Noord­ko­rea een vre­se­lijk land is, maar de re­a­li­teit is an­ders. Be­zoek maar eens Py­on­gyang en be­kijk met ei­gen ogen hoe het er­aan toe­gaat.”

De his­to­rie van het Noord-ko­re­aan­se voet­bal kan niet tip­pen aan die van Zuid-ko­rea, maar de pas­sie voor voet­bal is er niet min­der om, zelfs van de Noord-ko­re­aan­se lei­der zelf. “Kim Jong-un is een groot lief­heb­ber van voet­bal”, be­ves­tigt An. “Hij heeft het voet­bal in Noord-ko­rea een enor­me boost ge­ge­ven.”

De ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan de­den een be­roep op spe­lers van FC Ko­rea tij­dens de 2016 CONIFA World Cup. Dus toen An Yong­hak trai­ner werd, nam hij met­een con­tact op met an­de­re Zai­ni­chi Ko­re­a­nen die hij zelf ken­de en no­dig­de hen uit zich bij het team aan te slui­ten. “Ik her­in­ner me nog goed dat ik hem heb zien spe­len op het WK van 2010”, al­dus aan­voer­der Son Min-che­ol. “Zai­ni­chi Ko­re­a­nen wa­ren blij hem te zien te­gen lan­den als Bra­zi­lië en Por­tu­gal. Hij is een le­ven­de le­gen­de in Ko­rea, dus toen hij mij bel­de kon ik geen nee zeg­gen. Ik moest en zou on­der hem voet­bal­len.”

Min-che­ol komt uit voor Lee Man FC in de Pre­mier Le­a­gue van Hong­kong, maar groei­de op in Ky­o­to in Ja­pan. “Mijn opa is ge­bo­ren in Ko­rea. Tij­dens de Twee­de We­reld­oor­log ver­huis­de hij naar Ja­pan. Ik heb voor het Noord-ko­re­aan­se elf­tal on­der 23 ge­speeld en ook

de trai­nings­kam­pen van het na­ti­o­na­le team mee­ge­maakt, maar he­laas nooit een in­ter­land kun­nen spe­len. De er­va­ring dat ik het net niet heb ge­red, gaf me toch veel ener­gie.”

Min-che­ol ge­bruik­te die ener­gie om suc­ces­sen te be­ha­len met zijn clubs in India en Thai­land, al­hoe­wel hij voor de ve­le rei­zen zijn Noord-ko­re­aans pas­poort moest om­wis­se­len voor een Zuid­ko­re­aan­se. “Ik wil­de er­va­ring op­doen bui­ten Ko­rea en wat van de we­reld zien. Als ik mijn Noord-ko­re­aan­se pas­poort had be­hou­den, was dat een ob­sta­kel ge­weest. Ik be­sprak het met mijn moe­der en ze vond het goed. Ik wis­sel­de het twee jaar ge­le­den om, maar het maakt voor mij niet echt een ver­schil. Het is maar een pa­pier­tje. Ik ben een Noord-ko­re­aan, die in Ja­pan is ge­bo­ren.”

Re­den tot op­ti­mis­me

Ter­wijl de trai­ner en de aan­voer­der van de Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan zich Noord-ko­re­aan voe­len, heeft de meer­der­heid van de ploeg een Zuid-ko­re­aans pas­poort. In veel ge­val­len ver­lie­ten hun fa­mi­lies Ko­rea toen het nog één land was. Min-che­ol hoopt dat het land in de toe­komst weer één ge­heel zal wor­den. De re­cen­te ge­sprek­ken en de ont­moe­tin­gen tus­sen Kim Jong-un en de Zuid­ko­re­aan­se pre­si­dent Moon Jae-in ge­ven hem re­den tot op­ti­mis­me. “Toen ze el­kaar de hand schud­den op de grens tus­sen Noord- en Zuid-ko­rea was dat een mooi mo­ment, echt on­ge­lo­fe­lijk. Ik zag het en voel­de op dat mo­ment zo veel ver­trou­wen dat we ooit weer één land zul­len zijn. We le­ven al te lang ge­schei­den van el­kaar.”

