Me­rel van Don­gen

Bij vrou­wen­voet­bal zijn geen hoo­li­gans

NRC Handelsblad - - Voorzijde Pagina -

Tekst Koen Gre­ven Fo­to Mer­lijn Doo­mer­nik

A ls Me­rel van Don­gen (25) een man was ge­weest, dan had ze het wel ge­we­ten. „Dan zou ik als be­ken­de voet­bal­ler ze­ker uit de kast zijn ko­men. Bij ie­de­re gro­te be­we­ging of ge­beur­te­nis hoort een naam. Jac­kie Ro­bin­son was de eerste zwar­te honk­bal­ler in de Ma­jor Le­a­gue, Barack Oba­ma de eerste zwar­te pre­si­dent van de VS. De eerste open­lij­ke ho­mo­voet­bal­ler in het prof­voet­bal zou wat mij be­treft net zo’n bij­zon­de­re sta­tus krij­gen.”

Ho­mo­sek­su­a­li­teit is in 2019 nog al­tijd een ta­boe in het man­nen­voet­bal. In het zich snel ont­wik­ke­len­de vrou­wen­voet­bal is het the­ma na een vrij­wel vol­le­di­ge ac­cep­ta­tie weer wat naar de ach­ter­grond ge­dron­gen. En dat is jam­mer, zegt in­ter­na­ti­o­nal Van Don­gen in de week dat ook op­hef ont­stond over de door con­ser­va­tie­ve chris­te­nen on­der­te­ken­de Nas­h­vil­le-ver­kla­ring. Een ho­mo­fo­be ver­kla­ring die vol­gens haar „kwet­send” is en „on­ge­lijk­heid sti­mu­leert”.

We zit­ten op de bo­ven­ste ver­die­ping van wa­ren­huis El Cor­te Inglés in Se­vil­la, waar Van Don­gen bij prof­club Re­al Be­tis speelt. Ze ver­telt over haar ge­aard­heid en haar af­we­zig­heid bij het door Oran­je ge­won­nen EK van 2017. Ook blikt ze voor­uit op het WK van ko­men­de zo­mer in Frank­rijk en geeft ze haar me­ning over de pro­fes­si­o­na­li­se­ring van het vrou­wen­voet­bal.

Sinds vo­rig jaar woont ze in Se­vil­la sa­men met haar vrien­din en col­le­ga Ana Ro­me­ro. Ze staan bei­den on­der con­tract bij de volks­club. Van Don­gen als ro­buus­te ver­de­di­ger, Ro­me­ro als on­voor­spel­ba­re aan­val­ler. „Wij zijn ge­luk­kig sa­men. Niets of nie­mand staat ons iets in de weg. Het is toch bi­zar dat zo­iets in het man­nen­voet­bal on­voor­stel­baar is?”

Voor Van Don­gen is haar ge­aard­heid nooit een pro­bleem ge­weest. „Ik was een jaar of ne­gen­tien toen ik be­sef­te dat ik wat voor een vrouw voel­de. Ik heb geen se­con­de ge­dach­ten ge­had als ‘mijn god, wat moet ik hier­mee’. Voor mijn ou­ders was het geen pro­bleem dat ik met een meis­je thuis­kwam. Ik voel me ook niet les­bisch, al vind ik het pri­ma als men­sen me zo noe­men. Ik zou nu gok­ken dat ik oud word met een vrouw.”

Toen Van Don­gen als ta­lent­vol­le voet­bal­ler een beurs kreeg om psy­cho­lo­gie aan de Uni­ver­si­teit van Ala­ba­ma te stu­de­ren, in 2012, kwam ze voor het eerst in een we­reld waar­in ho­mo­sek­su­a­li­teit niet zo­maar ge­ac­cep­teerd werd. „Daar in Tus­ca­loo­sa had je nog ech­te red­necks. Tij­dens een les ging het over de leef­tijd waar­op kin­de­ren zou­den we­ten dat ze ho­mo­sek­su­eel zijn. Een jon­gen nam het woord en zei: ‘I know one thing for su­re, if my son is gay, I am go­ing to beat the shit out of him. And if he is still gay af­ter that, we will talk about it.’ Ik ben op­ge­staan en ver­tel­de dat ik ho­mo was. ‘Zeg nu nog maar eens in mijn ge­zicht wat je er­van vindt. En dan gaan wij in dis­cus­sie’, zei ik.” In Ne­der­land zou zij waar­schijn­lijk steun heb­ben ge­kre­gen. Maar daar viel het stil. „Ho­mo­sek­su­a­li­teit was in Ala­ba­ma een ta­boe. Don’t ask, don’t tell. Maar zo ben ik niet. Ik zou zo weer op­staan.”

