We zul­len je mis­sen, me­vrouw­tje Ley­sen

Met haar nieuws­gie­rig­heid, in­tel­li­gen­tie, in­tu­ï­tie, durf en kop­pig­heid heeft Frie Ley­sen over heel de we­reld men­sen ge­ïn­spi­reerd. Jan Goos­sens neemt af­scheid van een cul­tu­reel icoon en een vrien­din.

De Standaard - - Opinie -

Toen het nieuws van Frie Ley­sens over­lij­den (DS 23 sep­tem­ber) me be­reik­te, zat ik iets te eten in de me­di­na van Tu­nis met So­fi­a­ne Ouis­si, een van Fries ar­tis­tie­ke ‘in­ti­mi’ – zo­als ze er over de he­le we­reld had. Sa­men met zijn zus Sel­ma pro­gram­meer­de Frie hem in tal van ste­den: Brus­sel, Bei­roet, Ca­ï­ro. Ze was ook een drij­ven­de kracht ach­ter de eer­ste edi­tie van het stads­fes­ti­val Dream Ci­ty, dat de Ouis­si’s in 2007 op­start­ten, on­der de dic­ta­tuur van Ben Ali. Toe­val­lig had­den So­fi­a­ne en ik res­tau­rant Fon­douk El At­ta­ri­ne uit­ge­ko­zen, in 2007 nog een ru­ï­ne. Op die plek vond Dream Ci­ty ge­deel­te­lijk plaats. ‘Hoe­veel voor­stel­lin­gen Frie hier zag, weet ik niet meer’, zei So­fi­a­ne me, ‘maar zon­der haar was niks er op de­ze ma­nier ge­weest: ons fes­ti­val niet, ons ar­tis­tiek werk niet, zelfs dit res­tau­rant niet.’

Veel men­sen moe­ten zich op dat­zelf­de mo­ment ver­weesd ge­voeld heb­ben: ar­ties­ten, pro­gram­ma­to­ren, cul­tuur­wer­kers uit Brus­sel, heel Eu­ro­pa, maar ook Kaap­stad, Se­oel of Bue­nos Ai­res. Frie in­spi­reer­de, res­pec­teer­de al­leen uit­ge­spro­ken keu­zes, kon on­ge­na­dig be­kri­ti­se­ren en was al­tijd een re­fe­ren­tie. Niet van­we­ge één vi­sie, con­cept of es­the­tiek, want zelfs voor drie ga­ten was ze niet te van­gen. Wel dank­zij de com­bi­na­tie van nieuws­gie­rig­heid, fij­ne in­tel­li­gen­tie en in­tu­ï­tie, durf en kop­pig­heid, die al­tijd leid­de tot vi­ta­le pro­gram­me­rin­gen.

Ze ging door het vuur voor men­sen en pro­jec­ten die ze baan­bre­kend en nood­za­ke­lijk vond, waar ook op de aard­bol, in een­der wel­ke vorm, wars van mo­de, opi­nie, dog­ma of ca­non. Open voor de we­reld, al­tijd moe­dig en on­af­han­ke­lijk, on­voor­waar­de­lijk aan de zij­de van de grens­ver­leg­gen­de kun­ste­naar. Het lijst­je van voor­stel­lin­gen, fes­ti­vals en in­stel­lin­gen die zon­der haar een heel an­der le­ven had­den ge­leid, is schier ein­de­loos.

Met de bil­len half in het wa­ter

Ik had het voor­recht en­ke­le lan­ge reizen met Frie te mo­gen ma­ken. Het was zo dat we echt vrien­den wer­den en dat ik ten vol­le be­sef­te wat een war­me en lie­ve vrouw ze was. Nooit zal ik de tijd ver­ge­ten die we sa­men door­brach­ten in Kins­ha­sa, een klei­ne tien jaar ge­le­den. Met een deel van de KVSploeg spen­deer­den we daar een stuk van de zo­mer. Sa­men met lo­ka­le ar­ties­ten en part­ners or­ga­ni­seer­den we Con­nexi­on Kin, een fes­ti­val van Con­go­lees en Afri­kaans po­di­um­werk.

Frie kwam af, niet zo­maar voor en­ke­le da­gen, maar voor twee we­ken. Ook daar was ze van­af de eer­ste mi­nuut ge­heel en al zich­zelf. Ein­de­loos nieuws­gie­rig ging ze ge­sprek­ken aan met al­le jon­ge the­a­ter­ma­kers en cho­re­o­gra­fen, al­tijd luis­ter­be­reid en no­te­rend. Ge­con­cen­treerd was ze aan­we­zig op ie­de­re re­pe­ti­tie en voor­stel­ling. Ze had De Sin­gel en het Kun­sten­fes­ti­val­des­arts toen al lang ach­ter zich, maar de ur­gen­tie en het en­ga­ge­ment wa­ren nog net de­zelf­de. Niks uit­bol­len, geen spoor van mid­del­ma­ti­ge mild­heid: de lat lag al­tijd even hoog. Wat niet wil­de zeg­gen dat ze geen ple­zier maak­te: ook bij pot en pint was ze ie­de­re avond van de par­tij, met haar gul­le lach en on­af­schei­de­lij­ke si­ga­ret. Liefst van Iraan­se ma­ke­lij, maar ook met lo­ka­le Con­go­le­se va­ri­an­ten ex­pe­ri­men­teer­de ze.

