Su­ba­ru XV 1.8T 4WD aut.

Classic Cars (Netherlands) - - Inhoud - Tekst: Jaap Pe­ters • Fo­to’s: Igor Stuif­zand

De won­der­lij­ke Su­ba­ru XT lijkt zo uit een scien­ce fic­ti­on-film uit de ja­ren tach­tig te ko­men. Het ging bij de­ze sport­wa­gen niet eens om ul­tie­me pres­ta­ties. De XT laat voor­al heel mooi zien wat de stand van de tech­niek en de mo­de in de ja­ren tach­tig was.

Wij hou­den van ei­gen­wij­ze mer­ken en dus hou­den we van De be­lang­rijk­ste daad van het merk is dat het com­pleet z'n ei­gen gang gaat. Voor mo­de­trends of hip­pe fea­tu­res in je au­to hoef je bij Su­ba­ru niet aan te klop­pen. Wel voor oer­de­ge­lij­ke, be­trouw­ba­re en door­dach­te tech­niek. De ba­sis­in­gre­di­ën­ten zijn bij el­ke au­tolief­heb­ber be­kend: een boxer­mo­tor en vier­wiel­aan­drij­ving. Waar­om Su­ba­ru met dat laat­ste be­gon, is een bij­zon­der ver­haal. Een Ja­pans elek­tri­ci­teits­be­drijf zocht in 1972 naar een op­los­sing voor hun pro­bleem om in­stal­la­ties op af­ge­le­gen lo­ca­ties en in win­ter­se om­stan­dig­he­den te be­rei­ken. Er werd een prijs­vraag uit­ge­schre­ven en de in­du­strie mocht idee­ën aan­dra­gen. Su­ba­ru, dat al au­to's bouw­de sinds de ja­ren vijf­tig, stel­de een com­pac­te au­to met vier­wiel­aan­drij­ving voor en won de prijs­vraag. Het ging om de Le­o­ne 4WD Sta­ti­on Wa­gon. De twee­de ge­ne­ra­tie van

de­ze au­to kwam ook naar Ne­der­land en heet­te 1600/1800.

Co­lin McRae

Su­ba­ru had de smaak te pak­ken en groei­de uit tot de groot­ste 4WD-per­so­nen­au­to­bou­wer ter we­reld. Geen Su­ba­ru ont­kwam er­aan, zelfs de klei­ne Justy was in de ja­ren tach­tig en ne­gen­tig met vier­wiel­aan­drij­ving te koop. Maar over de Justy gaan we het nu niet heb­ben, en ook niet over de re­cen­te Tre­zia of Leg­a­cy. Zelfs de meest tot de ver­beel­ding spre­ken­de Su­ba­ru van al­le­maal, de WRX, la­ten we links lig­gen. Al is het al­tijd goed om even bij de­ze be­roem­de au­to stil te staan. Me­de dank­zij de ral­ly­suc­ces­sen in het ver­le­den, met on­der meer we­reld­ti­tels voor Co­lin McRae en Pet­ter Sol­berg, heeft de Su­ba­ru WRX een gro­te scha­re lief­heb­bers. In 1993 de­den de Ja­pan­ners voor het eerst echt van zich spre­ken, toen de be­roem­de blau­we Im­pre­za 555 met zijn goud­kleu­ri­ge wie­len en reu­zes­poi­ler zijn de­buut maak­te. Ari Va­ta­nen en Co­lin McRae wa­ren de vas­te rij­ders. Tus­sen 1990 en 2008 haal­de Su­ba­ru 47 over­win­nin­gen in het we­reld­kam­pi­oen­schap ral­ly's en in 1995, 1996 en 1997 werd de con­struc­teurs­ti­tel be­haald. De laag in de au­to ge­plaatste boxer­mo­tor, de gro­te tur­bo en de vier­wiel­aan­drij­ving vorm­den de juis­te mix voor suc­ces.

Su­ba­ru is nog­al be­schei­den over zijn pal­ma­res. Dat is prij­zens­waar­dig, maar ook jam­mer. Op de WRX na, is el­ke Su­ba­ru snel in de ver­ge­tel­heid ge­raakt. En dat ter­wijl je na enig speur­werk echt wel op leu­ke Su­ba­ru's kunt stui­ten. Zo pre­sen­teer­de het Ja­pan­se merk in 1985 de XT. Het was voor Su­ba­ru een mijl­paal: tot hal­ver­we­ge de ja­ren tach­tig had­den ze al­leen au­to's ge­pro­du­ceerd waar­bij de vorm de func­tie volg­de. Dat le­ver­de wei­nig ap­pe­tij­te­lij­ke mo­del­len op, zo­als de Le­o­ne. On­der­tus­sen kwam de Ja­pan­se con­cur­ren­tie met de ene leu­ke sport­wa­gen na de an­de­re op de prop­pen. Toyo­ta had de MR2, Maz­da de RX-7, Nis­san de Sil­via en Hon­da de Pre­lu­de. Met de XT deed Su­ba­ru mee met de mo­de en sprak het

ein­de­lijk een woord­je mee in de ca­te­go­rie van de lief­heb­bers­au­to's.