Meis­jes­droom

Als Van Don­gen in 2015 te­rug­keert naar Ne­der­land, gaat voor haar een ooit on­mo­ge­lijk ge­ach­te droom in ver­vul­ling: ze krijgt een prof­con­tract bij Ajax. „Toen ik als vijf­ja­rig meis­je sa­men met mijn zus­sen op voet­bal ging bij SC Bui­ten­vel­dert, werd daar nog vreemd te­gen aan­ge­ke­ken. Ik wil­de heel graag mee­doen aan open da­gen van Ajax. Dat kon niet. Opeens mocht ik als twin­ti­ger het shirt van Ajax wél aan. Als prof. Dat was een mooi ge­voel. Het is een gro­te over­win­ning dat meis­jes nu ge­woon kun­nen dro­men. Het vrou­wen­voet­bal heeft enor­me stap­pen ge­maakt. Daar moe­ten we trots op zijn en voor blij­ven vech­ten.” Toch blijft Van Don­gen ook re­a­lis­tisch. „Het is heel wat dat de sta­di­ons voor de Oran­jeleeu­win­nen vol zit­ten en de vrou­wen van Ajax voor zo’n drie­dui­zend be­zoe­kers spe­len. Maar er is nog een hoop ama­teu­ris­me. Op in­ter­net is de Ne­der­land­se com­pe­ti­tie nau­we­lijks te vol­gen.”

Als prof van Ajax zet­te Van Don­gen zich naast de fe­mi­ni­se­ring van het prof­voet­bal ook in voor de ho­mo-ac­cep­ta­tie in het man­nen­voet­bal. Ze was één van de boeg­beel­den van het door de KNVB ge­steun­de pro­ject Heroes of Foot­ball, dat de open­heid over sek­su­e­le ori­ën­ta­tie en gen­de­ri­den­ti­teit moet be­vor­de­ren. In no­vem­ber 2016 hield zij een in­druk­wek­ken­de speech bij een con­gres in de Are­na ten over­staan van in­ter­na­ti­o­na­le be­stuur­ders. „Als het om ho­mo-ac­cep­ta­tie gaat zijn de ver­schil­len tus­sen man­nen- en vrou­wen­voet­bal erg groot”, stelt zij . „Vrou­wen­voet­bal had lang het stig­ma van ‘elf pot­ten die te­gen een bal­le­tje trap­ten’, ter­wijl man­nen­voet­bal geen ho­mo­sport zou zijn.”

Ook het pu­bliek ver­schilt bij het man­nen- en vrou­wen­voet­bal. „Bij de vrou­wen zie je geen hoo­li­gans die leu­zen zin­gen”, zegt Van Don­gen. „De druk is min­der groot. Het vrou­wen­voet­bal is een vei­li­ge om­ge­ving om uit de kast te ko­men. Voor een man is het moei­lijk in te schat­ten wat er ge­beurt als hij opeens hét ge­zicht van ho­mo’s in het voet­bal zou wor­den.”

De ho­mo-ac­cep­ta­tie in het in­ter­na­ti­o­na­le voet­bal lijkt in som­mi­ge op­zich­ten zelfs stap­pen te­rug te doen. Ter­wijl in het ver­le­den Ne­der­land­se scheids­rech­ters als Ig­na­ce van Swie­ten en Jo­hn Blan­ken­stein open­lijk uit­kwa­men voor hun ho­mo­sek­su­a­li­teit, ko­men he­den­daag­se prof-ar­bi­ters niet snel meer uit de kast. In een tijd waar­in de pro­fes­si­o­na­li­se­ring van het vrou­wen­voet­bal in een stroom­ver­snel­ling raakt, wil­len coa­ches zich lie­ver niet be­zig­hou­den met een the­ma als ho­mo­sek­su­a­li­teit bin­nen de se­lec­tie. Dat zou af­lei­den in een top­sport­kli­maat.

