Hoe neem je wortelstekken

Gardener's World (Netherlands) - - Inspiratie -

Me­tho­de voor plan­ten met dik­ke wor­tels, zo­als toort­sen ( oos­ter­se klap­ro­zen, os­sen­tong ( akant ( en zee­kool.

Leg de wor­tels van een plant in de vol­le grond bloot of haal een pot­plant uit zijn pot. Kies wor­tels die jong, licht­bruin en dun zijn, on­ge­veer 5 mm in door­snee.

Ver­wij­der even­tu­e­le haar­wor­tels en snijd de hoofd­wor­tel in stuk­jes. De leng­te van de­ze stuk­jes is niet heel be­lang­rijk, maar als je ze in een kweek­tray plant, maak ze dan zo lang als de tray diep is.

Leg de stek­ken naast el­kaar zo­dat je ont­houdt wat de bo­ven­kant is (de kant die het dichtst bij de wor­tel­hals zat), want on­der­ste­bo­ven groei­en ze niet. Vul

Me­tho­de voor plan­ten met dun­ne wor­tels, zo­als herfstane­mo­nen, vlam­bloe­men en win­ter­har­de ge­ra­ni­ums.

Leg de wor­tels van de plant met een hand­vork bloot. De wor­tels aan de bui­ten­kant van de kluit zijn het sterkst. Je kunt ook met een tuin­vork de com­ple­te kluit op­gra­ven en de bes­te wor­tels dicht bij de wor­tel­hals af­snij­den.

Snijd de wor­tels in stuk­jes van 5 tot 10 cm. Hoe dun­ner de wor­tel, hoe lan­ger de stek moet zijn. Ze dro­gen snel uit, dus wacht niet te lang met plan­ten. Vul de zaai­bak met een meng­sel van leem­hou­den­de pot­grond en plan­ten­kor­rels.

Leg de stek­ken plat op het grond­op­per vlak en duw ze ste­vig aan ter wijl je ze

de kweek­tray met een meng­sel van pot­grond en plan­ten­kor­rels.

Plant in el­ke cel van de tray ver­ti­caal één wor­telstek, zo­dat de bo­ven­kant ge­lijk valt met het op­per­vlak van de pot­grond. Ze zul­len in een zaai­bak net zo snel wor­te­len, maar van­uit een kweek­tray kun je ge­mak­ke­lij­ker op­pot­ten en zul je de wor­tels min­der ver­sto­ren. Na on­ge­veer een maand kun je uit­kij­ken naar de blaad­jes die aan de bo­ven­kant van de stek ont­sprui­ten, maar wacht dan nog een paar we­ken voor­dat je ze op­pot. De nieu­we wor­tels ont­wik­ke­len zich na­me­lijk na de blaad­jes.

horizontaal houdt. Zorg er voor dat ze over de he­le leng te de pot­grond ra­ken. Houd ze op hun plek met een laag­je plan­ten­kor­rels, die vocht vast­hou­den en toch voor goe­de af wa­te­ring zor­gen. Be­giet de pot­grond zo­dat de wor­tels zich goed zet ten, maar ge­bruik al­tijd de fij­ne broes­kop om te voor­ko­men dat er iets weg­spoelt.

De mees­te stek­ken zul­len na on­ge­veer een maand nieu­we blaad­jes langs de bo­ven­kant van de wor­telstek ont­wik­ke­len. Hier­door ont­staat er van­af het be­gin een mooie, vol­le plant. Wacht nog een paar we­ken voor­dat je de stek­ken van el­kaar scheidt en apart op­pot.

tel­hals van de plant zit. Maar als je de stek­ken tij­dens het snij­den net­jes naast el­kaar legt en ze daar­na met­een in de pot­grond zet, is het mis­schien niet no­dig om ze te mar­ke­ren.

Stek­ken moe­ten, af­han­ke­lijk van hun dik­te, tus­sen de 2,5 en 10 cm lang zijn; hoe dun­ner de stek, hoe lan­ger hij moet zijn. Duw de stek zo de pot­grond in dat de bo­ven­kant ge­lijk ligt aan het grond­op­per­vlak. Als de stek vrij dun is, ge­bruik dan een eet­stok­je of een poot­stok om hem in de pot­grond te la­ten zak­ken. Dek af met een laag­je plan­ten­kor­rels en geef ruim

wa­ter. Som­mi­ge tui­niers ra­den aan wortelstekken te be­han­de­len met een schim­mel­we­rend mid­del. Dit is niet no­dig en ook niet wen­se­lijk. Als de pot­grond goed drai­neert en de stek­ken vers en ge­zond zijn en op een goed ge­ven­ti­leer­de, war­me, lich­te plek staan, is de kans op schim­mel heel klein.

De eer­ste te­ke­nen van suc­ces zijn de nieu­we blaad­jes die aan het bo­ven­ste snij­vlak van de wor­telstek ont­sprui­ten. De­ze blaad­jes ko­men al uit voor­dat zich nieu­we wor­tels ont­wik­ke­len, dus wacht na hun ver­schij­ning nog twee of drie we­ken voor­dat je con­tro­leert of zich een nieuw wor­tel­stel­sel heeft ont­wik­keld. Pot de stek­ken dan pas in apar­te pot­ten op. Kweek ze op in een kas (een ver­warm­de kweek­bak is een ze­gen) of in een broei­bak. Geef op­ge­pot­te stek­ken al­tijd een paar maan­den de tijd voor­dat je ze op hun de­fi­ni­tie­ve plek zet, om er ze­ker van te zijn dat ze goed zijn aan­ge­sla­gen.

Wor­tel schie­ten

Ho­ri­zon­ta­le wortelstekken neem je van plan­ten die wor­tels met knob­bel­tjes heb­ben, zo­als herf-

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.