Scrab­ble

De XT brengt ons met z'n vier­kan­te vor­men recht­streeks te­rug naar Cur­ry en Van In­kel, Spij­ker­hoek en de ex­tra­va­gan­te vi­deo­clips op MTV. Rond was in die tijd uit den bo­ze. Pro­beer maar eens een de­tail te ont­dek­ken dat niet uit scherp ge­te­ken­de lij­nen be­staat. Wij kwa­men niet ver­der dan de wie­len, de uit­laat en het Su­ba­ru-lo­go. Bij de XT kun je el­ke mo­de­gril uit de eigh­ties af­vin­ken. De klap­kop­lamp, een re­li­kwie uit de tijd van Du­ran Du­ran en Fran­kie goes to Hollywood, ont­breekt niet. Net zo min als de en­ke­le rui­ten­wis­ser, die je toen bij veel mer­ken te­gen­kwam. Die ver­dwijnt als hij niet wordt ge­bruikt on­der de mo­tor­kap, wat bij­draagt aan een be­te­re stroom­lijn.

Die stroom­lijn is een be­lang­rijk hoofd­stuk in het XT-ver­haal. In de ja­ren tach­tig draai­de al­les in de au­to­we­reld om een woord waar­mee je veel Scrab­ble-bo­nus­pun­ten kunt sco­ren: de lucht­weer­stands­co­ëf­fi­ci­ënt of Cw-waar­de. Daar­aan werd bij de XT dan ook veel aan­dacht be­steed. Van­daar dat hij voor die tijd een voor­uit­stre­vend ont­werp had. Voor een op­ti­ma­le ae­ro­dy­na­mi­ca wer­den aal­glad­de bui­ten­spie­gels aan­ge­bracht en werd zelfs in de deur­greep een schar­nie­rend klep­je aan­ge­bracht om tur­bu­len­tie te voor­ko­men. Dank­zij de la­ge lig­ging van de flat four boxer­mo­tor, is de neus van de XT heel laag. Al­les stond in het te­ken van een op­ti­ma­le stroom­lijn. De ve­le tests in de wind­tun­nel le­ver­den een Cw-waar­de op van 0,29, een waar­de waar­voor je je te­gen­woor­dig nog al­ler­minst hoeft te scha­men.

Com­mo­do­re 64

Bin­nen­in zet­ten de ja­ren tach­tig zich voort. Als je ie­mand ge­blind­doekt in de au­to laat plaats­ne­men, zal hij di­rect ra­den uit wel­ke tijd de XT komt. Ook in het dash­board zie je over­al scher­pe vou­wen en is er geen af­ge­rond hoek­je te be­ken­nen. Wel­co­me to the Eigh­ties. Er is veel te ont­dek­ken bin­nen in de XT. Kijk al­leen al eens naar de vorm van het stuur. Het asym­me­tri­sche naaf­stuk heeft de vorm van een pi­stool – al­leen de Aus­tin Al­le­gro scoort met zijn vier­kan­te stuur wat ons be­treft nog ho­ger in de ca­te­go­rie 'vreem­de stu­ren'. Aan weers­zij­den zijn sa­tel­lie­ten aan­ge­bracht waar­mee je on­der meer de rui­ten­wis­sers be­dient. Daar­in is Su­ba­ru niet uniek: ook Citroën had in de ja­ren tach­tig tal­rij­ke mo­del­len met sa­tel­liet­be­die­ning. De keu­ze­hen­del van de vier­traps au­to­maat heeft de vorm van de joy­stick waar­mee

des­tijds com­pu­ter­spel­le­tjes wer­den ge­speeld op de Com­mo­do­re 64 of Ata­ri. Ove­ri­gens was de XT ook 'ge­woon' met een hand­ge­scha­kel­de vijf­bak te koop. Om de fu­tu­ris­ti­sche sfeer com­pleet te ma­ken, kon je de XT met een di­gi­taal in­stru­men­ta­ri­um be­stel­len. On­ze au­to heeft he­laas een re­de­lijk ge­woon ogend ana­loog klok­ken­spel. In het mid­den van het clus­ter is wel een boord­com­pu­ter ge­plaatst, waar­in je on­der meer in­for­ma­tie kunt af­le­zen over de aan­drij­ving van de wie­len.