Dat de groeps­dis­ci­pli­ne bin­nen de groot­ste vrou­wen­sport van Ne­der­land bo­ven al­les ver­he­ven is, bleek al in 2009 toen de toen­ma­li­ge bonds­coach Ve­ra Pauw de in­ter­na­ti­o­nals Clau­dia van den Hei­li­gen­berg en Dy­an­ne Bi­to voor één wed­strijd bui­ten de se­lec­tie hield om­dat ze bij Oran­je on­danks op­mer­kin­gen van de aan­voer­ster met el­kaar ble­ven zoe­nen. Pauw, die lou­ter uit pro­fes­si­o­ne­le over­we­gin­gen haar be­slis­sing nam, werd in de me­dia on­te­recht be­kri­ti­seerd als ho­mo­foob. Tien jaar la­ter wil ze wei­nig over het voor­val kwijt, be­hal­ve dit: „Het was een hier­ä­r­chie­pro­bleem, geen re­la­tie­pro­bleem.”

Van Don­gen, die in haar tijd bij Ajax ver­liefd werd op ploeg­ge­no­te Ana Ro­me­ro, vindt het heel lo­gisch dat bin­nen het prof­voet­bal werk en pri­vé ge­schei­den zijn. „Over het voor­val tus­sen Van den Hei­li­gen­berg en Bi­to weet ik niets”, haast zij zich te zeg­gen. „Dat was voor mijn tijd. Maar ik liep bij Ajax ze­ker niet te koop met mijn re­la­tie. Niet om­dat ik een re­la­tie met een vrouw had, maar om­dat ik het niet pro­fes­si­o­neel vond. Als twee col­le­ga’s bij Shell een re­la­tie met el­kaar heb­ben, ge­dra­gen die zich op de werk­vloer ook te­rug­hou­dend.”

Van haar werk­ge­vers ver­wacht zij niet an­ders. „Ik had het een enor­me af­knap­per ge­von­den als Ajax of Be­tis iets over mijn re­la­tie met Ro­me­ro zou heb­ben ge­post.”

In al­le op­zich­ten ge­luk­kig

Van Don­gen en Ro­me­ro maak­ten vo­rig sei­zoen al­le­bei de over­stap van Ajax naar Re­al Be­tis. Ze wer­den on­af­han­ke­lijk van el­kaar aan het pu­bliek en de pers ge­pre­sen­teerd. „Na­tuur­lijk was het voor ons fijn dat we sa­men naar Span­je kon­den. Maar een­maal bij Be­tis ge­dra­gen we ons als ie­der an­der. Bij uit­wed­strij­den lig­gen we met con­cur­ren­ten uit ons ei­gen team op een ka­mer. En een­maal thuis heb­ben wij pas ons pri­véle­ven.”

Ze voelt zich in al­le op­zich­ten ge­luk­kig, zegt Van Don­gen. „Ik speel op een ho­ger ni­veau dan in Ne­der­land. Ik ver­dien mijn geld als prof­voet­bal­ler. Ik stu­deer psy­cho­lo­gie. En ik woon sa­men met mijn vrien­din. Al­le­maal fan­tas­tisch.”

Hoe an­ders was dat in de zo­mer van 2017. Ter­wijl de Oran­je­vrou­wen van bonds­coach Sa­ri­na Wieg­man op het EK in Ne­der­land een na­ti­o­na­le hy­pe ver­oor­zaak­ten met het win­nen van de ti­tel, be­leef­de Van Don­gen haar moei­lijk­ste mo­men­ten. Als laat­ste speel­ster viel ze bui­ten de se­lec­tie. „Ik kwam laat te­rug van een knie­bles­su­re. Dat speel­de mee. Maar de exac­te be­weeg­re­de­nen van de bonds­coach zal ik nooit te we­ten ko­men. Als ik er nu op te­rug­kijk voelt het als een lit­te­ken waar­mee ik kan le­ven. Ik heb er­van ge­leerd te ge­nie­ten van de weg er­gens naar toe en niet al­les meer op één doel te fo­cus­sen . Want als het dan mis­gaat valt ál­les weg.”