Toen Con­nexi­on Kin er­op zat, en we nog en­ke­le da­gen over had­den, kwam Frie met het voor­stel om de Con­go­stroom over te ste­ken en ar­tis­tiek pools­hoog­te te ne­men in Con­goBraz­za­vil­le. 24 uur la­ter za­ten we met de Zuid-Afri­kaan­se re­gis­seur Brett Bai­ley in een gam­me­le mo­tor­boot, al­le drie met de bil­len half in het wa­ter.

Fas­ten your seat­belts

Het was al­le­maal be­gon­nen in Brus­sel. Meer dan Brus­sel 2000 wa­ren het de eer­ste edi­ties van het Kun­sten­fes­ti­val­des­arts die mij goes­ting ga­ven om in de hoofd­stad aan de slag te gaan. Ze maak­ten me be­wust van het fas­ci­ne­ren­de po­ten­ti­eel van de stad, tus­sen de di­ver­se Bel­gi­sche ge­meen­schap­pen, Eu­ro­pa en de we­reld in. Het was op die snij­lijn dat Frie ging staan, en daar­mee spleet ze een vat van cre­a­tie­ve en po­li­tie­ke ener­gie open. De trans­for­ma­tie van KVS ka­pi­ta­li­seer­de mee

op die dy­na­miek. Van dicht­bij volg­de ze die, aan­dach­tig en be­reid­wil­lig, ook zeer kri­tisch wan­neer no­dig.

Maan­de­lijks pik­te ze voor­stel­lin­gen mee, al­weer met de si­ga­ret in de hand. Als het zaal­per­so­neel of be­zoe­kers haar er­op at­ten­deer­den dat ro­ken ver­bo­den was, wees ze stee­vast naar mij en ant­woord­de dat ‘de di­rec­teur heeft ge­zegd dat het wel mag’. Tal­rijk wa­ren on­ze ren­dez-vous in Bij den Boer op de Vis­markt, ‘on­ze kan­ti­ne’ zo­als we zei­den. Als ze me daar weer even op mijn num­mer wil­de zet­ten, be­gon ze al­tijd met ‘Me­neer­tje Goos­sens’. Fas­ten your seat­belts, wist ik dan. Over de he­le we­reld zul­len col­le­ga’s zich Frie’s ge­ne­ro­si­teit nog lang her­in­ne­ren, maar haar mo­tor was ver­ont­waar­di­ging. Daar­mee ver­zet­te ze tel­kens weer ba­kens en gren­zen.

Ein­de van een tijd­perk

‘Me­neer­tje Goos­sens’ kreeg van Frie vaak de be­lang­rij­ke schop die al­les in be­we­ging zet­te. Na vijf jaar lo­kaal werk in de Bot­te­la­rij in Mo­len­beek zei zij me dat ik drin­gend de we­reld in moest trek­ken, en over de mu­ren van Brus­sel moest kij­ken. Na tien jaar KVS was zij het die me er ge­re­geld aan her­in­ner­de dat het hoog tijd werd om mijn va­lie­zen te pak­ken. Ik hoor­de het niet al­tijd graag, maar ik wist dat ze ge­lijk had. En dat ze al­tijd even streng voor zich­zelf was.

Het wordt soms te snel ge­zegd, maar nu Frie er niet meer is, komt er ook een ein­de aan een tijd­perk. Daar zijn goe­de re­de­nen voor, nu we de eco­lo­gi­sche cri­sis niet meer aan de ho­ri­zon zien op­dui­ken, maar er mid­den­in zit­ten, en met de co­ron­a­pan­de­mie als ul­tie­me ey­e­o­pe­ner. Ook in de po­di­um­kun­sten moe­ten we no­ties als ‘in­ter­na­ti­o­na­li­se­ring’ en ‘mo­bi­li­teit’ ra­di­caal an­ders in­vul­len. Een an­de­re cru­ci­a­le vraag is hoe een ver­an­ke­ring in een ste­de­lij­ke con­text weer fun­da­men­teel deel kan uit­ma­ken van de wer­king van de fes­ti­vals die zich los­zon­gen van hun lo­ka­le ba­sis.

Maar be­lang­rij­ker nog wordt dat we in die trans­for­ma­tie niet ver­lie­zen wat Frie ons 40 jaar lang mee­gaf: dat we zon­der per­soon­lijk­heid, eer­lijk­heid en ra­di­ca­li­teit ver­oor­deeld zijn tot de mar­ge. Me­neer­tje Goos­sens zal je ver­schrik­ke­lijk mis­sen, me­vrouw­tje Ley­sen. En ik zal lang, lang niet de eni­ge zijn.

Het lijst­je van voor­stel­lin­gen, fes­ti­vals en in­stel­lin­gen die zon­der haar een an­der le­ven had­den ge­leid, is schier ein­de­loos

©

Frie Ley­sen in 2006, met haar on­af­schei­de­lij­ke si­ga­ret. Bert Van Den Brou­c­ke/pn

Newspapers in Dutch

Newspapers from Belgium

© PressReader. All rights reserved.