Op zijn 31e en dicht bij het ein­de van zijn ac­tie­ve voet­bal­car­ri­è­re, wordt Min-che­ol ge­vraagd naar zijn hui­di­ge am­bi­ties. “Men­sen zeg­gen me dat ik moet gaan trou­wen,” zegt hij, “maar ik wil echt de jon­ge­re spe­lers van dit team hel­pen. Tach­tig pro­cent van on­ze spe­lers is jon­ger dan 25. An en ik wil­len ze graag hel­pen met on­ze er­va­ring.”

On­der die jon­ge spe­lers be­vin­den zich de twin­tig­ja­ri­ge ver­de­di­ger Kang Yoo-jun, een Zuid-ko­re­aan die mo­men­teel uit­komt voor Mon­roe Mustangs in de VS, en Lee Tong-soung, die eer­der dit jaar naar En­ge­land ver­huis­de. Hij be­gon in sep­tem­ber met zijn stu­die aan de Lough­borough Uni­ver­si­ty en speelt sinds kort voor het non-le­a­gue team Stai­nes To­wn. “He­laas raak­te ik geblesseerd en kon ik maar wei­nig spe­len, maar ik kwam hier om te stu­de­ren en te voet­bal­len”, zegt Tong-soung. “An Yong-hak bel­de me en no­dig­de me uit voor dit toer­nooi. Ik heb veel res­pect voor hem. Dat hij me uit­no­dig­de, maak­te me ge­luk­kig, om­dat mijn ou­de­re broer ook in het team zit en ik nog nooit eer­der met hem had sa­men­ge­speeld. Ik wil graag prof­voet­bal­ler wor­den. Ik ben al ne­gen­tien, dus ik moet ook aan an­de­re ma­nie­ren den­ken, maar dit toer­nooi is een gro­te kans voor mij.”

Ter­wijl bei­de teams aan hun war­ming-up be­gin­nen, drup­pe­len de sup­por­ters het Ar­bour Park sta­di­on, waar twee­dui­zend men­sen in pas­sen, bin­nen. Som­mi­gen stop­pen even bij de mer­chan­di­se­stand om een CONIFA T-shirt te ko­pen. Bij de af­trap is de hoofd­tri­bu­ne aar­dig is ge­vuld, met zo’n vijf­hon­derd man. De meer­der­heid is sup­por­ter van Pan­jab, dat voor­na­me­lijk be­staat uit spe­lers die in de En­gel­se non-le­a­gue uit­ko­men. Zelfs een aan­tal plaat­se­lij­ke in­wo­ners komt een kijk­je ne­men bij dit bij­zon­de­re voet­bal­eve­ne­ment, hoe­wel het na­tuur­lijk niet te ver­ge­lij­ken is met een ech­te FI­FA World Cup. Van­uit de spea­kers klinkt het soms kra­ken­de ge­luid: “Het kan zijn dat we wat pro­ble­men heb­ben met de uit­spraak van som­mi­ge na­men, maar we zul­len ons best doen”, zegt de man ach­ter de mi­cro­foon. De Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan gaan te­rug naar de kleed­ka­mer voor het be­ken­de tac­ti­sche praat­je, ge­volgd door een ge­za­men­lij­ke kreet door de spe­lers. Hun eer­ste twee groeps­wed­strij­den – te­gen West-ar­me­nië en het Al­ge­rijn­se Ka­by­lia – ein­dig­den in 0-0. De op­dracht voor van­daag is dus dui­de­lijk. Ze moe­ten win­nen om door te gaan naar de kwart­fi­na­les. Bij een min­der re­sul­taat zijn ze uit­ge­scha­keld, als der­de in de groep ach­ter West-ar­me­nië en Pan­jab. Het is al de der­de wed­strijd in slechts vier da­gen tijd; een strak sche­ma. Als dat al niet een las­ti­ge op­ga­ve was voor de 39-ja­ri­ge ex-spe­ler en hui­di­ge trai­ner, gooit zijn arm­bles­su­re, een dag eer­der te­gen Ka­by­lia op­ge­lo­pen, wel roet in het eten.

Sym­bool van Noord-ko­rea

De elf­tal­len staan al in het ge­lid voor de volks­lie­de­ren. De voor­zit­ter van de Pan­jab Voet­bal­bond, Har­preet Singh, zingt als eni­ge uit vol­le borst mee. Wan­neer de hym­ne van de Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan klinkt, rent een man naar de voor­ste rij van de hoofd­tri­bu­ne met de Noord-ko­re­aan­se vlag. Dan be­geeft het ge­luids­sys­teem het, waar­bij een deel van het pu­bliek zich af­vraagt of dit al­les was. An­de­ren be­gin­nen te la­chen. Maar de mu­ziek keert snel te­rug en de men­sen gaan nog voor een klei­ne der­tig se­con­den op­nieuw voor het al­ter­na­tie­ve volks­lied staan.

