Opel Ascona A in Ascona

Classic Cars (Netherlands) - - Inhoud - Tekst: Ste­fan Mie­te, Mark van Som­me­ren • Fo­to’s: Jo­chen Fa­ber

We gaan met de Opel Ascona A naar de plaats waar­aan hij zijn naam ont­leent. Op naar het Zwit­ser­se Ascona, aan het ma­gi­stra­le La­go Mag­gio­re.

In de ja­ren ze­ven­tig was al­les an­ders. Meu­bels had­den nog geen Scan­di­na­vi­sche na­men zo­als Lof­ta­ham­mar, Väster­vik of Björnsholm en je hoef­de ze niet in kar­ton­nen do­zen naar huis te ver­voe­ren om ze daar zelf in el­kaar te zet­ten. In plaats daar­van ging je naar een meu­bel­win­kel en kocht je een ei­ken­hou­ten bank­stel, dat ver­vol­gens 40 jaar mee­ging. In de bios­coop hoor­de je Phi­lip Bloe­men­dal in heer­lijk ar­cha­ïsch Ne­der­lands het Po­ly­goon­jour­naal voor­le­zen. Op 28 ok­to­ber 1970 pre­sen­teer­de Opel zijn nieu­we mid­den­klas­ser, die Ascona werd ge­doopt. De au­to pas­te pre­cies tus­sen de Ka­dett B en de Re­kord C. Hij was niet te groot en niet te klein, niet te duur en ook niet te goed­koop. Ge­woon een de­ge­lij­ke au­to zon­der op­smuk, pas­send bij het ima­go van Opel in die tijd. We ho­ren Phi­lip al spre­ken: “De au­to­fa­bri­kant uit Rüs­sels­heim to­ver­de weer een fraaie au­to­mo­biel uit de ho­ge hoed. Me­nig va­der zal on­ge­twij­feld smach­tend door de kleur­rij­ke bro­chu­re bla­de­ren. Door hard te wer­ken en spaar­zaam te zijn, kan hij zich met­ter­tijd wel­licht toch zo'n Teu­toon­se mid­den­klas­ser ver­oor­lo­ven.”

Tun­nel­vi­sie

We zijn on­der­weg naar het kan­ton Tes­sin in Zwit­ser­land. Daar ligt de stad waar­naar de Ascona is ver­noemd. Wie te­gen­woor­dig naar het klei­ne kuur­oord op de noord­oe­ver van het La­go Mag­gio­re rijdt, kan met een beet­je ge­luk lek­ker door­rij­den. Tus­sen 1970 en 1980 werd de 17 ki­lo­me­ter lan­ge Got­t­hard­tun­nel aan­ge­legd. Daar­door hoef je niet meer over de 2106 me­ter ho­ge pas. Het scheelt veel tijd, maar je mist de mooie ver­ge­zich­ten. Des­tijds was de pas in de win­ter meest­al on­be­gaan­baar. Het aan­tal Ascona’s dat zich er­gens ter hoog­te van de Schö­l­le­nen­schlucht in­ge­gra­ven heeft, is niet be­kend. Het zul­len er vast veel zijn ge­weest. Ach ja, het is de ro­man­tiek van het au­to­rij­den die al lang ver­dwe­nen is.

Het ge­demp­te licht van de tun­nel maakt plot­se­ling plaats voor dag­licht. We ver­la­ten de tun­nel en be­gin­nen aan het laat­ste deel van de reis naar het La­go Mag­gio­re. Het is

Pro­me­na­de in Ascona, aan de noor­de­lij­ke

oe­ver van het La­go Mag­gio­re. Op in­ter­net is de Opel Ascona po­pu­lair­der dan het plaats­je Ascona.

bui­ten 10 gra­den war­mer dan toen we de Got­t­hard­tun­nel aan de noord­zij­de in­re­den. Van­af hier wordt er Ita­li­aans ge­spro­ken en heet het kan­ton Ti­ci­no. De Mon­te Ve­rità, die vlak­bij Ascona ligt, kan elk mo­ment op­doe­men. Zou­den de in­wo­ners van het stad­je het nog leuk vin­den om een ech­te Opel Ascona te zien rij­den? Of zou­den de di­ver­se Opel-clubs hier zo vaak heen­rij­den dat de be­wo­ners het wel een keer ge­zien heb­ben?