Su­ba­ru is geen merk dat zo'n vorm­ge­ving al­leen voor de sier be­denkt. De XT zit door­dacht in el­kaar. Zo is de ge­he­le stuur­ko­lom – in­clu­sief in­stru­men­ten­clus­ter! – in hoog­te ver­stel­baar om de in­stap te ver­ge­mak­ke­lij­ken. Het gro­te uit­neem­ba­re zon­ne­dak was toen al voor­zien van een wind­ge­lei­der, die er­voor zorg­de dat de wind keu­rig bui­ten het pas­sa­giers­ge­deel­te bleef. Nog zo'n bij­zon­der­heid is de lucht­ve­ring: met een druk op de knop kun je de car­ros­se­rie wat ver­ho­gen, zo­dat je ook op een mod­de­ri­ge weg met de XT uit de voe­ten kunt. Bij een snel­heid boven de 80 km/h zakt de car­ros­se­rie au­to­ma­tisch weer in zijn ou­de po­si­tie. Te­gen­woor­dig kun je zo'n sys­teem op­ti­o­neel bij de du­re mer­ken be­stel­len, Su­ba­ru bood het der­tig jaar ge­le­den al stan­daard aan. En – hoe ty­pisch – de lucht­ve­ring van de XT waar­mee wij rij­den, func­ti­o­neert nog al­tijd naar be­ho­ren.

IHI-tur­bo

De 1,8-li­ter­mo­tor was voor die tijd hy­per­mo­dern. Een com­pu­ter re­gel­de de ont­ste­king en zorg­de voor de brand­stofin­spui­ting. Het wa­ter­ge­koel­de blok met een bo­ven­lig­gen­de nok­ken­as voor bei­de ci­lin­der­ban­ken is van alu­mi­ni­um

en heeft mul­ti­point in­jec­tie. Het Ja­pan­se merk IHI le­ver­de de tur­bo. Niet dat de XT een ral­ly­ka­non is: 136 pk is zelfs voor de ja­ren tach­tig vrij be­schei­den. Ver­wacht van de XT dan ook niet dat hij de ste­nen uit de straat trekt, ze­ker niet als je de ver­sie hebt met de au­to­maat. Bij ho­ge toe­ren­tal­len hoor je een mooie rof­fel van de boxer­mo­tor, al is het geen in­tens ge­luid. Het geeft de XT wel nét dat tik­je spor­tief ka­rak­ter. De au­to was bui­ten Eu­ro­pa ove­ri­gens ook le­ver­baar met de­zelf­de mo­tor zon­der tur­bo, die het tot 97 pk schop­te. Een zes­ci­lin­der met 145 pk ging even­eens aan Eu­ro­pa voor­bij en bleef voor­be­hou­den aan de Ver­e­nig­de Sta­ten.

Het sneue is dat de XT geen suc­ces werd voor Su­ba­ru. Doet het merk ein­de­lijk iets vreemds, staat nie­mand er­om te sprin­gen. Zelfs in thuis­land Ja­pan wer­den in de zes jaar dat de au­to in pro­duc­tie was, maar iets meer dan 8000 exem­pla­ren ver­kocht. Te­gen­woor­dig is de span­ning in het Su­ba­ru-gam­ma ver te zoe­ken. De eni­ge au­to die in de buurt komt van de XT, is de BRZ. Maar de­ze au­to is, hoe­wel hij leuk rijdt, een ko­pie van de Toyo­ta GT86 en lang niet zo in­ven­tief als zijn ver­re voor­va­der. De XT is na der­tig jaar bij­na uit­ge­stor­ven. Jam­mer, hij had met al zijn slim­me de­tails een be­ter lot ver­diend.

In Ne­der­land heb­ben nog vijf XT's

een gel­di­ge APK. Het eni­ge ron­de de­tail aan de ach­ter­kant

van de XT is de uit­laat­pijp.

Su­ba­ru XV 1.8T 4WD aut.

Pre­sen­teert Su­ba­ru ein­de­lijk een ge­waag­de au­to, blijkt dat nie­mand

er­om staat te sprin­gen.

Niet al­leen Citroën le­ver­de in de

ja­ren tach­tig au­to's met hy­dro­pneu­ma­ti­sche ve­ring, Su­ba­ru ook!

Dit was het top­punt van fu­tu­ris­me in de ja­ren tach­tig, en ei­gen­lijk nog steeds wel. Let op de ve­le de­tails: het pi­stool­vor­mi­ge, asym­me­tri­sche stuur, de ver­snel­lings­pook in joy­stick-vorm en de sa­tel­liet­be­die­ning.

De XT zit vol met de­tails uit de tijd van Du­ran Du­ran en Fran­kie goes to Hollywood.

De klap­kop­lamp was ty­pisch voor Ja­pan­se sport­wa­gens in de ja­ren tach­tig.

www.mai­kel­de­mun­nik.nl

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.