FFT praat nog even met de ei­ge­naar van de Noord-ko­re­aan­se vlag. Hij vraagt met­een wat on­ze be­doe­ling is. We leg­gen uit dat we een ver­haal ma­ken over het team waar hij sup­por­ter van is. “Aha, oké, ik ben al­leen een beet­je ge­ïr­ri­teerd”, geeft hij aan. Hij heet Jo­hn Bon­field, is Spurs-fan en heeft het laat­ste uur voor de wed­strijd aan de bar ge­staan. “Ik ben een paar jaar ge­le­den in Noord-ko­rea ge­weest en had er een fan­tas­ti­sche tijd. Ik heb er he­le aar­di­ge men­sen ont­moet en dacht: ik breng de ploeg hier eens een be­zoek­je. Ik ga vaak op reis naar vreem­de be­stem­min­gen, zo­als Nag­or­no­ka­ra­bakh, dat aan een eer­de­re edi­tie van de CONIFA World Cup mee­deed. Soms be­zoek ik ook wil­le­keu­ri­ge wed­strij­den, zo­als laatst in de Bosni­sche vijf­de di­vi­sie. Toen ik hoor­de dat dit WK in Lon­den werd ge­speeld, wil­de ik er graag naar­toe. Het amu­san­te was dat we van­daag vroeg aan­kwa­men en ie­mand van het Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan-team mij mee de kleed­ka­mer in­sleur­de, waar­na ze ap­plau­dis­seer­den voor mijn T-shirt met het sym­bool van Noord-ko­rea. Toen ik mijn Noord-ko­re­aan­se vlag liet zien, wer­den ze he­le­maal gek. De trai­ner stel­de me zelfs voor aan zijn moe­der. Ze vroe­gen me ook wat ik het mooi­ste vind aan Noord-ko­rea. ‘Het bier’, zei ik.” Op jacht naar de over­win­ning be­gin­nen de Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan niet

“Ik werd mee­ge­sleept naar de kleed­ka­mer van het Ko­re­aan­se team en ze ap­plau­dis­seer­den voor mijn T-shirt.”

al te best aan de wed­strijd. Bin­nen 75 se­con­den krij­gen ze een straf­schop te­gen. Pan­jabs Gur­jit Singh, een aan­val­ler van Rus­hall Olym­pic, kiest dit mo­ment uit om een Pa­nen­kaatje uit de kast te trek­ken. Het blijkt een ver­keer­de keu­ze. Doel­man Shim Woo-dae duikt wel, maar heeft nog ge­noeg tijd om zijn been in de lucht om­hoog te ste­ken waar­mee hij de bal te­gen­houdt. Singh schaamt zich diep. De sco­re blijft 0-0. Met een ice­pack op zijn arm zit trai­ner An Yong­hak langs de kant. Hij schreeuwt de eer­ste helft voort­du­rend aan­wij­zin­gen naar zijn team. De trai­ner van te­gen­stan­der Pan­jab, Reu­ben Ha­zell – die eer­der bij Tran­me­re, Ches­ter­field en Old­ham ver­de­di­ger was – is een stuk rus­ti­ger. Een drum­mer re­gelt de mu­ziek bij de Pan­jab­fans voor­dat een ijs­co­wa­gen vlak bij het veld par­keert, ho­pend op een goe­de ver­koop. Het lijkt in niets op de FI­FA World Cup.

Te­leur­ge­steld maar trots

Bei­de ploe­gen be­gin­nen ver­moeid te ra­ken tij­dens hun twee­de wed­strijd in even­zo­veel da­gen. De Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan zijn op weg naar een der­de pun­ten­de­ling. Tot­dat scheids­rech­ter Da­vid Murp­hy van het ei­land Man be­sluit om Pan­jab op­nieuw een straf­schop toe te ken­nen, met nog der­tien mi­nu­ten op de klok. De­ze keer is het West Auck­land To­wn-aan­val­ler Amar Pu­re­wal die naar de stip loopt. Zijn in­zet in de 2016 CONIFA World Cup-fi­na­le haal­de al­le kran­ten­kop­pen. Toen werd hij neer­ge­zet als de eer­ste Brit die in een Wk-fi­na­le scoor­de sinds Ge­off Hurst in 1966 op Wem­bley. Ook de­ze keer schiet hij raak. Pan­jab leidt met 1-0.