Zeu­ren­de Zwit­ser

Voor­dat we Ascona bin­nen­rij­den, ne­men we op Ita­li­aan­se wij­ze een ro­ton­de. De Ascona 1.6 S heeft een mo­tor­ver­mo­gen van 80 pk en hij weegt nog geen 1000 ki­lo. Dat le­vert leu­ke rij­ei­gen­schap­pen op. We rij­den de ro­ton­de drie­kwart rond, draai­en het stuur naar rechts en snij­den een Fi­at Grand Pun­to af. Dan zijn we in Ascona, een plaats­je zo­als je er zo­veel langs het La­go Mag­gio­re ziet. Er zijn palm­bo­men, ole­an­der­strui­ken en ter­ras­sen, en je zoekt je een on­ge­luk naar een par­keer­plek. We par­ke­ren de Ascona vlak­bij de pier tus­sen een Ma­se­r­a­ti en een Lam­borg­hi­ni en be­stel­len kof­fie op een ter­ras. Op het Pi­az­za Gi­u­sep­pe Mot­ta wor­den we aan­ge­spro­ken door een man. “Tel­kens wan­neer ik op YouTu­be Ascona in­typ, ver­schij­nen er eerst film­pjes van die ou­de Opel”, klaagt hij. Een zeu­ren­de Zwit­ser. Al­le voor­oor­de­len wor­den be­ves­tigd.

Toch blijkt de zeu­ren­de Zwit­ser een Opel­lief­heb­ber: hij rijdt zelf in een Sig­num. Dat is, met wat goe­de wil, een ver­re op­vol­ger van de Ascona. Na drie ge­ne­ra­ties maak­te de Ascona in 1988 plaats voor de Vec­tra. De Sig­num was op de Vec­tra ge­ba­seerd. Ster­ker nog, ei­gen­lijk had de­ze au­to de sta­ti­on­wa­gon

van de Vec­tra moe­ten wor­den, met een lan­ge­re wiel­ba­sis. Dat ge­beur­de niet: er ver­scheen een 'ge­wo­ne' Vec­tra Ca­ra­van en de Sig­num werd ge­pre­sen­teerd als de op­vol­ger van de chi­que­re Ome­ga. Die ho­ge am­bi­ties wer­den niet waar­ge­maakt. De In­sig­nia los­te in 2008 zo­wel de Vec­tra als de Sig­num af.

Geen frat­sen

Bij de Ascona ligt de mo­tor voor­in en wor­den de ach­ter­wie­len aan­ge­dre­ven. Span­nend is de au­to niet. No-non­sen­se, maar wel be­trouw­baar. We rij­den ver­der door het klei­ne plaats­je, waar je aan het wa­ter 9 eu­ro be­taalt voor een caf­fè lat­te en 6 eu­ro voor een fles mi­ne­raal­wa­ter. Maar de zon schijnt op de mooie ro­de da­ken en het uit­zicht is prach­tig. De Ascona komt nog uit een tijd waar­in au­to's niet te breed wa­ren, zo­dat je hem mak­ke­lijk door de smal­le straat­jes kunt stu­ren. Met zijn leng­te van 4,18 me­ter is de Ascona on­ge­veer 20 cen­ti­me­ter kor­ter dan de hui­di­ge Astra, ter­wijl hij zelfs 25 cen­ti­me­ter smal­ler is.