Van Don­gen is in­mid­dels te­rug bij Oran­je. Ze be­hoort tot de se­lec­tie die ko­men­de week naar ZuidAfri­ka af­reist om een oe­fen­wed­strijd te spe­len in de aan­loop naar het WK voor vrou­wen. „Het WK is een prach­tig voor­uit­zicht. En daar zou­den we ons ook kun­nen plaat­sten voor de Olym­pi­sche Spe­len van To­kio in 2020.”

Maar voor Van Don­gen is er dus meer in het le­ven dan voet­bal. „Ik vind het su­per­chill om psy­cho­lo­gie te stu­de­ren. Diep over din­gen na­den­ken vind ik net zo leuk als voet­bal­len.”

Van Don­gen vindt het „best zwaar” om naast het voet­bal te stu­de­ren, maar via de Open Uni­ver­si­teit lukt het best. „Ik heb die uit­da­ging no­dig. Ik volg nu les­sen over psy­cho­lo­gi­sche ge­spreks­voe­ring. De Nas­h­vil­le­ver­kla­ring kwetst en sti­mu­leert on­ge­lijk­heid Zo leer ik pra­ten met men­sen die er­gens last van heb­ben. Voor ie­der­een geldt dat je al­leen op­ti­maal kunt func­ti­o­ne­ren als je je hon­derd pro­cent kunt fo­cus­sen. Ze­ker in de top­sport, waar­bij veel om de­tails draait, is het van groot be­lang dat je geen stress hebt over geld, je kin­de­ren, je huis of je ge­aard­heid.”

Van Don­gen denkt dat in het he­den­daag­se prof­voet­bal nog maar 1 pro­cent van de mo­ge­lijk­he­den wordt be­nut om spe­lers op­ti­maal te la­ten func­ti­o­ne­ren. „Met na­me bij de man­nen is de druk om te pres­te­ren enorm. Ma­na­gers, trai­ners en fans: ie­der­een ver­wacht iets van ze. Het is heel be­lang­rijk dat er bij een club men­sen zijn die pro­fes­si­o­ne­le hulp bie­den bij men­ta­le pro­ble­men. Een ho­mo­sek­su­e­le voet­bal­ler die zijn ge­aard­heid con­stant moet ver­zwij­gen, zal nooit op de top­pen van zijn kun­nen pres­te­ren. Op dat vlak is een we­reld te win­nen.”

Van Don­gen zou best als voor­beeld wil­len fun­ge­ren voor jon­ge­ren die moei­te heb­ben om uit de kast te ko­men, maar aan de an­de­re kant vindt ze het vreemd als an­de­ren haar die rol toe­be­de­len. Ze vraagt zich, zegt ze, vaak af waar de gren­zen lig­gen als het op uit­spra­ken over ho­mo’s aan­komt. „Wat mag je nog roe­pen? Is Johan Derk­sen een ho­mo­ha­ter als hij zegt: ‘Als je een beet­je ka­rak­ter hebt, dan kom je er ge­woon voor uit’? Ik denk het niet. Maar of het een ver­stan­di­ge op­mer­king is vraag ik mij af. Als je thuis als jon­ge ho­mo op de bank zit en er al­les aan doet om het te ver­ber­gen is het dood­eng om zo­iets te ho­ren. Dan klap je mis­schien wel dicht. Maar als ho­mo moet je ook van je af le­ren bij­ten.”

Van een ge­heel an­de­re or­de is de Nas­h­vil­le-ver­kla­ring, vindt Van Don­gen. Daar­in wordt ge­sug­ge­reerd dat het ge­loof „een vol­ge­ling van Je­zus in staat stelt om zon­di­ge ver­lan­gens te do­den”. Hoe­wel Van Don­gen het ge­loof niet aan­hangt, treft het con­ser­va­tief-chris­te­lij­ke pam­flet haar recht in het hart. „Het is ach­ter­haald en zou ei­gen­lijk to­taal ir­re­le­vant moe­ten zijn. En toch raakt het me per­soon­lijk. Ben ik een min­der mens om­dat ik ver­liefd ben op een vrouw? In geen en­ke­le we­reld mag het uit­ma­ken of je van een man of een vrouw houdt.”

Me­rel van Don­gen: „Ik had het een enor­me af­knap­per ge­von­den als Ajax of Be­tis iets over mijn re­la­tie met Ro­me­ro zou heb­ben ge­post.”

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.