Het team van de Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan moet nu twee keer sco­ren om ver­der te ko­men. Het lijkt er­op dat ze het toer­nooi gaan ver­la­ten zon­der een doel­punt te ma­ken. Tot de 95e mi­nuut, wan­neer Mun Su-hy­e­on van­af zo’n twin­tig me­ter de bal snoei­hard in de bo­ven­hoek schiet. Spurs-fan Jo­hn viert de tref­fer wild met zijn Noor­dko­re­aan­se vlag en Yong-hak stormt het veld in. Hij is zijn arm­bles­su­re ver­ge­ten, als hij de doel­pun­ten­ma­ker om­helst.

Om­dat de bles­su­re­tijd nog niet voor­bij is, gloort er nog een beet­je hoop aan de ho­ri­zon. Maar dan fluit de scheids­rech­ter af en maakt ont­red­de­ring zich mees­ter van de Ver­e­nig­de Ko­re­aan­se ploeg. Som­mi­ge spe­lers zit­ten een­zaam op het veld en an­de­ren bar­sten uit in tra­nen, ter­wijl de bel van de ijs­co­wa­gen naar de ach­ter­grond ver­dwijnt. Het is dui­de­lijk dat de ver­drie­ti­ge spe­lers geen zin heb­ben in een Cor­net­to als ze het vrien­de­lij­ke pu­bliek be­dan­ken voor het ap­plaus. Hun hoop op Wk-glo­rie mag dan voor­bij zijn, maar ze heb­ben nog drie wed­strij­den in de ver­lie­zers­ron­de voor de boeg.

“We zijn te­leur­ge­steld, maar ik ben heel trots op de spe­lers”, zegt Yong-hak. “Ze heb­ben nooit op­ge­ge­ven. Het is een suc­ces om al­leen al hier te zijn en ze heb­ben hier­door veel er­va­ring op­ge­daan. Zij zijn de toe­komst van de Zai­ni­chi Ko­re­a­nen.” Aan­voer­der Min-che­ol knikt in­stem­mend. “Som­mi­ge spe­lers hui­len nu, maar ik heb ge­zegd dat ze zich de­ze dag de rest van hun le­ven zul­len her­in­ne­ren. We heb­ben de we­reld on­ze vecht­lust ge­toond.”

Hoe­zeer de Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan ook droom­den van de eind­ze­ge op dit toer­nooi, hun deel­na­me had meer be­te­ke­nis dan al­leen de re­sul­ta­ten van de wed­strij­den. Het gaat er­om een ge­meen­schap een stem te ge­ven, over de saam­ho­rig­heid van twee lan­den die in staat van oor­log zijn. En het meest van al­les gaat het om hoop.

Of Ko­rea ooit weer één zal zijn? De tijd zal het le­ren. Maar dit team be­wijst dat als er een wil is, er ook een weg is en po­li­tie­ke ver­schil­len kun­nen wor­den over­won­nen. En dat op de weg naar een ge­meen­schap­pe­lijk doel: Noord- en Zuid-ko­re­a­nen die weer sa­men in har­mo­nie met el­kaar sa­men­le­ven. Op het voet­bal­veld zijn ze al ver­e­nigd.

Links­bo­ven Son Min­che­ol is klaar om zijn team in Slough de spe­lers­tun­nel uit te stu­ren. Daar­naast Een gul­le lach bij ex-stai­nes-spe­ler Lee Tong-soung voor de start van het stu­die­jaar af­ge­lo­pen sep­tem­ber. De­ze pa­gi­na Kim Sun-ji be­kijkt met zijn ploeg­ge­noot Choi Gwang-ye­on de tac­tiek, die bij Byun Ye­ong-jang voor hoofd­pijn zorgt.

Fo­to rechts Hong Yun-guk geeft een voor­zet te­gen Pan­jab. Rechts­on­der On­danks de con­stan­te aan­moe­di­gin­gen van trai­ner An Yong-hak en de fa­na­tie­ke aan­moe­di­gin­gen van­af de tri­bu­ne komt het team van de Ver­e­nig­de Ko­re­a­nen uit Ja­pan niet ver­der.

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.