De 1,6-li­ter kor­te­slag­mo­tor (bo­ring x slag: 85,0 x 69,8 mm) le­ver­de voor zijn tijd pri­ma pres­ta­ties. In 14,5 se­con­den sprint­te hij van 0 naar 100 en niet veel la­ter be­reik­te hij zijn top­snel­heid van 153 km/h. Hoef­de het al­le­maal niet zo snel, dan kon je kie­zen voor de Ascona 16 met 68 pk. We rij­den langs het meer naar Ita­lië, dat slechts en­ke­le ki­lo­me­ters ver­der­op ligt. Dat be­te­kent fi­le­rij­den, zo­als zo vaak in pit­to­res­ke kust­plaats­jes. Daar­bij merk je dat de Zwit­sers in het zui­den al Ita­li­aan­se trek­jes gaan krij­gen: bum­per­kle­ven is tot kunst ver­he­ven. Beet­je jam­mer. We ma­ken een nieuw plan en gaan via de ber­gen naar het zui­den.

Wei­nig ki­lo­me­ters

Op de tel­ler van on­ze iets meer dan veer­tig jaar ou­de Ascona staat zo’n 20.000 ki­lo­me­ter. Het ori­gi­ne­le ser­vi­ce­boek­je ligt nog op zijn plek bij de voe­ten van de voor­pas­sa­gier. We bla­de­ren er­door­heen. Des­tijds was een half jaar of 10.000 ki­lo­me­ter ga­ran­tie nor­maal voor een nieu­we au­to. Het is tijd voor de te­rug­reis. Met een kof­fer­ruim­te die net zo groot is als die van een Mercedes S kun je wel wat fles­sen Mer­lot del Ti­ci­no mee­ne­men. Dat doen we dan ook. In 1970 dronk je de fles op voor­dat je ging rij­den, iets wat nu (ui­ter­aard) on­mo­ge­lijk is. We be­wa­ren hem maar voor als de win­ter­de­pres­sie de kop op­steekt.

Het doel van de mis­sie.

Het lijkt wel Ita­lië, maar Ascona ligt in Zwit­ser­land.

On­danks zijn com­pac­te af­me­tin­gen is de Ascona A een rui­me au­to.

Geen frat­sen: de klok­ken zijn ge­mak­ke­lijk af­lees­baar, het hout op het dash­board is nep.

Wat zou­den de in­wo­ners van Ascona

van de Ascona vin­den? In de kof­fer­ruim­te van de Ascona is plaats voor 560 li­ter Mer­lot Del Ti­ci­no. Proost!

Ascona 16 S: ge­laagd glas en

ver­stra­lers zijn op­ti­o­neel.

Span­nend is de Ascona niet,

wel be­trouw­baar.

Ascona A in ral­ly­uit­voe­ring (Groep 1B)

Chris­ti­an Geist­dör­fer, ral­ly­rij­der Met de Ascona trad een voor Opel nieuw tijd­perk aan. De au­to bood veel bin­nen­ruim­te, hij le­ver­de goe­de pres­ta­ties en had een mo­dern de­sign. In 1973 kocht ik een Ascona A in ral­ly-uit­voe­ring. Het was een ste­vi­ge au­to, die mak­ke­lijk te on­der­hou­den was en goed te rij­den. Toen­ter­tijd reed vijf­tig pro­cent van de deel­ne­mers aan een au­to­sport­eve­ne­ment in een Opel. Sa­men met Walter Röhrl won ik in een Ascona B 400 het we­reld­kam­pi­oen­schap ral­ly in 1982.

De 1,6-li­ter vier­ci­lin­der is nog steeds een le­ven­di­ge mo­tor.

Man­ta A, het spor­tie­ve broer­tje van de Ascona

Er­hard Sch­nell, be­den­ker van de Man­ta De Man­ta en de Ascona heb­ben tech­nisch veel ge­meen, maar moesten toch veel van el­kaar ver­schil­len. De Man­ta was een te­gen­han­ger van de Ford Capri. Hoe­wel veel per­so­neels­le­den van Opel hun pen­si­oen ver­diend heb­ben met het pro­du­ce­ren van de Ascona, was het geen au­to voor pen­si­o­na­do’s, maar een mo­dern ver­voers­mid­del. Dat is ook de re­den waar­om we meer dan 2,24 mil­joen exem­pla­ren van de Ascona A, B en C heb­ben ver­kocht.

www.mai­kel­de­mun­nik.nl

Newspapers in Dutch

Newspapers from Netherlands

© PressReader. All rights reserved.